Innovatie is geen economische zaak, maar een kwestie van leven; op de lange termijn een noodzaak tot overleven. Daarbij past geen houding van makkelijk scoren, laf afschuiven en wat pappen en nathouden. Dat zijn eerder kenmerken van een economische, calculerende kille benadering. De minister van EL&I kan beter de intelligente dialoog tussen belanghebbenden gaande houden en met het oog op de lange termijn de uitvoerende partijen faciliteren.
Sinds ik deze week vader ben geworden kijk ik anders tegen de wereld en het leven aan. Dankzij mijn opvoeding en opleiding ken ik de zorgen en vreugdevolle hoop van ‘lange termijndenken’, in de volksmond beter bekend als het lege containerbegrip ‘duurzaamheid’. Dit denken heeft deze week weer een extra dimensie gekregen voor mij: het is niet alleen vanuit strategisch, intellectueel en Christelijk perspectief relevant; ook mijn hart en beleving zijn opnieuw verdiept betrokken geraakt op de verdere toekomst.
We gunnen onze zoon straks bijvoorbeeld de inspirerende beleving van uitgestrekte natuur, het genot van de smaak van verantwoorde vis en de verrijkende samenwerking middels geavanceerde communicatiemiddelen. Het zit me helaas niet helemaal lekker zoals deze wezenlijke thematiek nu onder de hoede van de door de wol gedoodverfde minister van EL&I valt.
Vooropgesteld: deze minister en vice-premier Verhagen is klasse. Hij gebruikt bijvoorbeeld de sociale media voortreffelijk; zakelijk, duidelijk en prikkelend en tegelijk gedoseerd gepast persoonlijk. Hij weet enthousiast concrete resultaten te benoemen en die in een lange termijnperspectief voor ons land te plaatsen. Lees z’n gekwetter maar na. Dan zie je ook dat hij nog steeds dat verband probeert te leggen.
Klasse dus, maar wat zit er dan niet lekker? Dat is het fundamenteel verkeerd gelegde verband tussen lange termijndenken en economische zaken: ‘Duurzaamheid’, als thema onder Innovatie, als thema onder Economische Zaken; dat is de wereld op zijn kop! Het is een weeffout waarachter een levensgevaarlijke verwisseling van doelen en middelen schuilt.
Natuurlijk moet elke innovatie, elke nieuwe ontplooiing van de Schepping, gebaseerd zijn op een goed geregeld huishoudboekje; oikos nomos. En natuurlijk is duurzame ontwikkeling alleen mogelijk met voldoende vertrouwen in de daardoor gevormde toekomst; in ons bestel uitgedrukt in toegekend budget.
Helaas geeft de minister echter blijk van een ongezonde dominantie van economische motieven op het gebied van innovatie, ten koste van de lange termijn.
Dat is nogal wat. Laat me uit de afgelopen week drie voorbeelden geven van zijn rol in ontwikkelingen op het gebied van ‘duurzame’ (lange termijn-) innovatie. In alle drie de gevallen zijn de afgelopen week significante stappen gezet die mijn kritiek illustreren. En dan gaat het me niet om de details, maar om de tendens. En om die te keren:
De slimme meter
Deze eenvoudige technologische innovatie kende in ons land mede dankzij de ChristenUnie een degelijke trage implementatie. De bovenstebeste ReflectieRuimte vond de privacy in het geding, dus al te voortvarende maakbaarheidsdenkers werd een halt toegeroepen. Ondertussen rolden onze verwarde Zuiderburen het dingetje al massaal uit en werd ook het beetje nieuwbouw op eigen bodem er alvast mee uitgerust. Tegelijkertijd bereidden onze ambtenaren een nieuw voorstel voor een degelijker implementatie voor. Deze week werd dat voorstel unaniem goedgekeurd door het Tweede Kippenhok. En wie prijkte er met de veren?
De regeling SDE+
Duurzame energievoorziening voorbereiden is momenteel economisch onaantrekkelijk. We zitten hier met ons gasbelletje op termijn nou eenmaal in de tang tussen het Midden- en Verre Oosten: de benodigde grondstoffen voor flexibele decentrale voorziening zijn in evenzo machtige (lees: dure) handen als de momenteel wel haalbare centrale energie. Een duurzamer energievoorziening wilden we dus voorbereiden met geld uit algemene middelen: nu zeker tot zegen van enkelen en in de toekomst wellicht goed voor velen. Maar dat gaan we dus niet meer doen met deze kleurrijkekousenregering. Nee: Europa mag het regelen, wij betalen wel. De Commissie maakte deze week bekend een decennium lang 100 miljard Euro per jaar (!) uit te willen geven voor een gedeelde en dus (..) zekerder energievoorziening. De minister stelde eigen besluitvorming opnieuw uit.
Het Consuwijzer.nl-loket
Dit is een nieuwe digitale ‘plaats’ waar zogenaamde ‘consumenten’ terecht kunnen voor advies om hun activiteiten beter te ontplooien. (Of wat ‘wijzer’ ook betekent in het geval van consumenten..)
“Zie waar je recht op hebt..” twitterde de minister over deze grandioze gemiste kans. Hét knelpunt waar duurzamer welvaart op vastloopt is het korte termijndenken van heel veel hele kleine keuzes van consumenten. En dé mogelijkheid voor open innovatie ligt precies daar, in de intelligente dialoog met gebruikers. Ideaal zo’n loket dus, maar aan beide mogelijkheden: het vormen van groepen consumenten met een lange termijn focus, of uberhaupt de dialoog, is hier blind voorbijgegaan. En uit de overdreven entourage valt ook niet op te maken dat dit door gebrekkige economische middelen komt. En de minister? Die benadrukt de rechten van de consument.
Concluderend, begrijp me goed: ik juich deze innovaties toe. De slimme meter maakt slimmer energiegebruik mogelijk en biedt nu ook voldoende vrijheid. Ook de benodigde duurzame energievoorziening heeft inderdaad alleen op Europees niveau perspectief. En ook als consumenten zich bewust worden van hun macht, pas dan komen en blijven we nog eens ergens.
De resultaten voor deze ontwikkelingen vallen dus wel mee, maar de minister benadert ondertussen Innovatie vooral als Economische Zaak en draagt daarmee niet bij aan de lange termijn van deze ontwikkelingen. Innovatie is namelijk geen economische zaak, maar een kwestie van leven. Op de lange termijn een noodzaak tot overleven.
Wanneer de minister er nu al een gewoonte van maakt om op bovengenoemde wijze te pronken met andermans veren, de belangrijke keuzes over te laten aan hogere machten, en ondertussen verkwistende façadepaardjes te berijden, dan gaat er iets mis. Dan lijdt de lange termijn waar innovatie voor bedoeld is, onder al te economische zaken: makkelijk scoren, laf afschuiven en wat pappen en nathouden.
Dus hopelijk heeft deze klasse minister nog wat jaartjes om in intelligentere dialoog met consumenten en Europa en dienstbaar aan zijn eigen ambtelijke apparaat nog wijzer zijn verantwoordelijkheid te nemen. Dan zullen economische zaken juist de dragende en dienende kracht zijn voor innovatie, zodat dat een zaak kan zijn van lange termijnsucces. Dan krijgen maatschappelijke belangengroepen en ondernemers de ruimte en het perspectief om een goede toekomst vorm te geven. Voor al onze zonen en dochters. Bij voorbaat dank, minister.




Ha Simon,
Je woordkeuze wordt alsmaar mooier. Vaderschap heeft een inspirerende invloed op je.
Gaat je punt nu vooral over gebrek aan lange termijn denken? Of over Maxime’s politieke stijl / leiderschap? Ik dacht het eerste, maar je argumenten gaan uiteindelijk over dat tweede.
Consuwijzer bekritiseer je terecht vanwege focus op MIJN rechten, al kan ik het effect bij consumenten nog niet heel hard voorspellen. Ik lees eigenlijk vooral over hulp bij falende producten/diensten. Lijkt me een toe te juichen ontwikkeling als consumenten het niet langer pikken als een mobiel na 1 jaar al kapot is. Krijgt de telecomindustrie eens een prikkel om daar op te letten.
Mbt de slimme meter gaat je kritiek over politieke stijl. Maar de ontwikkeling an sich is, mits met goed gewaarborgde privacy, een goede stap in de richting van een duurzaam elektriciteitsnetwerk, want het maakt o.a. lokaal terugleveren mogelijk, wat zeer bevorderend is voor elektrische auto’s en zonne-energie.
Eens dus dat een consumentenbewustzijn nog onvoldoende wordt aangeboord, maar naar mijn idee zet Maxime wel stappen zo. Je overtuigt me nog niet geheel dat hij er meer uit had kunnen halen. Blijft het gevoel dat het beter kan. Ook ik heb mijn stemgedrag afgelopen verkiezingen laten bepalen door de weinige aandacht voor duurzame zaken bij de grote partijen..
Groet,
Marijn
Marijn, het doet me deugd je ook hier te treffen!
En je wijst me meteen ook lekker scherp op een keuze die ik inderdaad niet kon maken: zit het grootste probleem voor de lange termijn in de stijl of het denken van dit kabinet? Volgens mij is helaas beide het geval en is er ook sprake van interactie hiertussen.
Er zijn namelijk problemen met de stijl, het leiderschap, het nemen van verantwoordelijkheid, namelijk: het gebrek eraan. Wijffels, #1 in de Duurzame 100 zei het ook al: “Het was veel beter geweest als hier de minister-president had gestaan, als toonbeeld van duurzaamheid. Maar dat is niet het geval.”
Dit gapende gat in dit kabinet komt volgens mij voort uit haar denken over duurzaamheid in vooral economische termen. Er is, terecht, en oh, hoe briljant, het verband gelegd dat duurzaam en met oog voor de lange termijn ondernemen ook economisch verantwoord is. Vervolgens wordt er alleen weer simplisties gehandeld alsof alles dat nu economisch is ook goed is voor de lange termijn.
Let eens op hoe vaak ze zich bijvoorbeeld bij elke bezuiniging verschuilen achter het belang van gezonde overheidsfinanciën voor de lange termijn..
Het probleem van dit denken schuilt dus ook in de weeffout rond de prioriteitstelling van deze thematiek. Symptomatisch is dan weer de stijl rond de genoemde ontwikkelingen die ik hierboven beschrijf.
Je voorbeeld over de consumentenrechten is trouwens interessant. Dat is inderdaad een positieve kant van dat loket. En een stapje in de goede richting.
Maar als Maxime hierin politiek leiderschap zou tonen, zou hij die intelligente dialoog tussen consument en producent faciliteren, zou er de prikkel in de goede richting zijn en ergens ook een hek op de dam.
Het blijft nu nog zo’n plat loketje waar je je snack uit de muur trekt. Het kan nu inderdaad een biologische of vegetarische snack zijn, maar toch.. Als hij niet zoals nu alleen af en toe met z’n vinger in de ambtelijke pap roerde, maar ook een paar vingers in onze lekke dijken zou steken, ja dan..
Opdat alles steeds scherper worde een hartelijke groet,
Simon Frans