Afgelopen woensdag werd bekend dat de Noorse parlementariër Snorre Valen WikiLeaks heeft voorgedragen voor de Nobelprijs voor de Vrede. Als reden geeft Valen aan dat WikiLeaks ‘bijdraagt aan de wereldwijde strijd voor mensenrechten, democratie en vrijheid van meningsuiting’. Jammer genoeg maakt hij, en met hem vele anderen die de acties van WikiLeaks toejuichen, een grote fout. Namelijk: niet het vele is goed, maar het goede is veel. Het wordt tijd dat WikiLeaks echt gaat bijdragen aan een vredige wereld.
WikiLeaks is een ‘non-profit media organization’, zoals op haar website vermeld staat. Het doel is ‘het openbaar maken van belangrijk nieuws en informatie’. Dit door op een ‘innovatieve, beveiligde en anonieme wijze onze journalisten informatie te laten lekken’. Als men spreekt over ‘onze journalisten’, bedoelen ze de klokkenluiders die hun informatie met de buitenwereld delen. Tot zover nog niet echt schokkend nieuws. Sterker nog, het kan juist goed zijn voor de transparantie als mensen niet-ethische bezigheden binnen logge organisaties willen aankaarten. In Nederland kennen we meerdere voorbeelden, denk aan de bouwfraude, waarbij klokkenluiders het voortouw namen. Het zette de bouwwereld op z’n kop, maar als samenleving waren we maar wat blij dat na het openbaren van de documenten het moeilijker werd om prijsafspraken te maken.
In de afgelopen weken plaatste WikiLeaks honderdduizenden diplomatieke documenten vrij op het internet. Documenten die van de Amerikaanse overheid in Washington naar ambassades over heel de wereld zijn gestuurd. Een gigantische hoeveelheid informatie, waarbij de gevolgen van het openbaar maken eveneens gigantisch zijn. Door deze ‘vrijheid van meningsuiting’, zoals velen het noemen, hebben Amerikaanse diplomaten over de hele wereld nu een hoop uit te leggen aan lokale overheden en staan vele verhoudingen onder druk. En als het doel was om de wereld een stukje beter te maken, zou er nog iets voor te zeggen zijn. Echter, in het geval van WikiLeaks lijkt het meer op rücksichtslos het braafste jongetje van de klas spelen en met het vingertje te wijzen naar allerlei instanties en organisaties, zonder achtergrondinformatie bekend te maken wat de aanleiding voor dergelijke misstanden was.
Moet heel de wereld weten dat Merkel wordt bestempeld als ‘risicomijdend en zelden creatief’? Of dat Amerikaanse kernwapens opgeslagen zijn op Vliegbasis Volkel? (Dat Nederland Amerikaanse kernwapens zou hebben en deze zeer waarschijnlijk zijn opgeslagen in Volkel, is het best bewaarde openbare geheim. Maar nu weten we het definitief, zoals blijkt uit een brief naar de Amerikaanse ambassade in Den Haag.) Dat dit laatste nu bekend is, is vanuit veiligheidsoogpunt overigens zeer kwalijk.
Wat eveneens opvalt is dat partijen die in de Tweede Kamer het hardst opkomen voor de privacy van diverse gegevens, nu geen enkele moeite lijken te hebben met de schending van de privacy van de Amerikaanse overheidsfunctionarissen. Is het nou heel gek om bepaalde documenten niet openbaar te maken? Ik wil de eerste politieke partij nog wel zien die met liefde zijn notulen van fractievergaderingen openbaar maakt voor alle Nederlanders. Eens kijken hoe er dan over transparantie gedacht wordt. Het functioneren van veel organisaties, zeker overheden en diplomatieke functionarissen, staat of valt bij het voeren van besloten gesprekken. Hoe kan je als alles op straat ligt nog een werkbare strategie handhaven?
Juist hierin zit het probleem van WikiLeaks. De wereld probeert – ja, ook in het geheim achter de schermen – haar werk te doen. En dan komt er een actiegroep die denkt dat het goed is om allerlei geheime zaken te openbaren. Daarbij de diplomatieke verhoudingen onder druk zettend en een risico vormend voor de wereldvrede. En dat allemaal vanwege het recht op de vrijheid van meningsuiting?
Het is hoog tijd dat WikiLeaks de vrijheid van meningsuiting op een andere manier gaat benaderen. Het is een journalistieke plicht om te kijken of je met het vrijgeven van bepaalde documenten echt bijdraagt aan het oplossen van de misstand, zoals bijvoorbeeld bij de bouwfraude wel het geval was. WikiLeaks moet juist meer oog hebben voor de wereldvrede, in plaats van onbezonnen gevoelige informatie bekendmaken, waardoor landen en functionarissen in veiligheidsproblemen komen. Je moet wel alles kunnen zeggen, maar niet alles willen zeggen. Ik hoop dat de tendens om alles maar te moeten openbaren snel gekeerd wordt. We verliezen er meer mee dan we winnen. Om van wereldvrede maar te zwijgen.






Veel van wat WikiLeaks publiceert heeft inderdaad totaal geen nieuwswaarde (zoals de mening van een diplomaat over Merkel), en uiteraard hoef je niet alle vertrouwelijke overlegstukken bekend te maken.
Maar stel nu dat WikiLeaks dat soort randzaken zou weglaten en alleen de meest ‘spectaculaire’ stukken zou publiceren: stukken waaruit blijkt dat landen achter de schermen een ándere politiek voeren dan vóór de schermen (er zijn hiervan vooral veel voorbeelden op het MO-dossier). Is het dan niet hoogst relevant om dit wèl te weten? Het lijkt mij dat in die situaties de werkelijke bedreiging is dat die zaken gebeuren, niet dat iemand dat aan het licht brengt.
Dank voor je stuk. Heel aardig om weer even een tegengeluid te horen.
Wat ik een interessante tendens vind is dat het wantrouwen in de maatschappij en de politiek afneemt en Wikileaks is daarvan een symptoom.
We vertrouwen de zelf gekozen politici blijkbaar niet, dus willen we alles zien via Wikileaks. Maar dit is ook te zien in andere zaken: Neem de OV-kaart. Natuurlijk is het vreemd dat die zo makkelijk te kraken valt; maar er wordt nu gepraat alsof de burger niet meer zal willen betalen voor de OV en geen ethisch besef meer heeft. Politici worden bekritiseerd en worden bijna gedwongen te zeggen: ‘Sorry jongens, dat we de Nederlandse bevolking vertrouwde, dat was stom natuurlijk.’
We moeten deze liedtekst maar op Delfstblauwe tegeltjes verspreiden.
‘Als je mekaar niet meer vertrouwen kan
Waar blijf je dan, zo is het toch meneer
Als je mekaar niet meer vertrouwen kan
Dan blijf je nergens meer, he jongen?’
De bijdrage van Robert Heij is werkelijk de wereld op zijn kop.
Wikileaks maakt het mogelijk om voor “klokkeluiders” een platform te hebben. Deze klokkenluiders hebben toegang tot informatie die ze aan de kaak willen stellen.
Als we Wikileaks niks vinden, dan moeten we ook maar de kranten opzeggen, journalisten naar huis sturen en dan leven we voortaan weer een in een aristocratie.
Laten we wel wezen: het is toch vreemd dat een amerikaanse soldaat zoveel geheime stukken kan downloaden en publiceren? Dat is een probleem dat de Amerikanen hebben onderschat.
Als een officier van justitie een strafdossier in de trein laat liggen en een journalist vindt dit, of krijgt dit toegespeeld, dan kan dat dus worden gepubliceerd. Iedereen moet weten dat de digitalisering er is, en deal with it!
Don’t blame the messenger!
Hele interessante column. Het is helaas zo dat iedereen als een kip zonder kop achter Assange aanrent, maar wat als sommige zaken beter in het verborgene kunnen blijven? Het is voor de werking van de internationale diplomatiek noodzakelijk dat mensen vertrouwelijk (en dus eerlijk) met elkaar kunnen communiceren.
En bovendien, zijn de “onthullingen” nou zo interessant? Het betreft in de meeste gevallen de meningen van diplomaten. In de meeste gevallen is wat ze zeiden toch al een publiek geheim.