De passage over de Europese Unie in het regeerakkoord van het kabinet-Rutte geeft blijk van een naar binnen gekeerde, defensieve en visieloze houding.
Zo’n vijf keer wordt benadrukt dat het kabinet zal opkomen voor het Nederlandse (economische) belang. Het Europese belang wordt daarentegen geen enkele keer genoemd. Expliciet wordt melding gemaakt van het belang dat Nederland heeft bij deelname aan het Europese integratieproces. Dat Europa of zelfs de wereld iets te winnen heeft bij het Nederlandse lidmaatschap komt er maar bekaaid van af.
De EU kan ‘niet onbeperkt’ uitbreiden, er moeten geen nieuwe bevoegdheden worden overgedragen, deregulering dient een doelstelling te zijn en Nederland wil substantieel minder betalen aan de EU. En dan heb ik het nog niet eens gehad over het revolutionaire streven van het kabinet om bepaalde Europese richtlijnen en internationale verdragen aan te passen.
Maar bovenal ontbreekt een heldere, richtinggevende en positief geformuleerde visie. Zo’n visie is onontbeerlijk om de huidige stand van zaken in de EU te beoordelen en een bijdrage te leveren aan het Europa en de wereld van de toekomst.
De houding van het kabinet doet denken aan de manier waarop de ChristenUnie en haar voorgangers zich ook wel geprofileerd hebben – en dat zeg ik zowel met een knipoog als een traan. Laat de ChristenUnie dit keer niet tevreden vaststellen – zoals tijdens de referendumcampagne over het Grondwettelijk Verdrag – dat andere partijen inmiddels ook het licht hebben gezien. Het wordt juist tijd dat de ChristenUnie zich voluit positief gaat opstellen ten aanzien van het Europese integratieproces. Dat is zij aan haar christelijke overtuiging verplicht. Er lijkt geen beter moment voor de ChristenUnie om zich op die manier te profileren dan het aantreden van het nieuwe kabinet. Met een positief-kritische visie kan de ChristenUnie een unieke positie innemen in het partijpolitieke landschap.
Op deze plek wil ik de komende tijd beschrijven hoe zo’n positieve visie er uit zou kunnen zien. Dit in het kader van het project dat ik doe voor het Wetenschappelijk Instituut van de ChristenUnie en de European Christian Political Movement, ‘Europa’s waarden, doelstellingen en beleid vanuit christelijk-politiek oogpunt’. Ben ik dan niet kritisch? Zeker wel, met name op drie gebieden. Laat ik daar mijn eerste bijdrage mee besluiten.
Ten eerste is het goed om er voor te waken dat de EU door verdere beleidsintegratie geen eenheidsworst wordt, maar er juist ruimte blijft voor de diversiteit die zo eigen is aan Europa. Dit gevaar ligt constant op de loer, omdat globalisering schaalvergroting met zich meebrengt van zowel problemen als oplossingen. Europese eenheid is noodzakelijk om bij te dragen aan de oplossing van hedendaagse problemen, maar verscheidenheid creëert juist de ruimte voor burgers om zich thuis te blijven voelen in een globaliserende wereld. Eenheid in verscheidenheid blijft dus het devies.
Ten tweede is het belangrijk om kritisch te zijn op het schijnbaar automatisch voortgaande integratieproces en haar ‘eigen dynamiek’. Deze dynamiek is inherent aan het proces in de zin dat vorige stappen na verloop van tijd vragen om volgende. Een volgende stap hoeft geen probleem te zijn, maar het is wel een probleem dat we het zelf niet (meer) in de hand lijken te hebben. Alle defensieve woorden van het regeerakkoord ten spijt, de volgende stap naar het lidmaatschap van Servië is zo juist gezet en er komt nu al weer een nieuwe Verdragswijziging (omwille van de stabiliteit van de euro).
Ten derde is een kritische houding op zijn plaats als het gaat om de gebrekkige democratie van de Europese bestuurslaag. Debet hieraan is de mix van intergouvernementele en supranationale elementen in de institutionele structuur. De democratie op EU-niveau zou gebaat zijn bij een puur supranationale – of nog beter, schrik niet, federale – opzet, maar dat lijkt niet haalbaar vanwege de conflicterende visies van de lidstaten. Nu rest ons te roeien met de democratische riemen die we hebben, maar dat zou wel eens steeds moeizamer kunnen gaan.




Veelbelovend, Sander: positief integreren en ondertussen kritisch blijven op diversiteit, dynamiek en democratie.
Ik ben wel benieuwd hoe je verwacht dat dat effectief vorm kan krijgen. Terwijl je dat ene toejuicht (waarom eigenlijk zo?) gaat het op hetzelfde moment namelijk net zo hard mis met de 3 D’s..
Heb je misschien voorbeelden die kunnen overtuigen? Wat zou er nu bijvoorbeeld moeten gebeuren met Servië?
En zijn er trouwens geen ‘hogere’ waarden in Europa om kritisch op te blijven vanuit de Christelijke wortels? Denk aan gemeenschapszin, de menselijke maat, eerlijke handel, rentmeesterschap, families etc.
Deze 3 D’s klinken namelijk nogal abstract, instrumenteel en bureaucratisch. Hoe verhouden ze zich tot de toch levendige wortels? Je volgt ondertussen het schumancentre.eu toch wel? Succes!
Dapper hoor, iets positiefs schrijven over een federaal Europa op een aan de ChristenUnie gelieerde website…
Goed stuk. Succes met je project, hopelijk doet de ChristenUnie er z’n voordeel mee.
Op zich is een positief stuk schrijven over een federaal Europa in Nederland dapper, vooral omdat de huidige gang van zaken de meeste Nederlanders al te ver gaat.
Dapper? Bedoel je dat meesmuilend, meewarig, of meen je het echt?
En mag ik daarmee dan concluderen dat het een compliment is?
Of toch niet, omdat ‘de meeste Nederlanders’ namens wie Edward ‘meestal’ spreekt het voor het zeggen moeten hebben in alles?
Onze representatieve democratie draait om zetels. Raadszetels, Kamerszetels, EP-zetels, noem maar op. Om zetels te krijgen, heb je kiezers nodig: hoe meer kiezers, des te meer zetels en des te meer invloed.
Je kunt de kiezer benaderen zoals partijen als D66 (230% winst), PVV (160% winst) en VVD (33% winst) het doen, door je open te stellen voor de geluiden uit de samenleving en daar de koers van je partij op aan te passen. Of je doet het zoals de CU (17% verlies), PvdA (6% verlies) of CDA (50% verlies) het doen door vast te houden aan de koers van de partij en geen aandacht besteden aan de kiezer. De getallen hier geven al duidelijk aan welke strategie de meest doeltreffende is.
Je kunt er lang en kort over praten maar de samenleving is veranderd. De burger accepteert het niet meer dat Wijze Heren in Den Haag voor hen bepalen wat er gebeurt. Als je nu aankomt met de houding van Balkenende (als je vindt dat we het fout doen, leggen we het opnieuw uit want dan heb je het duidelijk niet begrepen) straft de kiezer je af. Dat heeft het CDA wel gezien.
Dus, kort gezegd, de meerderheid heeft het inderdaad voor het zeggen in ons land om de simpele reden dat de minderheid onvoldoende macht heeft om de meerderheid te staan te brengen.
@Edward: Het klopt wat je zegt, maar er valt toch wel wat meer over te zeggen. Als politieke partij moet je niet naar ‘de kiezer’ in het algemeen luisteren, maar naar de kiezers die tot je potentiële en natuurlijke achterban behoren. Waarom zou Groen Links moeten luisteren naar iemand die zich niet aangetrokken voelt tot de uitgangspunten van deze partij? Waarom zou de ChristenUnie de koers moeten aanpassen vanwege niet-christenen? Dat is mijn eerste bezwaar tegen je redenering. Je moet als partij wel gewoon je eigen uitgangspunten kunnen hebben en je oren niet laten hangen naar iedere kiezer.
Mijn tweede bezwaar is dat volgens mij de burger wel degelijk accepteert dat ‘wijze heren’ in Den Haag bepalen wat er gebeurt. Wilders bijvoorbeeld doet gewoon precies hetzelfde. AOW leeftijd is plotseling na de verkiezingen geen punt meer en zijn kiezers accepteren het zonder probleem. Waarom? Omdat hij in staat is om zijn beslissingen goed te communiceren en vast te houden aan een klein aantal hoofdpunten waar zijn kiezers ‘wakker van liggen’. Ieder democratisch systeem zit zo in elkaar dat er uiteindelijk ergens een paar wijze mannen en vrouwen zijn die voor jou beslissen. Zelfs in een directe democratie als Zwitserland. Er hoort een gezonde afstand tussen politici en het volk te zijn. Dat werkt prima, zolang die politici maar duidelijk kunnen maken dat ze hun beslissingen nemen in het belang van hun kiezers en in het landsbelang. Als dat niet kunnen dan wordt dat terecht afgestraft.
1 lichtpuntje met betrekking tot het laatste punt dat Sander aanstipt is de sterkere rol van het Europees Parlement na invoering van het Lissabon verdrag. Je ziet toch dat het EP deze grotere rol ook nadrukkelijk opeist en invult (bijv. op het gebied van het buitenlands beleid van de EU).
Het EP is beslist niet perfect maar het is wel het enige echt democratisch gekozen lichaam binnen de EU instituties en een sterkere EP kan daarom m.i. het democratische gehalte van de EU enigszins versterken.
@ Rolf:
Het hangt ervan af hoeveel invloed je nastreeft. Als je veel invloed wilt, zal je naar zoveel mogelijk kiezers moeten luisteren en dus een zo algemeen mogelijk beleid moeten uitstippelen. Hoe specifieker je achterban is, des te minder invloed behaal je. Daar kun je voor kiezen maar dan moet je ook niet vreemd staan te kijken dat je vrijwel niets voor elkaar krijgt.
Wat betreft de “wijze heren” bedoelen we hetzelfde. Als jij duidelijk kunt maken waarom iets niet werkt en met goede argumenten komt (in plaats van een herhaling van zetten). Desalniettemin zie je wel dat de partijen die meer naar de kiezer (zeggen te) luisteren winst hebben geboekt bij de laatste verkiezingen en een partij als het CDA, die er een sport van maakte om precies niet te doen wat de kiezer wilde, een historisch verlies heeft geleden.
Als ik het vertaal naar mijn eigen vakgebied: 20 jaar geleden deed iedere patiënt precies wat hem of haar gezegd werd en nu moet je patiënten echt overtuigen van je gelijk wil je een kans hebben dat ze zich aan je behandeling houden.
Je kunt niet ontkennen dat de samenleving en de houding van de mensen zijn veranderd. Als Den Haag niet leert mee te gaan in die veranderingen, zullen de volgende verkiezingen pas echt een aardverschuiving laten zien.
@ Johannes de Jong:
Ja, het Verdrag van Lissabon had de slagvaardigheid van de EP moeten vergroten. In de praktijk komt daar alleen niets van terecht omdat nu alles door lobbies moet worden gedaan. Enige tijd geleden stond er in Elsevier een verslag van een week in het Europarlement waarbij men het op dinsdagavond pas eens was geworden over de lunch van maandag.
Bovendien, het EP kan niet veel als de lidstaten niet meewerken. De nodige wijziging van het Verdrag van Lissabon geeft dat wel aan. De kans is vrij groot dat diverse lidstaten alleen zullen instemmen met die wijziging als ze er een of meerdere uitzonderingsposities voor terugkrijgen. Dat gaat weer jaren duren.
Bedankt voor de reacties.
@Simon Frans:
Goed dat je de drie D’s er uit gepikt hebt
De ‘hogere waarden’ en ‘levendige wortels’ die jij noemt, schaar ik onder de positieve visie, dus daarover de volgende keren meer.
Naar mijn mening kunnen een positieve visie en een kritische houding hand in hand gaan.
Wat betreft Servië, ik denk dat de EU er goed aan doet een pas op de plaats te maken wat betreft uitbreiding (en ook verdere integratie), omdat de spagaat van verdere uitbreiding/integratie en onvoldoende draagvlak onder de bevolking steeds pijnlijker begint te worden. Daarmee zou het automatisme/eigen dynamiek (op dit punt) dus bewust een halt worden toegeroepen.
Als je toch verdere stappen wilt zetten, lijkt het me een onderdeel van de toetredingscriteria dat Mladic wordt uitgeleverd. Hoe politieker de onderhandelingen, hoe meer het automatisme/eigen dynamiek in de hand wordt gewerkt. Maar laat het duidelijk zijn dat ik vanwege de positieve effecten voor Servië en de regio (vrede, veiligheid, welvaart) een groot voorstander ben, op termijn, van lidmaatschap.
Het Schuman Centre van Jeff Fountain is voor de ECPM en mijzelf een belangrijke partner.
@Johannes:
Goed punt. Wel is het zo dat de sterkere rol van het EP na het Verdrag van Lissabon gepaard gaat met een sterkere rol van de (intergouvernementele) Europese Raad, die ten koste gaat van de (supranationale) Europese Commissie. Ook dat zien we nu gebeuren. Er is op dit moment een hoop getouwtrek gaande tussen deze instellingen. Getouwtrek hoort misschien bij de ontwikkeling van een volwassen democratie, maar de door mij genoemde mix ligt wel aan de basis van het democratisch deficit van de Europese bestuurslaag.
@anderen:
Dat het f-woord een hoop stof doet opwaaien wist ik, maar dit is toch andere stof dan ik had verwacht
Als het dapper is, dan geldt dit ook voor andere partijen dan de ChristenUnie. Federalisme staat in de publieke opinie gelijk aan centralisme, maar een federatie kan (juist) ook decentralistisch worden ingevuld. Dan is het ‘opeens’ een aantrekkelijk model voor de EU.
Daarnaast is een grote aantrekkingskracht van een federaal model – en daar ging het me nu om – de democratische manier waarop de institutionele structuur wordt ingevuld.
Misschien moet ik nog eens een column wijden aan dit concept; ik had de hoop eigenlijk een beetje opgegeven, vanwege de blijvend sterke centralistische connotatie van het concept en de commotie na mijn eerdere stukken hierover (toen nog voor de RPF) als jonge en enigszins naïeve student…
Grote dank voor dit mooie stuk.
Probeer eens een bijdrage te wijden aan het politicologische concept ‘asymmetrisch federalisme’. Ik vermoed sterk dat dit hierbij heel behulpzaam zou kunnen zijn.
Hey, that’s the graeestt! So with ll this brain power AWHFY?
jCLDH6 , [url=http://dwoslfyxsxoz.com/]dwoslfyxsxoz[/url], [link=http://ztuihezhgkdm.com/]ztuihezhgkdm[/link], http://xrfnyolatbou.com/
GmSwAR , [url=http://wlqudxtlxetc.com/]wlqudxtlxetc[/url], [link=http://yrjxlraqbejy.com/]yrjxlraqbejy[/link], http://iwavskcchomq.com/