Waar is de discussiecultuur?

zwijgen_159982h
17.08.2011 |

Recentelijk zet mijn onderzoek naar de historie van de RPF, een van de twee voorlopers van onze partij, me weer eens aan het denken. Op vergaderingen van die partij in de jaren tachtig en negentig werd vaak flink gedebatteerd. Een van de prominentste debaters was in die tijd (en is nu nog) Kees Smits. Hij sprak bij de oprichting van de ChristenUnie de vrees uit dat het debat gesmoord zou worden en het congres een applausmachine. Moeten we anno 2011 constateren dat hij gelijk heeft gekregen?

De jaren negentig zijn jaren waarin vaak werd geschreven over de veranderingen in onze partijendemocratie: we gingen van verzuilde partijen naar catch-all partijen, massabewegingen. De machinerie van socialistische, liberale en confessionele partijen met een netwerk van lokale en provinciale afdelingen is aan corrosie onderhevig. Bart Tromp schreef in Trouw over het Greenpeace-model. Dat wil zeggen, een kleine groep zichzelf recruterende politici maakt de dienst uit en de achterban functioneert vooral als klapvee. Als je er nu naar kijkt, zie je dat Geert Wilders’ PVV bijna een karikatuur is van dat concept: er is één zichzelf recruterende politicus en het vee krijgt de kans niet om te klappen, maar mag wel op de partij stemmen. Is de ChristenUnie niet ook teveel die kant op gegaan?

De genoemde corrosie is in ieder geval duidelijk zichtbaar in de ChristenUnie. Om te beginnen, zijn lokale afdelingen vaak weinig levendig, op een paar uitzonderingen na. Soms is er slechts met grote moeite iemand te vinden die bereid is met stemkaart in de hand naar een Uniecongres te gaan, om mee te beslissen over moties en voorstellen. Niet voor niets gaan er stemmen op om die structuur te veranderen en over te stappen naar een ‘ledenpartij’, een structuur waarin elk individueel lid over over kan meestemmen. Jonathan van Tongeren schreef hier al eens zeer kritisch over. Ik vraag me af of dat de interne discussiecultuur zal verbeteren, maar het is een poging waard.

In de archieven zie ik dat het bestuur van de ChristenUnie rond 2000 na zat te denken hoe men ervoor kon zorgen dat mensen als Smits en de in oude RPF-kringen ook welbekende A. Vente uit Reeuwijk niet al te veel afwijkende publiciteit voor de partij opleveren. Maar hoe komt het, dat zij juist in die tijd zo opvielen? Ik denk, doordat alle andere geluiden verstomd waren. Ik kom rond 2000 congressen tegen waarbij Smits en Vente om en om het woord krijgen. Dat was tien of twintig jaar eerder wel anders, toen waren er veel meer mensen die hun zegje wilde doen. Overigens moet ook PerspectieF absoluut worden genoemd als constante brenger van goede feedback en zinnige moties. Dat was zo in 2002 onder Marcel Benard, toen ik lid werd. Dat was nog steeds zo in 2011, onder Robert Heij, die zo’n beetje al zijn plannen in mei afgeschoten zag worden.

Wat je ziet is dus een partij die heel hard bezig is elk geluid te kanaliseren. Moties die enigszins afwijken, worden door het bestuur ontraden en vervolgens door het gehoorzame congres weggestemd. Heel af en toe haalt zo’n motie het wel, zoals de motie over D66 en de PVV van Smits in mei 2011, maar dat is uitzonderlijk. Als er “heikele” onderwerpen ter sprake komen, zoals Israël of homoseksualiteit of de aanwezigheid van katholieken in de partij, dan moet alles met grote voorzichtigheid worden aangepakt om te zorgen dat niemand ergens over kan vallen.

Gevolg is dat mensen die graag mee willen denken en doen vaak na enige tijd kapotlopen op de stroperige structuren en teleurgesteld afhaken. Er wordt teveel “gedempt”, mensen botsen op een partijstructuur waarin men te vaak op de rem staat. In die zin lijkt het er trouwens op dat de ChristenUnie meer op het GPV lijkt dan op de RPF. Die eerste partij was in de jaren negentig vooral bezig met afremmen en “de boel bij elkaar houden”. Als het aan de RPF had gelegen, was de fusie al voor de verkiezingen van 1998 beklonken geweest. Overigens vullen beide partijen elkaar in dit opzicht mooi aan – ware het niet dat de balans door aan het slaan is richting een al te zeer afremmen.

Pakweg tien jaar geleden zei niet alleen Kees Smits, maar ook Roel Kuiper dat het goed zou zijn als de ChristenUnie een open partijcultuur krijgt, met goede debatten, creativiteit en dicht bij de leden. Anno 2011 is mijn indruk dat de partij met verve christelijk-sociaal is. Maar dat is een koers die begin jaren negentig is uitgestippeld. Sindsdien is er slechts bijgestuurd. Het “Greenpeace-model” hing als een dreiging boven de nieuw opgerichte ChristenUnie. Helaas is het grotendeels uitgekomen: congressen zijn klapvee, zelfs in mei 2011, toen er een kritisch rapport lag en vier verkiezingen op rij was verloren. De kloof tussen achterban en partijtop lijkt flink te zijn gegroeid.

De bijdragen van Smits aan Uniecongressen zouden de normaalste zaak van de wereld moeten zijn. Nu haalde hij afgelopen mei de krant met de boodschap “CU-congres: D66 is net zo erg als de PVV”. Dat werd nieuws, niet omdat deze motie zo wereldschokkend was, maar vooral omdat er verder bar weinig te melden was over het congres. Ik hoor regelmatig dat mijn stukjes op Opunie zo lekker scherp en kritisch zijn. Ik antwoord dan altijd: maar dat is toch volstrekt normaal?

Katholiek | Historicus VU | Student bedrijfskunde | fractielid ChristenUnie Amersfoort | Driewekelijkse column op Opunie.nl

33 reacties

  1. Jonathan says:

    Ik ben blij dat je dit onderwerp aansnijdt, Remco. Ik ben het roerend met je eens dat een open discussiecultuur binnen onze partij node gemist wordt. Begrijp ik je goed, als ik uit je bijdrage opmaak dat ook volgens jou een cultuurverandering daarvoor belangrijker is dan een verandering van de partijstructuur?

    Overigens ben ik best voor argumenten vatbaar als het gaat om verandering van de partijstructuur hoor. Ik heb dat stuk destijds vooral geschreven om discussie op gang te brengen. Wat mij namelijk vaak opvalt is dat discussies binnen onze partij pas aan het einde van een traject gevoerd worden, dus als er al een rapport of een besluit ligt. We stellen dan een commissie aan en vervolgens is het slikken of stikken ten aanzien van de uitkomst, een soort trechterwerking zeg maar.

    Zie je concrete mogelijkheden om de discussiecultuur binnen de partij te bevorderen (of zo nodig af te dwingen ;-) ). Zo ja, ben ik daar wel voor te vinden :-)

  2. Wellicht kunnen wij, met de positie die we innemen in de partij, een goede aftrap geven. ;)

    Je begrijpt me trouwens goed. Als ik zo kijk naar de organisaties die ik onderzoek, dan zie je dat overal waar ongewenste processen (soms conflicten) optreden, de diepere oorzaak ligt in een bepaalde cultuur. Die wordt ook vaak benoemd, wat een confronterend proces is, waarna men ook al snel beseft dat je een cultuur niet zomaar verandert. De structuur is makkelijker aan te passen en vaak lost dat een deel van het probleem ook op (soms een klein deel, soms een groot deel). Maar voor een structurele, complete oplossing moet cultuur voorop staan.

    Ik vind ‘t alleen een lastige om aan te pakken. Het probleem heeft twee kanten. Enerzijds de cultuur in de top, die al sinds de kwestie rondom Kars Veling uitstraalt dat men vooral heel goed wil controleren wat er op congressen e.d. gebeurt. Anderzijds past de structuur, van lokale afdelingen met lokale besturen en vergaderingen, niet meer goed bij de politieke cultuur. De structuur is gericht op een maatschappij zoals in de dagen van Kuyper, Colijn, Schouten, waar politiek leefde in brede lagen van de bevolking, simpelweg omdat er magen gevuld moesten worden. De buiken zijn rond en slechts een handjevol idealisten vindt het nog de moeite waard om een paar kilometer te fietsen voor de jaarlijkse vergadering van de lokale CU. En dan heb je die “moeite” gedaan, ontdek je dat het meestal eigenlijk ook nog eens nergens over gaat, dat de lokale afdeling weinig uitstraalt. Ook daar geen diepgaande discussies. Je moet dan niet de structuur omgooien en achterover leunen, maar wel gericht gaan denken over de vraag hoe je mensen activeert in het huidige culturele klimaat.

    Gaat als het om jongeren gaat dan toch vaak via internet. Ik kan me bv voorstellen dat als jij en ik wat rondkijken in onze ChristenUnie-netwerken, we zo een groep bij elkaar hebben die via welke weg dan ook (bv een blog, site, facebookpagina, ga zo maar door) een platform uit de grond stampen waarop we enkele concrete hete hangijzers bespreken. Vraag is alleen, of je dan serieus een steen in de vijver gooit, of eigenlijk vooral jezelf naar de marge duwt. ;)

  3. Jack says:

    Met het congres als zachte heelmeester, maakt men uiteindelijk stinkende wonden.

    De vraag is natuurlijk waarom mensen niet meer vrijuit kunnen debatteren. Dat is hetzelfde als met vrienden. Alleen tegen je allerbeste vrienden kun je eerlijk en openhartig zijn. Omdat je weet dat de band sterker is dan de kritiek.

    De CU is een versmelting van verschillende vriendschappen. Door de fusie is de buitenstaander in de vriendenkring gekomen. Daardoor wordt de discussie vlakker, want de hechtheid en verbondenheid is verwaterd.

    Bij het CDA is de bloedgroepenstrijd nooit over gegaan en het congres in Arnhem liet overduidelijk zien, dan na al die jaren de cement nog maar slecht gedroogd was. De CU zie ik ook niet op korte termijn op het punt zijn dan de verdeelde historie is vergeten.

  4. Jonathan says:

    Ik ben met je eens dat de cultuur in de top een onderdeel van het probleem is. Enerzijds is het uit praktische overwegingen haast onvermijdelijk dat het landelijk bestuur een leidende rol heeft in de besluitvorming op congressen. Anderzijds heeft mij dit als afgevaardigde van een kiesvereniging dikwijls met de indruk achtergelaten dat het landelijk bestuur het congres soms maar matig serieus neemt. Het is (in dat geval) het optreden van het landelijk bestuur dat mij die indruk geeft, maar het is natuurlijk het congres dat het lb daarmee laat wegkomen. Het is natuurlijk ook maar wie er wordt afgevaardigd naar het congres. Dat hoeven niet altijd bestuursleden te zijn, leden van een lokale vereniging kunnen ook iemand anders afvaardigen die het vooral heel interessant vindt zich in landelijke discussies te verdiepen.

    Ik ben met je eens dat vergaderingen van lokale KV’en tamelijk saai kunnen zijn, die gaan ook vaak over huishoudelijke zaken, met in het beste geval nog een praatje over wat er in de gemeenteraad speelt. Ik weet echter uit ervaring dat wanneer je daarnaast een vergadering plant ter voorbereiding op het uniecongres en wanneer je daar iets wezenlijks te bespreken hebt, je daadwerkelijk een nuttige discussie kunt hebben met leden (ook al is het misschien maar een handvol leden) waaruit je als afgevaardigde veel mee kunt nemen. Lokale KV’en zouden meer gestimuleerd en toegerust moeten worden om consultatie van de leden voorafgaand aan het Uniecongres vorm te geven. Dat vraagt bijvoorbeeld ook van de congresorganisatie en alle deelnemende partijen dat de stukken nog tijdiger beschikbaar zijn.

    Ook als de partijstructuur zou veranderen, lijkt het mij goed om op een of andere manier gevoed te worden door leden die niet naar uniecongres (kunnen) gaan, maar het lijkt me vooralsnog toe dat zoiets binnen de huidige structuur beter te realiseren is.

    Ik kan wel invoelen dat voor sommige mensen discussie op internet een prettig middel is, ik kan me echter ook voorstellen dat dat voor andere mensen niet geldt. De interactie is ook heel anders op internetfora dan in real life.

    Het zou me kortom een lief ding waard zijn als er niet alleen landelijk meer een discussiecultuur ontstaat, maar dat die cultuur ook vanuit het lokale gevoed wordt. Daarnaast denk ik dat de spreiding in de tijd nog beter kan. Ik zie namelijk wel verbetering in de discussiecultuur en een uniecongres dat een meer assertieve houding aanneemt, maar het blijft wat mij betreft nog te veel geconcentreerd rond de congressen zelf.

  5. Wanneer het klopt dat binnen de CU onvoldoende gedebatteerd wordt, is deze site een goede weerspiegeling van de CU. Want ook hier kom je steeds dezelfde namen tegen. Hooguit een stuk of tien verschillende personen reageren regelmatig op wat op de site geschreven wordt – niet bepaald een toonbeeld van een levendige debatcultuur.
    Overigens: is het in andere partijen anders? Het woord ‘debat’ dient overigens nader gespecificeerd te worden. Zijn de scheldpartijen die op internet voor ‘debat’ doorgaan, die benaming waard?
    En zou de eventuele angst voor debat iets te maken kunnen hebben met de huidige ‘afrekencultuur’? Debat wordt door journalisten en door kiezers al snel geassocieerd met ‘verdeeldheid’ – journalisten houden daarvan en vergroten verschillen uit, maar de kiezers hebben er kennelijk een hekel aan.
    Er zitten dus verschillende kanten aan dit verschijnsel

  6. Jack says:

    @ Johan,

    Vaak is er zelfs niet eens sprake van een debat, maar van een eenzijdige roep op aandacht. Vaak constateer ik dat mensen niet geïnteresseerd zijn in elkaar, maar dat men gewoon hun eigen verhaal de wereld in wilt schreeuwen. Dat noem ik geen debat.

    En ik ben ook zo eerlijk mij daarzelf onder te scharen.

  7. ben says:

    “Vraag is alleen of je dan serieus een steen in de vijver gooit, of eigenlijk vooral jezelf naar de marge duwt.”

    Interessante vraag, leuk geformuleerd, vind ik.
    Nu meen ik als ervaring te hebben bij de CU dat je in de wat ik maar vervelend even voor het gemak ‘de linkse kerk’ noem, eigenlijk steeds jezelf naar de marge duwt, door een steen in de vijver te gooien.
    Dat komt m.i. door het taboecultuurtje. Op het forum van de ChristenUnie ben ik vaak persoonlijk tot een bepaalde orde geroepen, zonder dat mijn stellingen in bespreking werden genomen. Als men er dan achter komt dat je persisteert in je stellingname, omdat er m.i. blijkbaar geen steekhoudende argumenten genoemd kunnen worden welke uitnodigen tot een andere visie, wordt je gelabeld, wat de ‘tegenspelers’ blijkbaar het recht geeft jou verder te negeren. Het duidelijkste voorbeeld is voor mij daarin de houding naar de PVV toe. Ook hier op opunie heb ik alleen nog maar veroordelende scheldwoorden over mijnheer Wilders gelezen. Dat hij ooit wel eens op een bepaald onderwerp uiteraard hartstikke gelijk zou kunnen hebben (wie heeft dat niet?) is onbespreekbaar omdat het m.i. onverdraaglijk voor de m.i. weke zielen zou zijn. In de Kamer waar je toch de sterke karakters aan zou moeten treffen, neem ik het zelfde waar hoor.

    Natuurlijk snap ik dat iemand in de Kamer een boodschap heeft uit te dragen welke hem/haar mee wordt gegeven, los van zijn/haar eigen mening. Maar het leuke van een forum is nou juist dat je hier gewoon jezelf mag zijn en je eigen inzichten mag ventileren, wel alstublieft met onderbouwde argumenten en niet slechts met scheldwoorden (waar ik ook ‘populisme’ onder reken, omdat dat nooit verder uitgelegd wordt) naar de tegenpartij toe. Het sterkste nam ik dat waar, vind ik, bij onze prof. dr. ir Egbert. Waarmee hij mij slechts sterker de mening aanwreef dat hoe hoger bestudeerd o.a. vooral een andere aanduiding is voor hoe meer geconditioneerd. Een ontdekking welke ik een half leven terug overigens reeds pijnlijk had gedaan.

    Dat zou allemaal wellicht niets geven, als wetenschap tot zuivere waarheid zou leiden. Maar daar schort het juist aan, omdat vooringenomenheid juist schering en inslag is in de wetenschap, waar deze meestal onderworpen is aan de regering van de overste dezer wereld i.p.v. in vertrouwensvolle navolging van onze Meester. Mag ik eerlijk zeggen dat politieke filosofie daar naar mijn waarneming op opunie ook onder lijdt? In politiek mag je tegenstander principieel nooit gelijk krijgen, toch? En welke gezagvolle filosoof werd in zijn denken door God, in Wie de Waarheid is, geleid? Hierin laat ik mij door jullie graag corrigeren hoor, als ik het als ‘uitgespeelde bouwvakker’ fout heb. Tot het einde van je leven kan je immers nog iets zinnigs leren?

    Vaker heb ik dat lesje uit de geschriften van mijn vrouw aangehaald dat relatiegericht zijn, in strijd kan zijn met waarheidgericht zijn. Jammer voor die relatie dan, vind ik. Zullen we daarin hier eens wat meer gaan oefenen en leren incasseren en toegeven als we het fout blijken te hebben in het debat?
    ‘De vraag is natuurlijk waarom mensen niet meer vrijuit kunnen debatteren. Dat is hetzelfde als met vrienden. Alleen tegen je allerbeste vrienden kun je eerlijk en openhartig zijn. Omdat je weet dat de band sterker is dan de kritiek.’ zei Jack.
    Dus: zullen we goede vrienden zijn bij de ChristenUnie?

  8. WH Kolkman says:

    Zoals zo vaak probeert Remco relevante issues ter discussie te stellen.

    Om te beginnen is het denk ik goed om discussie, besluitvorming en verantwoording (accountability) goed te onderscheiden, in het artikel en de reacties loopt dat denk ik enigszins mis. Dat wil niet zeggen dat je eea tegen het licht van de huidige tijd kunt houden, mijn feedback:

    1) De huidige partijstructuur (locale kieskringen met overkoepelend landelijk bestuur) is denk ik een prima systeem om een de uiteindelijke verantwoordelijkheid daar te leggen waar die moet liggen, namelijk bij de leden van de organisatie (politiek is van en voor de burgers en niet van een partijbestuur / kamerleden). SIEK zit tenslotte in onze genen!
    2) Ook zorgt dit systeem van kieskringen er voor dat er op congressen gestemd kan worden naar evenredigheid van leden: een belangrijk democratisch principe dat de moeite van het verankeren waard is. Het risico van een leden partij is dat degene met de meeste vrije tijd, passie en welbespraaktheid op de congressen onevenredig veel invloed kunnen krijgen.
    3) Bovendien leert volgens mij de ervaring dat het onmogelijk is een goede discussie / meningsvorming te houden met grote groepen, laat staan een partijcongres.

    Maar deze structuur is anno2011 niet optimaal voor discussie en meningsvorming, en bovendien niet meer noodzakelijk door nieuwe technologie zoals email, web, etc.

    Dus volgens mij zouden we er goed aan te doen, discussie en meningsvorming binnen de partij te upgraden naar versie 2.0, door leden te mobiliseren via expert groepen, email en websites (zoals opunie). Maar dan is het wel essentieel dat eea gestructureerd gebeurt: dwz met een moderator, spelregels en een juiste framing (waar hebben we het over, wat is het doel, etc.)

    Verder is het denk ik essentieel dat mensen uit de partijleding / 2e Kamer meedoen om de juiste topics aan te sturen en feedback geven over hoe men met de resultaten van een discussie verder wil. Discusie dient immers wel ergens toe te leiden. Op Opunie in zijn huidige vorm is mij dat tamelijk onduidelijk, vaak goede discussies maar onduidelijk waar er nu mee gebeurt, en wat mij betreft te weinig deelname/feedback door partij leiding en 2e Kamerleden.

    Tot slot, geen enkele club kan zonder actieve deelname van leden, een gebrek daaraan zal niet via een andere vorm opgeheven worden en lijkt mij dus ook geen reden een goede organisatie structuur te veranderen

  9. Jack says:

    @ WH Kolkman

    De structuur die je noemt is wellicht democratisch, maar is door zijn gelaagdheid te traag om te reageren op de steeds sneller veranderende actualiteit. Hoe moet in de CU gedebatteerd worden over bijvoorbeeld de Euro, de steun aan Griekenland en de overdracht van bevoegdheden aan Europa?

    Maar ik denk ook dat de locale structuur ervoor zorgt dat de cultuur per gemeente verschilt. Dit kan bijvoorbeeld doordat de ene bloedgroep sterker vertegenwoordigd is in de ene plaats dan in de andere.

  10. ben says:

    reactie op:
    ‘Verder is het denk ik essentieel dat mensen uit de partijleiding / 2e Kamer meedoen om de juiste topics aan te sturen en feedback geven over hoe men met de resultaten van een discussie verder wil. Discussie dient immers wel ergens toe te leiden. Op Opunie in zijn huidige vorm is (voor? b) mij dat tamelijk onduidelijk, vaak goede discussies maar onduidelijk waar (wat? b) er nu mee gebeurt, en wat mij betreft te weinig deelname/feedback door partijleiding en 2e Kamerleden.’
    Deze klacht is ook heel vaak op het ChristenUnie ledenforum geuit, wat nu inmiddels volkomen plat ligt. Ik vrees dat dit een kwestie van geen tijd hebben is. Maar ook daar is met een aangepaste organisatie natuurlijk uit te komen. Dat zal wellicht een paar extra functionarissen kosten, welke namens het bestuur en de partijtop reageren op de stellingen. Dan is het weer de vraag of daar geld voor is. Ook is het gevoelig aangaande de kwaliteit van de stellingen, of het interessant is voor de leiding om er op in te gaan. Want reken er op dat er stomme uitlatingen worden gedaan hoor op een forum, zelfs bij de ChristenUnie. Waarbij het ook nog eens zo is dat één gek meer kan vragen dan 10 wijzen kunnen beantwoorden.

    Zelf ben ik ook graag zo’n gek. Onze KV ledenvergaderingen beantwoorden cum laude aan de hier reeds gestelde beschuldigingen, maar toch heeft men eens Arie Slob voor de klas gevraagd met een goed verhaal, zodat het zaaltje gelijk half vol zat. Hij loofde grotelijks daarbij de kilometerheffing. Vanuit mijn vak en mijn Bijbeltje (waar Onze Lieve Heer er als ook Zoon van een bouwvakker ook op wees dat je alvorens een toren te bouwen, de kosten moet berekenen) wijs (?) geworden, vroeg ik onze leider naar de project- en vooral beheerskosten. (wetende dat er al een paar honderd miljoen euro aan was uitgegeven, zonder nog maar ‘één spijker geslagen te hebben’.) Dat antwoord heb ik uiteraard nooit gekregen, omdat als dat al vooraf gegeven zou kunnen worden, heel die te dure kilometerheffing zwaar onderuit zou gaan. Dat weten we immers ook van de FlipjeTiellijn, de sneltrein naar Parijs enz.,enz.

    Een visje gooi ik ook graag uit. Hier op Opunie heb ik ooit eens beweerd dat Gert Jan Segers niet onnozel genoeg is, als Midden-Oosten deskundige, om anders dan als zeer onderhorige mede zijn naam onder een kop-in-‘t-zand verhaal van Egbert Schuurman te zetten inzake de (niet)opmars van de islam en de (niet)bijbehorende gevolgen voor Europa. (of iets in dier voege)
    Wat later las ik in een zeer algemene reactie van hem de korte opmerking dat er een verschil is tussen hier en het Midden-Oosten. Ja, denk ik dan, zo’n politieke opmerking kan je drie tellen staande houden, namelijk tot de volgende vraag is uitgesproken inzake de snelheid waarmee e.e.a. wel (aantoonbaar) groeit. Zo’n discussie kan je toch nog niet echt voeren (voor het te laat is,) bij de ChristenUnie? En als het bestuur te opvallend opschuift, hoeveel leden vallen er dan weer af?

    En dat laatste brengt mij bij de vraag of het politiek wel slim is voor de CU-leiding om zo veel open oor te hebben voor de mening der leden op een forum. Want benoemt die mening wel een interessant ‘gat in de markt’? Of wil die mening alleen maar het partijprogramma uit het gematigde midden trekken, waar de meeste kiezers te vinden zijn.? Of uit de uniciteit van links-christelijk, waar het dus politiek niet zo druk met aanbod is?

    Eigenlijk vind ik het diep in misschien niet eens zo erg dat de ChristenUnie zichtbaar een oogje dichtknijpt voor bepaalde zaken in de maatschappij. Er moet voor ons criticasters toch ook wel een pelsluizenbaantje over blijven? Of niet soms? :)

    En zeg nou zelf eens, biedt de gastvrije sympathieke ChristenUnie ons geen ruim podium om hard te kunnen roepen, wat we maar willen? (hier wel netjes te blijven!) En net als bij onze beroemde schunnige boekenschrijvers, vangt dat toch meestal een bezoek op de sofa van de spiech weer af? :)

  11. Ineke Evink says:

    ‘Recentelijk zet mijn onderzoek naar de historie van de RPF, een van de twee voorlopers van onze partij, me weer eens aan het denken. Op vergaderingen van die partij in de jaren tachtig en negentig werd vaak flink gedebatteerd.’

    Het antwoord op de vraag waar de discussiecultuur is gebleven, ligt misschien wel in de opening van het stuk van Van Mulligen. Hij heeft het over de RPF, niet over het GPV. Daar heb ik in de jaren 80 en 90 in ieder geval nooit een discussiecultuur aangetroffen. Heeft de CU dat gebrek misschien overgenomen?

  12. Kees van Kranenburg says:

    Om de indruk weg te nemen dat het debat over het debat uitsluitend de liefhebberij van enkele bekende enkelingen zou zijn deze reactie.

    Ik volg deze discussie met belangstelling. De huidige partijstructuur zal de komende tijd, naar ik begreep, ook formeel onderwerp van gesprek zijn binnen de partij. Wat mij betreft is de structuur een aanpasbaar ding. Veeleer hebben we van doen met een cultuur, zoals anderen ook reeds stelden. Debat leidt immers nog wel eens tot onoverbrugbare kloven tussen de debaters voor wat betreft het onderwerp – en daar houden we in de partij niet zo van. Het lijkt wat strijdig met het in het verleden vaak gezongen lied “Samen in de naam van Jezus”.
    Het lijkt me dus vooral een zoektocht naar mogelijkheden en structuren waarbinnen beschaafd, ook met oog op de wat minder begaafde debaters, van gedachten gewisseld kan worden. Waarin een ieder die dat wil ook werkelijk gehoord wordt.

  13. Rolf says:

    Remco signaleert terecht een gebrek aan discussie. Ik geloof echter niet dat een andere structuur de oplossing is. Politici en bestuurders die erg overtuigd zijn van hun eigen gelijk hebben de neiging om niet voor kritiek open te staan en mensen die kritiek geven zoveel mogelijk te weren en zich te omringen met jaknikkers en mensen met dezelfde mening. Daar is geen enkele structuur tegen opgewassen. Mensen die iets willen bereiken in de partij zullen het ook wel laten om kritiek te geven. Ik zet het wat scherp neer; dat is goed voor de discussie :)

    Maar zonder gekheid; uit eigen ervaring kan ik zeggen dat dit binnen de ChristenUnie ook aan de orde is. Maar een ledenpartij als oplossing? Een ledenpartij zet de deur open voor activisten die met het optrommelen van een aantal medestanders een motie aangenomen kunnen krijgen waar zij misschien blij mee zijn, maar die de partij zowel leden als kiezers gaat kosten. Het systeem van kiesverenigingen is uitermate geschikt voor een partij als de onze. Daar hoort namelijk de discussie plaats te vinden. Daar is er tijd en ruimte voor. Misschien mag ik herinneren aan de motie van Nunspeet rond de homokwestie die een paar jaar geleden onze partij behoedde voor verregaande polarisatie en mogelijk scheuring. Het geheim van die motie was dat er op het niveau van de kiesvereniging een uitgebreide discussie plaatsvond tussen mensen die zeer verschillend over het onderwerp dachten maar elkaar toch vonden. Die worsteling was ‘voelbaar’ in de motie waardoor deze door de partij werd aangenomen, tot grote opluchting van iedereen.

    Congressen zijn inderdaad vreselijk, maar dat gaat in een ledenstructuur niet veranderen. Nee, laten we zuinig zijn op onze kiesverenigingen want daar klopt het hart van de partij en die zijn in staat om onze partij te bewaren voor activisten ter linker- of rechterzijde.

    Waar het wel tijd voor is, is een cultuuromslag. Laat bestuur en politieke top minder op elkaar gericht zijn en openstaan voor kritiek. Luisteren naar kritiek kan het begin zijn van een goede discussie.

  14. ben says:

    @dhr. Van Kranenburg, n.a.v.:

    ‘Debat leidt immers nog wel eens tot onoverbrugbare kloven tussen de debaters voor wat betreft het onderwerp – en daar houden we in de partij niet zo van. Het lijkt wat strijdig met het in het verleden vaak gezongen lied “Samen in de naam van Jezus”.’

    M.i. is dat precies het punt waar we aan moeten werken op het forum. Als we een debat willen voeren naar bedoelde waarheidsvinding toe, mogen er geen onoverbrugbare kloven ontstaan. De ene waarheid kan immers niet tot een kloof leiden, liever zeg ik ‘in tegenspraak zijn’ met een andere waarheid. Wel kan de ene waarheid een grens vormen voor een andere waarheid. (u weet wel; boven water deed de wet van Archimedes niks meer.) Ook kunnen we tot andere keuzen komen vanuit andere prioriteitsstellingen, wegens andere omstandigheden. En daarin moeten we elkander dan ook de ruimte gunnen in een democratie.

    Als we slechts op zoek zijn naar erkenning van ons eigen oneerlijke gelijk en bereid zijn daarvoor harde tegenargumenten van andere debaters te negeren, (daar valt schuinlinks wegkijken ook onder) wat ik onder een vorm van liegen reken, ja, dan ontstaan er gelukkig! grote kloven. Het rijk van het Licht heeft immers absoluut niets met het rijk der duisternis, waarin de waarheid niet zichtbaar is.

    Het leuke daarin vind ik altijd, als ooit nog eens in Electro opgeleid, dat je in de duisternis wel het licht aan kunt doen, maar in het licht nooit het donker! Duisternis is immers het ontbreken van licht. Hooguit kan je het licht afschermen met valse leugens.
    Lekker simpel hè? Blijf maar lekker mee doen hoor, vanuit het Christendom, het Licht der wereld, in Wien De Waarheid is.

  15. ben says:

    @Ineke Evink: dat is vaker gesteld in de reacties hoor, dat de GPV geen discussiecultuur had. Dat is m.i. natuurlijk een gevolg van de dogmatische structuur van de moederkerk. Die ‘eeuwig’ vaststaande leerstellingen. Dogma’s verdragen immers geen tegenspraak, anders zouden het geen dogma’s zijn.

    Dat heeft het voordeel dat er een bescherming van uitgaat tegen allerlei gladde praatjes van allerlei wind van leer uit de hoek van de leugenaar van den beginne. Dat maakt zo’n kerk en dus ook partij, wat we met de mode mee tegenwoordig duurzaam noemen. Stabiel bestand tegen verval. Dat heeft dus tot op zekere hoogte wel een bepaalde waarde. Zeker in een postmoderne tijd waarin eigenlijk geen vaste zekerheden meer mogen bestaan en het intellectueel staat als je veel twijfelt, als veronderstelde diepe onafhankelijke denker.

    Maar ja, is een te ver doorgevoerde standvastigheid eigenlijk niet een vorm van starheid? Een Bijbelse lering kan m.i. niet verouderd zijn. Gods Waarheid is Eeuwig, alzo ook Zijn Woord, zoals Hijzelf immers eeuwig en onveranderlijk is. Maar valselijk van de Bijbel afgeleide dogma’s worden ooit achterhaald als leugens. Het duidelijkste voorbeeld daarvan is voor mij altijd nog steeds de vervangingstheologie, welke het antisemitisme ook zoveel kwalijke voeding heeft gegeven en nog geeft, waardoor de eindtijd-Apocalyps nu in zo’n noodvaart op ons af komt.
    Die vervangingstheologie is al meer dan 60 jaar, zo zichtbaar aan de staat Israël, achterhaald. Toch wordt die door veel Palestijnse christenen nog sterk gevoed en zijn er ook nog te veel rudimenten in bepaalde gereformeerde kerken van over. (en vreselijk!!, ook in sommige evangelische gemeenten begint het al de kop op te steken!) Voorbije zondag werd er in mijn kerk nog beleden rond de doop, dat deze in de plaats is gekomen voor de besnijdenis. Ook kom ik in onze kerk nog steeds maar zelden een predikant tegen met een beetje kijk op de Bijbelse toekomst, wat ook terug is te voeren op genoemde foute leerstelling. En daarom ook kom je zelfs bij de ChristenUnie nog mensen als Van Middelkoop tegen, ( ik hoop Remco niet) welke het leger gereed willen houden om uit te zenden naar Jeruzalem om de Godsstad aan de Joden, Gods volk, te ontfutselen. Na de stemming volgende maand in de VN, aangaande een eenzijdig uitgeroepen onafhankelijke Palestijnse staat in het hartland van Israël met Gods Sion als hoofdstad voor Allah?

    Begrijpt u mevrouw Evink, waarom het zo vreselijk goed is om de discussiecultuur bij de ChristenUnie te bevorderen?! Stort u ook in de arena!! Met de wapenrusting Gods! Ook op het ledenforum a.u.b.!
    Veel succes!

  16. Flip Mak says:

    Een paar bescheiden opmerkingen in deze discussie.
    In de discussie zie je vorm en inhoud elkaar afwisselen. Zelf heb ik tijdens het 14 mei-congres als gewoon lid het woord mogen voeren. Aanleiding: het evaluatierapport over de gang van zaken rond de verkiezingen. Ik was echt heel ontevreden over met name de bestuursreactie. Het verbaasde, nee, verbijsterde mij (als dat mag in deze discussie), dat er zo weinig commentaar kwam uit de zaal. Dat was tegelijk voor mij een voordeel want anders had ík het woord niet mogen voeren. Halverwege werd mijn bijdrage afgebroken – nou wás er iemand met commentaar en nou wordt mij het spreken belet, zo dacht ik even – maar na het congres heb ik mijn bijdrage in een briefwisseling alsnog aan het bestuur kenbaar gemaakt. De reactie daarop nam een deel van mijn zorgen weg maar lang niet alles. Het bestuur schrijft o.a. “(…) forse kritiek bleef achterwege. Dat heeft ons niet zonder meer verheugd, het heeft ons eerder verontrust”. Een eerlijke reactie dunkt me.

    Een belangrijk knelpunt in de discussiecultuur lijkt mij dat er nogal eens politieke onderwerpen zijn die door lokale bestuurders besproken moeten worden. Neem de moties over D66 op 14 mei als voorbeeld.
    Een tweede punt is dat vrijwel elke discussiewebsite, met name het Forum op de partijwebsite, bijna uitsluitend door een paar vaste bezoekers gevuld wordt. Ik ben al lang afgehaakt.
    Drie. Lokale politici en misschien ook bestuurders hebben hun handen vol aan hun eigen lokale winkel. De vraag rijst: wie hebben behoefte aan een discussieplatform en hoe stuur je daarin?
    En gaat het dan een keer goed over de inhoud, dan heeft het er bij mij, of het nu in Denkwijzer, in een cursus van het Opleidingscentrum of tijdens een congres is, vaak de geur van: het moet anders, ruimer, minder behoudend, en, zie hierboven, minder ‘Schuurman’. De orthodoxen schijnen vasthoudend als ze zijn in het centrum te zitten. Mag ik een dringend pleidooi voeren om het verleden niet overboord te zetten? De ChristenUnie kan niet anders dan een christelijke partij zijn. Maar we kunnen toch weten dat het lied ‘Samen in de naam van Jezus’ door een reformatorisch christen niet zo gemakkelijk wordt meegezongen? Voor een goed begrip: ik ben overtuigd en van harte lid van een kleine reformatorische kerk waar de gereformeerde belijdenis een grote rol speelt. Afkomstig uit een AR-gezin en bewust dat gedachtegoed verlaten nadat de visie op verzoening in de lijn van Abraham Kuyper (en Karl Barth) kerk, maatschappij en politiek tot een onherkenbare gemeenschap hadden gebracht. Ik zie binnen de ChristenUnie tekenen van een herhaling van de geschiedenis. Zondagsrust, relaties, toerisme, onderwijs – zomaar een paar voorbeelden.
    Ook van mij geldt dat ik op zondag en door-de-week dezelfde christen moet zijn. We moeten grenzen durven trekken.
    Ook dit is cultuur.

  17. Floris Spronk says:

    (Offtopic):
    Ons falende spamfilter had helaas enkele echte reacties in de prullemand gegooid. Ze zijn inmiddels teruggezet, onze excuses voor het ongemak. Het filter staat nu even uit totdat we iets beters hebben gevonden.

  18. ben says:

    @mijnheer Mak: “erger u niet, verwonder u slechts” (stokoude spreuk)

    Weet u, op een congres met duizenden mensen zou ik niet gauw de aandacht vragen. Ook al omdat je je punt in één minuut moet kunnen maken. Het liefst in één oneliner. Trouwens, ík vind mijzelf niet bescheiden en zou het te leuk vinden om op een kistje te klimmen, of zoals het broertje van Albert Letterie op het CDA-congres, hard op een scheidsrechtersfluitje te gaan staan blazen met een rode kaart in je hand. (‘kein Flauwekuul’, riep iemand n.a.v. de vermeende 8e dochter van prins Bernhard, zag ik op ‘t nieuws). Leuk hè?

    Maar hier meneer, met zoals ook door u opgemerkt veel te weinig deelnemers aan de discussie, door wie zou u zich moeten laten tegenhouden? (hier regent het trouwens nu dat het giet, dus geen buitenweer) En waarom haakte u af van het ledenforum?? Om er wéér één minder mee te laten doen? Of wist u niet uw gelijk te halen? Laat mij u dan er aan herinneren dat mijn grote felle tegenstrever Koos de Geest al uit had gevonden dat niemand ooit gelijk krijgt op een forum, alleen tegengas, tegenwind. En daar wordt je stormvast van, weten we nog?

    En dan over uw ‘geur van: het moet anders, ruimer, minder behoudend en …..minder ‘Schuurman’.
    Vraag: vind u het niet ontzettend dom als iets anders moet, om het anders zijn? (mode, trend)
    Vraag: vind u het niet net zo dom dat als iets aanwijsbaar beter kan, principieel (?) teuge te zijn?
    Daarom behoren behoudendheid (t.a.v. het goede) en progressiviteit (waar het beter kan) in de discussie tegenover elkaar uitgespeeld te worden in de politiek, lijkt mij zo. Wat vind u?

    Mag ik dan inzake prof. Schuurman, als mij door u aangesproken voelende, er op wijzen dat het daar gaat om het verd…, – nog eens proberen: – verrekken van het willen inzien van bepaalde, door de tijd heen reeds ruim benoemde ontwikkelingen, waar inmiddels half Nederland wel erkenning voor heeft? Mag dat van u reeds als discussiepunt in de agenda worden opgenomen?? Of moeten we van u ook net blijven doen of we gek zijn?? Dan ben je toch kansloos in de discussie?!!

    Vooruit, vergun mij als verlicht (hopelijk in de ware betekenis van het Woord) zwarte kousen kerkmens om ook nog even door te halen aangaande het lied ‘Samen in de naam van Jezus, heffen wij een loflied aan’. Oei!,wat een vurrukkulluk lied om het congres mee te beginnen joh !!!
    Welke onverstand zou dat niet uit de grond van zijn/haar hart luid mee willen zingen?? ‘Vader met geheven handen (steek ze hoog de lucht in!!) breng ik u mijn dank en eer. (is Hij dat soms niet duizendvoudig waardig?!!) ’t Is Uw Geest (zullen we Die toch vooral niet wederstaan met ons dicht gespijkerd conservatisme?) Die mij doet zeggen: Jezus Christus is de Heer!!’ … van de ChristenUnie, mijnheer Mak; van u, van mij, van ons allemaal. Vandaar ook dat ‘samen’.!!

    Over belijdenis gesproken; wat zou er aan dit lied kunnen mankeren, wat het moeilijk zou maken om mee te zingen? Ach wat zou u mij goed doen als u ons dat uit zou kunnen leggen!! Hoor ik?

  19. Alex says:

    Ik ben het eens met de reactie van W.H. Kolkman: het is heel goed mogelijk om debatvorming te organiseren via expertgroepen, fora, communities, etc, maar dat vereist een actieve begeleiding/moderatie vanuit de partijleiding, en het zou goed zijn als Kamerleden zo’n forum actief gebruiken om actuele issues te bespreken en snel de achterban / experts daarbinnen te raadplegen.
    Dat versnelt de communicatie enorm (technisch heel goed mogelijk om een afgeschermd forum te organiseren met emailnotificatie wanneer er iets actueels speelt, etc).
    Ik vind Opunie een heel aardige discussiesite, maar vlgs mij constateert Kolkman terecht dat het feit dat hier gediscussieerd wordt, niet automatisch leidt tot aansluiting met wat er in Den Haag speelt. Actieve participatie en initiatief vanuit partijtop / Kamerleden in een community-achtige setting zou dit kunnen verhelpen.

    Mbt kieskringen: ik denk dat het systeem met kieskringen wel aardig werkt voor kringen in grotere plaatsen: daar is de gemeentelijke politiek nog relatief relevant, zijn er echte problemen op te lossen en is er dus vaak ook een actieve kiesvereniging met betrokken leden. Ik woon zelf in een kleine, welvarende plattelandsgemeente waar behalve ruimtelijke ordening gewoon niet zoveel speelt. En ik heb -gechargeerd gesproken- geen drive om christelijk-sociaal te gaan meepraten over het aanleggen van rotondes. In mijn lokale kiesvereniging (ik werd twee maanden nadat ik lid werd meteen gepolst voor voorzitterschap) is ook weinig betrokkenheid bij landelijke issues, en omgekeerd moet ik als ik me daarvoor wèl interesseer eerst wel via de lokale kiesvereniging.
    Ik ben dus meer voorstander van een ledenstructuur.

    Ik denk niet dat een ledenstructuur gaat bewerken dat “de top” beter naar “de leden” gaat luisteren. Eerder omgekeerd: een top zal een koers uitzetten, en leden zullen daarin meegaan of niet – het “Greenpeace-model”. Wat mij betreft is daar niets mis mee. Het belangrijkste is dat discussie/debat dat plaatsvindt binnen de partij en op dit soort websites daadwerkelijk een raakvlak krijgt met de politieke koers en actualiteit. Om die link te leggen zie ik veel in het communities-idee.

  20. Rolf says:

    @Alex: Ik woon ook in een redelijk kleine (qua inwonersaantal) plattelandsgemeente op de veluwe, maar hier is de betrokkenheid bij landelijke issues groot. Ik ben het erg oneens met de scheiding die je maakt tussen stad en dorp. De basis van de ChristenUnie ligt juist in de kleinere gemeentes. Ook lokale politiek is de moeite waard. Eén van de redenen waarom leden klagen over weinig betrokkenheid van de top van de partij is misschien juist wel dat er enigszins neerbuigend wordt gedaan over lokale politici die zich bezig houden met rotondes terwijl zij druk bezig zijn met het ‘oplossen’ van de ‘echte’ problemen.

    Waar denk je dat de onvrede in het land is ontstaan over de landelijke politiek? Waar ligt de kracht van de PVV? Op straat. In de wijken van grote steden. In regio’s zoals waar ik woon, waar in het weekend in een gebied met een aantal gemeentes die samen meer dan 80.000 inwoners hebben maar één politiewagen surveilleert. Waar je in het weekend geen aangifte kunt doen van een inbraak. Waar ambulances niet binnen de wettelijk vastgestelde aanrijtijd bij je kunnen zijn. Maar waar wel mensen rondlopen om je te bekeuren als je hond misschien op een plek in het bos losloopt waar het niet mag. Alsof christelijk-sociaal alleen maar te maken zou hebben met landelijke problemen en onderwerpen. Misschien is dat inderdaad zo geworden en dan is dat nog een reden om die term maar snel af te schaffen. Ruimtelijke ordening op lokaal en regionaal niveau is bij uitstek een terrein waar de ChristenUnie een onderscheidend geluid kan laten horen en dat in onze gemeente ook doet.

    De kracht van de democratie zit hem juist in het feit dat die in alle lagen van de maatschappij doordringt. Een ledenstructuur van onze partij zal ervoor gaan zorgen dat mensen die lokale issues oninteressant vinden het beleid van de partij gaan bepalen. Waardoor de afstand met de ‘werkvloer’ nog groter wordt. Ik heb bijna de indruk dat de discussie over de structuur van de partij een welkome afleiding is van de echte problemen.

  21. Alex says:

    Rolf, je maakt terechte punten, ik had iets beter moeten formuleren wat ik bedoel.

    Als ik me niet vergis, is de CU in de gemeente waar jij actief bent politiek nog een factor van betekenis – dus actief betrokken bij het lokale bestuur, waar je inspanningen tot resultaten leiden, ook op het vlak van het aanleggen van rotondes (waar ik niet denigrerend over wil doen – kan heel goed zijn voor doorstroming en verkeersveiligheid!)

    In de gemeente waar ik actief ben, is dat totaal anders. De CU is bij ons een splinterpartij, waarvan de mening er in de gemeenteraad in het geheel niet toe doet. Daarnaast is het CDA bij ons nog redelijk confessioneel, dus voor het specifiek “christelijke” geluid (voor zover ik dat al kan verbinden aan lokale issues) hoef je het ook niet te doen. Ik heb er echt moeite mee om te begrijpen waarom wij in onze gemeente persé een vertegenwoordiging nodig hebben van alle kleine landelijke partijen, inclusief de CU.

    Onze buurgemeente is een redelijk grote stad, en daar zie ik CU’ers die echt veel kunnen bijdragen: er is veiligheidsproblematiek, prostitutie en mensenhandel, sociale problematiek, Wmo-gelden die moeten worden besteed, etc etc. Dat leidt tot inspiratie en betrokkenheid.

    Ik wil dus mijn stad vs dorp-indeling graag nuanceren: wat ik bedoelde was de mate waarin de CU op gemeentelijk niveau echt een toegevoegde waarde kan hebben. Dat zal in jouw dorp meer het geval zijn dan in mijn dorp, zoals het in steden als Amersfoort en Apeldoorn ook meer het geval zal zijn dan in steden als Amsterdam. Er zijn mi plaatsen waarvan je je moet afvragen hoeveel energie je moet steken in lokale presence – en dan is het wel vervelend dat de lokale kiesvereniging de enige route is naar landelijke inspraak.

    Natuurlijk begrijp ik welke bestuurlijke problemen er zijn in de regio’s, waardoor mensen naar de PVV worden gedreven (bij ons eerder naar de FNP overigens), maar bij ons lokaal zit er geen streepje licht tussen de verkiezingsprogramma’s van CDA en CU – en de ene zit wel aan tafel en de andere niet.

  22. Ik ben actief in een “redelijk grote stad” en herken absoluut de thema’s die Alex noemt. Die spelen hier inderdaad. De ChristenUnie is hier ook relatief groot (8% van de stemmen oid) en zit in het college. Toch krijg je voor een gemiddelde bijeenkomst van de kiesvereniging met moeite wat mensen bij elkaar. Van de aanwezigen is dan ook nog eens de helft “vaste kern” (raadsleden, steunfractie, bestuur). Overigens is dat een geweldige club. Maar in een stad met pakweg 140.000 inwoners, waarin we drie raadsleden hebben en “meeregeren”, is dat toch zeer mager. Ik merk dat de CU-ers die uit een gemeente komen waar echt een levendige vereniging is, voorstander zijn van de huidige structuur. De rest wil naar een ledenpartij. Er zijn bij elk congres kiesverenigingen niet of slechts met zeer veel moeite vertegenwoordigd, omdat het een “hell of ‘n job” is om überhaupt iemand te vinden die met de stemkaart naar de congreslocatie wil reizen. Kortom, het lijkt me niet verstandig om naar dit onderwerp te kijken vanuit je eigen lokale ervaring. Ik vermoed dat de CU, op enkele tientallen (20? 30?) bloeiende verenigingen na, op lokaal gebied een redelijk zieltogend gezelschap is, waar de raadsleden en een stuk of wat bestuurders veel werk doen en de rest eens in de vier jaar stemt.

    Maar dan hebben we het alweer over de structuur. Het ging me meer om cultuur. Ik denk dat de structuur van een unie van kiesverenigingen goed past bij een verzuilde cultuur, maar dat het in de cultuur anno 2011 in christelijke kring, niet meer goed werkt. Dát zou een reden zijn om het te veranderen en niets anders.

    Nog los daarvan staat “debatcultuur”. Ik zie dat niet als oplossing voor alle problemen: als er maar genoeg gedebatteerd wordt, komt alles wel goed, ofzo. Zo werkt het niet. Maar ttv de oprichting van de CU was het devies: iedereen binnenboord houden. Kars Veling is een erudiet man, maar werd toch vooral lijsttrekker omdat hij geen bloedgroepenman is. Dat is nodig na een fusie, maar op een gegeven moment moet een partij een eigen identiteit krijgen. Niet meer kijken naar hoe je alle kerkelijke groepjes binnenboord houdt, maar hoe je vanuit christelijk perspectief nog een zinnige bijdrage aan dit land kunt leveren. Dat gebeurt deels wel, maar als Hugo Scherff en George Harinck in “Van de marge naar de macht” bot gezegd concluderen dat de CU eigenlijk opgewarmde prak uit de jaren tachtig/ negentig serveert, dan vrees ik dat ze een beetje gelijk hebben. Als je ziet hoe met de “homoseksualiteitskwestie” omgegaan is in 2008 en hoe voorzichtig men nu handelt met de “katholiekenkwestie”, dan lijkt het bij elkaar houden van de groep als motief nog steeds te overheersen. De partij durft het risico niet te nemen dat de evangelischen, hervormden of (vul maar in) afhaken. De vraag is echter: moet een politieke partij in de 21e eeuw nog draaien om het verzuilde idee van het representeren van een specifieke bevolkingsgroep? Of kan je toch beter met een specifieke visie op mens en wereld het land in gaan? We leven in een land waar één man 24, 26 Kamerzetels kan genereren vanuit het niets, omdat hij blijkbaar iets verwoordt wat leeft. Veel meer dan een bepaalde (etnische) groep, staat een politieke partij tegenwoordig voor een bepaald idee of gevoel over de kant die we op willen met dit land. Ik denk dat de CU zichzelf langzamerhand opheft, als ze daar niet op inspeelt.

  23. Jeannet says:

    Beste Remco,

    Je doet in bovenstaande stukjes voor mij heel herkenbare uitspraken over de lokale situatie:
    “Toch krijg je voor een gemiddelde bijeenkomst van de kiesvereniging met moeite wat mensen bij elkaar. Van de aanwezigen is dan ook nog eens de helft “vaste kern” (raadsleden, steunfractie, bestuur). Overigens is dat een geweldige club. Maar in een stad met pakweg 140.000 inwoners, waarin we drie raadsleden hebben en “meeregeren”, is dat toch zeer mager.”
    Ook wat je stelt over de verkramptheid van het interne debat over omgang met homosexualiteit, RK-leden of het standpunt over Israël leg je de vinger op de gevoelige plek.
    Anderzijds ben ik zelf wel altijd blij als onze partij landelijk naar buiten treedt met een bepaalde eenheid. Het uitdragen van een afwijkende mening ten opzichte van het officiële standpunt van de ChristenUnie is iets wat ik niet luchthartig doe. Ook ben ik liever bezig met wat ons onderscheidt van andere partijen, dan dat ik de interne verschillen onder de loep leg. En al helemaal op internet, een medium waar de sporen van je uitspraken lange tijd achterblijven.

  24. Rolf says:

    @Remco van Mulligen: Het zijn de thema’s die je blijkbaar aan het hart gaan, want ze komen veelvuldig terug in je bijdragen; homosexualiteit en de Rooms-Katholieken. De zogenaamde homokwestie is helemaal geen ‘kwestie’. Wie het programma van de partij en de congresbesluiten kent weet dat er absoluut geen onduidelijkheid is. Uiteraard gaat dit voor de één te ver en voor de ander niet ver genoeg, maar dat is in een partij met veel verschillende meningen juist een teken dat het goed geregeld is. Soms moet je je afvragen of het steeds maar weer terugkomen op dit onderwerp goed is voor de éénheid binnen de partij. Wat is het doel hiervan? Moeten we zo nodig salonfähig worden? Wie is er nu eigenlijk verkrampt?

    De term ‘verzuiling’ doet het ook goed tegenwoordig als je wilt aangeven dat een organisatie ouderwets of achterhaald is. Ik zie de CU absoluut niet als verzuild. Misschien is de relatief grote invloed van vrijgemaakten daar nog een teken van, maar dat zal wel gaan verdwijnen. De CU is inderdaad een protestants-christelijke partij, maar ik vind het erg ver gaan om dat verzuild te noemen. Dat evangelischen op een redelijk natuurlijke manier de partij ingestroomd zijn heeft een paar logische oorzaken. De afgelopen tientallen jaren zijn er veel gereformeerden overgegaan naar evangelische gemeenten. Daarnaast heeft de gereformeerde gezindte veel evangelische dingen overgenomen, zoals liederen, liturgische elementen en beleving. Evenementen als de EO jongerendag, Nederland Zingt, Opwekking, Flevofestival, HGJB conferenties tonen aan dat evangelischen en reformatorischen elkaar over en weer sterk beïnvloeden en samen optrekken. Dat zie je terug in de EO, maar zeker ook in de ChristenUnie. Overal is de verzuiling inderdaad aan het verdwijnen. Rooms-Katholieken staan voor een belangrijk deel buiten dat proces. Het lijkt me hier nu niet het moment om dat diepgaand te analyseren, maar het gaat me te ver om dat proces binnen de CU te forceren en daarmee maar te accepteren dat er evangelischen en hervormden opstappen zoals jij in je reactie schrijft. Die twee zijn waarschijnlijk electoraal gezien de belangrijkste twee groepen voor de CU. Rooms-Katholieken hebben het voor mijn gevoel altijd prima kunnen vinden in met name het CDA, maar ook in de PvdA en de laatste tijd in de PVV.

    Het lijkt me veel beter om af te wachten of in de ‘gewone wereld’ Katholieken ook meer gaan integreren met protestanten. De CU is tenslotte een afspiegeling van een deel van de maatschappij en niet andersom.

    @Alex; in een situatie als in jouw gemeente zou ik gewoon intensief samenwerken met het CDA. Je kunt prima een zelfstandige kiesvereniging hebben en toch politiek innig samenwerken met een andere christelijke partij, zeker als de programmatische verschillen minimaal zijn.

  25. Jack says:

    @ Rolf,

    Je schrijft:”Uiteraard gaat dit voor de één te ver en voor de ander niet ver genoeg, maar dat is in een partij met veel verschillende meningen juist een teken dat het goed geregeld is. Soms moet je je afvragen of het steeds maar weer terugkomen op dit onderwerp goed is voor de éénheid binnen de partij.”

    Het niet hebben van onduidelijkheid wil nog niet zeggen dat het goed geregeld is. Standpunten kunnen (en soms moeten) veranderen. Als iets in een partijprogramma is benoemd is dat niet gelijk aan besproken en afgewikkeld.

    Mensen die denken zoals jij dat hierboven doet, zijn het zwijgend bewijs dat het debat niet goed is geregeld! Dank voor het leveren van het stuitend bewijs dat Remco toch weer een actueel en goed onderwerp heeft gebracht op deze site!

  26. Hoi Rolf,

    Paar dingetjes even.

    Dat de zaak van de katholieken in de CU mij boeit, klopt. Kan je mij overigens aanwijzen waar ik schrijf dat we maar vrede moeten hebben dat evangelischen of hervormden weglopen, als we katholieken erbij trekken? Schrijf ik nergens. Maar de kwestie rondom homoseksualiteit, ook al is het standpunt van de CU voor jou compleet helder, is geen “kwestie” dankzij mij. Het in 2008 vastgestelde standpunt is voor heel veel mensen onbevredigend of zelfs niet te begrijpen. Je hebt gelijk dat de maatschappij in deze een druk legt op de CU. Je ziet aan de katholieke kerk wat voor hoon en agressie het oroept als je ondanks die druk toch het christelijke standpunt blijft verkondigen.

    Wat de verzuiling betreft: ik waardeer die niet negatief. Maar wel als een tijdperk dat voorbij is. Ik waardeer ook het middeleeuws feodalisme niet negatief. Maar het “werkt” niet om de maatschappij of je organisatie anno 2011 op middeleeuwse wijze in te richten. Kuypers wereld is verleden tijd. Er valt nog genoeg van hem te leren, maar mijn indruk is dat mensen zich tegenwoordig op andere wijze organiseren en laten mobiliseren.

  27. Rolf says:

    @Remco van Mulligen: Met je laatste paragraaf ben ik het zeker eens. Waar ik het niet mee eens was is de uitspraak dat het systeem van kiesvereniginen toch een soort overblijfsel is uit de verzuiling. Binnen de ChristenUnie werken evangelischen innig samen met chr. gereformeerden, hervormden met synodalen, vrijgemaakten met ned. gereformeerden, etc. Niks verzuiling. De kiesverenigingen als plek waar je van persoon tot persoon contact heb zijn volgens mij juist stimulerend voor die samenwerking.

    Je opmerking over de RK kerk deel ik ook van harte. Ik heb respect voor de manier waarop ze vasthouden aan principes ondanks de hoon die ze over zich heen krijgen. Geweldig hoe mensen heeft als Bodar en Vonhögen zich in de media op uitstekende wijze verweren. Ik wilde dat de CU dat ook zo kon.

    Je schrijft dit: “Als je ziet hoe met de “homoseksualiteitskwestie” omgegaan is in 2008 en hoe voorzichtig men nu handelt met de “katholiekenkwestie”, dan lijkt het bij elkaar houden van de groep als motief nog steeds te overheersen. De partij durft het risico niet te nemen dat de evangelischen, hervormden of (vul maar in) afhaken. ”
    Je brengt daarmee het betrekken van katholieken voor mijn gevoel wel in verband met het weglopen van andere groepen. En dat is ook wel een beetje terecht, vooral als het gaat om de hervormden en gereformeerden, wanneer dat ‘erbij betrekken’ gepaard zou gaan met het verwijderen van de verwijzing naar de drie formulieren van enigheid. Want lid worden en actief meedoen kan volgens mij allang.

    @Jack
    Je zegt: “Als iets in een partijprogramma is benoemd is dat niet gelijk aan besproken en afgewikkeld.” Ik dacht van wel. Een CU conceptprogramma staat altijd open voor discussie, er kunnen amendementen over worden ingediend die worden besproken op het congres en er wordt over gestemd. Dan pas is het democratisch ‘afgewikkeld’ en is het partijprogramma vastgesteld door de leden. En de ‘homokwestie’ is een onderwerp dat in tegenstelling tot de meeste andere onderwerpen wél heel erg uitvoerig is besproken en bediscussieerd. Je bent duidelijk niet goed op de hoogte. Natuurlijk kunnen standpunten veranderen. Wie dat wil kan het aan de orde stellen. Via zijn kiesvereniging :)

  28. @Rolf: ik snap nu dat het zo op je overkwam, mbt het weglopen van groepen. Ik bedoelde het niet zo (maar dat had je vast al door inmiddels). Je schreef:

    “Binnen de ChristenUnie werken evangelischen innig samen met chr. gereformeerden, hervormden met synodalen, vrijgemaakten met ned. gereformeerden, etc. Niks verzuiling.”

    Verzuiling betekent niet dat elke splinter volledig zijn eigen weg gaat. In die zin hebben alleen de vrijgemaakten het opgevat. Ook een halve eeuw geleden in de ARP werkten de groepen die je noemt al innig samen – behalve de evangelischen uiteraard, want die waren er toen amper. En in de SGP werken mensen van verschillende kerkelijke origine ook al een eeuw samen. Dat kan dus prima, ook binnen een verzuilde structuur.

    Wat m.i. Fortuyn liet zien is dat de verzuilde drieslag sociaaldemocratisch-liberaal-christendemocratisch compleet is uitgehold. Mensen kiezen niet meer voor een club op basis van hun sociale of religieuze identiteit. Ook bij de CU steeds minder. Steeds vaker zie je mensen voor Rouvoet kiezen omdat hij goed en integer verwoordt (of authentiek) wat zij beleven, wat ze belangrijk vinden. Fortuyn paste perfect bij die moderne cultuur en bood een mengelmoes aan ideeën en sentimenten die je bij links, rechts en christelijk tegenkomt. Ik zeg niet dat ik deze verandering, het verdwijnen van de verzuiling, goed vind, maar het is doodeenvoudig realiteit. Ook de CU-achterban geraakt steeds meer ontzuild, wil zich steeds minder snel binden aan clubs, kijkt over de grenzen van de eigen christelijke subcultuur heen. Ik vind de middeleeuwen fantastisch, maar als ik een CU-partijgenoot een ganzeveer en een stuk perkament geef zegtie ook “ja dag, ik stuur wel een e-mail”. Mijn gok is dat op diezelfde manier ook de verzuilde partijstructuur gaat wringen. Het is steeds minder geschikt als middel om mensen nog warm te krijgen.

  29. Flip Mak says:

    Ik ben nog een paar antwoorden verschuldigd, op diverse opmerkingen hierboven en speciaal op de vragen van Ben (wie je verder ook mag zijn; het weglaten van je achternaam heeft iets anoniems. Dat zou niet moeten). Dat mijn reactie niet direct kwam heeft gewoon met mijn agenda te maken maar meer nog met het gegeven dat de vragen een beetje over elkaar heen rolden en nogal divers zijn. Ik vind het bovendien lastig om alle vragen in een openbaar forum te beantwoorden.

    In zijn algemeenheid: de discussie gaat over versterking van het debat en tegelijk over inhoudelijke thema’s. Daardoor raakt de bezoeker af en toe de draad wel kwijt. We zullen maar denken dat dat niet kenmerkerend is voor discussie binnen de ChristenUnie, of… toch wel? Is het ook daarom dat sommigen hierboven het bestuur min of meer verwijten dat het onvoldoende inspeelt op nieuwere thema’s?

    In de tweede plaats wekt de discussie af en toe de indruk dat de meest wijze debaters niet geaccepteerd worden. Hun ideeën worden afgewezen, ontwikkelingen worden afgeremd, men zou niet vrij kunnen debatteren, deelnemers worden niet serieus genomen, enz. Dat is nogal wat. Zoiets als de buurman op hetzelfde erf die vervolgens dat erf onder handen neemt en het dan gek vindt dat ik daar niet op gesteld ben. Nee, hij ging al met die gedachte aan het werk! Mag er misschien iemand zijn die de discussie leidt? Een moderator, zoals W.H. Kolkman al schreef.

    Nu een inhoudelijk punt, voor zover dat er hierboven nog niet in zat. Dat van de samenwerking van evangelischen, gereformeerden, rooms katholieken, en nog een paar stromingen binnen één partij. Als Ben mij vraagt waarom het lied ‘Samen in de naam van Jezus’ door reformatorischen moeilijk meegezongen kan worden, dan zou ik daarop, en tegelijk op andere opmerkingen uit de discussie, willen zeggen: de ChristenUnie is een partij, geen kerk. Dat ben ik me echt bewust. Maar in de liturgie van onze congressen én in de uitwerking van politieke zaken, speelt het christelijk geloof een beslissende rol. En waar Ben bijna juichend de naam van Christus noemt kan het best wel eens zijn dat we in geloof en uitwerking daarvan mijlenver bij elkaar vandaan staan. Ook dát moet je vanuit de Bijbel tegen elkaar durven zeggen. ’t Geeft mij soms een gevoel van vervreemding.
    Het is niets nieuws wanneer ik zeg dat een belangrijk onderscheid tussen gereformeerden en evangelischen hun opvatting is over wat God doet en wat de mens doet – in je hart en in je dagelijks leven. Niet alleen gereformeerden hebben hun dogma’s. Jouw en mijn probleem is dus niet voorbij wanneer we zeggen dat christenen toch in één partij samen moeten kunnen werken. Houd me ten goede, ik had zelfs met een praktiserend moslim, echt waar, ooit nog eens veel overeenstemming over huwelijk en gezin.
    Weet je waar we in Nederland behoefte aan hebben i.p.v. ze steeds als achterhaald en niet meer bestaand te betitelen? Aan zuilen. Je mag het van mij anders noemen maar we zijn onvoldoende herkenbaar geworden. Prof. Schuurman heeft mij in elk geval veel aangereikt om ons bewust te zijn wat onze positie is. De dagen van Kuyper zijn voorbij, schreef Remco van Mulligen. Nee, zei prof. Schuurman en hij sprak de Bijbel na. Lees Salomo. Moet je de geschiedenis van Noach nog maar eens goed lezen. Eindtijd, zegt ook Jezus.

  30. ben says:

    Citaat:
    “de ChristenUnie is een partij, geen kerk. Dat ben ik me echt bewust. Maar in de liturgie van onze congressen én in de uitwerking van politieke zaken, speelt het christelijk geloof een beslissende rol. En waar Ben bijna juichend de naam van Christus noemt kan het best wel eens zijn dat we in geloof en uitwerking daarvan mijlenver bij elkaar vandaan staan. Ook dát moet je vanuit de Bijbel tegen elkaar durven zeggen. ’t Geeft mij soms een gevoel van vervreemding.”

    Mijnheer Mak, laat ik beginnen met te zeggen dat als u voor zou stellen om het CU-congres aan te vangen met psalm 123, dan zou ik ook meezingen:
    “Ik hef tot U, die in de hemel zit, mijn oogen op en bid;”
    Zou u echter bijv. voorstellen:
    “Ik hef mijn handen naar den hogen;
    Mijn ziel is voor Uw alziend’ ogen,
    Gelijk een dor en dorstig land,
    Dat sedert lang ligt uit te drogen,” en wat daar verder volgt in psalm 143:6,
    nou, dat opheffen zou mij (als enige?) nog wel afgaan, maar dat zwaarmoedige vervolg zou ik niet over mijn lippen kunnen krijgen, immers niet in Noord-Oost-Afrika wonend, maar net als de rest van de zaal wel zo’n 15 kilo te zwaar corpus delicti hebbend in ons decadente land.
    Moet u zich voorstellen: zo’n vers staat bij ons in de kerk gerust als introïtus op het programma. Zou dat vroom schijnen te (b)lijken? Of hebben we het écht zo slecht?

    Maar dat geeft dus allemaal niks voor in de politiek, want we zijn geen kerk!
    Laten we echter wel Kerk zijn: KERK!! Daar is er slechts één van meneer! Die van Christus!!
    (en van mijnpart die van Isa ook nog, als Die de Zoon van de God Die een Zoon heeft mag zijn.)
    Daarom mogen we voor mij ook bij de ChristenUnie niemand uitsluiten die per ongeluk bij een voor mij niet zo’n goed kerkje is geboren en wellicht daaraan trouw is gebleven, wetende dat het met allemáál wat is.
    En laten we alle kerkelijke cultuurtjes achter ons laten in de politieke Unie van Christenen, maar ECHT willen zijn!! En hier over de wézenlijke dingen van het politieke christenleven praten, ……. alle ballast en geleuter ver daarbuiten van ons afwerpend.

    (en mocht u echt zo nieuwsgierig zijn naar wie ik nou helemaal ben, – stelt niks voor hoor, mijn Heiland wel – lees dan de vele topics op het CU-forum er op na; die met het bloemetje zijn van mij)

  31. Flip Mak says:

    Heel mooi Ben. Op een bepaalde manier maakt het indruk. Je enthousiasme is duidelijk. Daarnaast, helaas, je af en toe wat neerbuigende opmerkingen richting traditionele kerken is in je bijdragen ook niet afwezig. Het lijkt of je zeggen wil: Kom nou toch kerken, laat nou eens los wat je hindert. Mij hindert helemaal niks. Maar niet voor niets gebruikte ik het woord vervreemding.
    Met een oproep tot geloof en het prijzen van onze Schepper heb je nog geen inhoud voor een politieke partij. Je maakt m.i. te weinig onderscheid tussen dat wat je drijft en belijdt, én dat wat wat rationeel bijgedragen en gewogen moet worden. Ik mijn bijdragen van 25-8 en die van 30-8 heb geprobeerd om iets aan te geven over het verloop van het christendom in de achterliggende eeuw. Ik vrees soms dat we die ontwikkeling gaan herhalen.

    De discussie begon met een goede aanzet door Remco van Mulligen. Wat mij betreft nog één aanvulling over dat thema (“Waar is de discussiecultuur?”): discussie tussen leden? Prima. Maar of dat beheersbaar zal uitmonden in partijstandpunten? Hoe weeg je of iets door alle leden gedragen wordt? Ik heb daar nog mijn twijfels bij. Ik zie de contacten tussen het bestuur en de leden intussen met belangstelling tegemoet!

  32. Rolf says:

    @Flip Mak: Door de KV Nunspeet is op het laatste Uniecongres een mote ingediend over dit onderwerp. De mote is met vrijwel algemene stemmen aangenomen, mede door indringende gesprekken met het bestuur vooraf, waardoor de motie na een ‘ontraden’ uiteindelijk toch het advies van het bestuur kreeg om het over te nemen. In deze motie zit naast duidelijke kritiek op het kader van de partij ook een voorstel om de discussie binnen de partij beter op gang te brengen.

    Het bestuur hoeft deze motie alleen maar uit te voeren en ik begrijp niet goed waarom daar nog niet mee begonnen is. Bij deze een oproep daartoe. Voor wie de motie wil nalezen: http://www.christenunie.nl/l/nl/library/download/481718

  33. Kees van Kranenburg says:

    Boeiende motie. Die kende ik niet, omdat ik mezelf een poosje vrij had gegeven van ChristenUnie -activiteiten.

    Het congres is vooral aardig om mensen te ontmoeten. De meditatie is vaak zeer de moeite waard. Daarna kan in principe veel overgeslagen worden, behalve de pauzes (waar je wel lang moet wachten op een broodje, maar dat terzijde).

    Er dienen uiteraard besluiten genomen te worden door de partij over koers en zo. Lijkt me lastig om daarover ter plekke een debat te voeren. Input daarvoor zou thans idealiter uit de KV-en moeten komen. Dat werkt slechts beperkt, en daar waar een KV actief is, wordt die automatisch bezien als ‘revolutionair’. En u weet wat Groen daarvan vond!

    Ikzelf voel me veel meer thuis bij een informele (niet te verwarren met inefficiënte) wijze van het voeren van het gesprek. Bij voorkeur letterlijk rondom een keukentafel of rond een open haard. Een gesprekssfeer die goedmoedig (maar niet suf) van aard is, waar ieder die wat te melden heeft zich vrij voelt dat te doen. Waar luisteren belangrijker is dan spreken, en waar het normaal en niet bedreigend is een ander idee dan het jouwe eens te bekijken en daar publiek delen van over te nemen. (Ik zie vanwege de setting van een congres een bestuur nog niet zo gauw een ‘draai’ maken op één of ander dossier. Daar moet eerst in de achterkamer over gesproken worden.) Wellicht te organiseren rondom thema’s, regio’s of wat mensen dat ook bindt (of juist niet). Dat kunnen ook kerkelijke lijnen zijn (al heb ik daar wat minder mee).

    Kortom: ontdoe de partij zoveel mogelijk van formalisme, faciliteer échte gesprekken en zorg dat de content daarvan via een LB (iemand moet de consistentie bewaken van de vorm en de opvolging bewaken) ter besluitvorming op eenh congres komen. Een ledencongres denk ik, met zo min mogelijk microfoons, die mensen wel eens gebruiken om maar in beeld te komen. Het inhoudelijke gesprek heeft immers reeds eerder plaatsgevonden.
    Ik zou zeggen: maak gebruik van de behoefte van mensen (échte ontmoetingen, échte uitwisseling van ideeën, stoppen met de ‘mannetjes-achter-microfoons’ toestanden).

    Niks mis dus met de essentie van die motie: laat betrokken, maar relatieve buitenstaanders zich vooral bemoeien met de hoofdlijnen van de partij.