De Eerste Kamer: het stroeve lichaam

201003-Eerste Kamerleden-0047
20.01.2011 |

Abraham Kuyper was geen man van halve maatregelen. Toen de Eerste Kamer In 1904 zijn plannen voor het Hoger Onderwijs dwarsboomde, ontbond hij de Kamer. Dat wil zeggen: hij liet nieuwe verkiezingen houden in de Provinciale Staten. De Eerste Kamer wordt sinds 1848 ‘getrapt’ verkozen, indirect dus. Het zijn de leden van de Provinciale Staten die in hun vergadering de leden van de Eerste Kamer kiezen. De herverkiezing van een nieuwe lichting ‘senatoren’ leverde in de zomer van 1904 een minder ‘stroeve’ Eerste Kamer op. Kuyper had zijn  meerderheid. De wet zorgde er onder andere voor dat  diploma’s van de  (toen nog geheel ‘particuliere’) Vrije Universiteit algemeen erkend werden. Ik heb de rechtsgeldigheid van mijn latere diploma’s dus te danken aan dit unieke parlementaire moment.

Wel gek, zo’n Kamerontbinding. Tegenwoordig zou bij een conflict tussen Eerste Kamer en regering de Kamer blijven zitten en de regering wijken. Toen tijdens de ‘nacht van Wiegel’ (1999) de invoering van het referendum sneuvelde, volgde de ontslagaanvraag van het kabinet-Kok (die later weer werd ingetrokken). Op de ‘nacht van Van Thijn’ (2005), waarin de grondwetswijzing voor een gekozen burgemeesterschap sneuvelde, volgde het aftreden van minister Thom de Graaf. Voor Kuyper minister-president werd was de ontbinding van de Kamer al vaker overwogen. Kuyper was de eerste die dúrfde. En de laatste. De Kamer kan nog altijd worden ontbonden, maar als daar politieke redenen aan ten grondslag liggen zal dat geen draagvlak hebben. De huidige wijze waarop de Eerste Kamer wordt gekozen maakt zo’n ontbinding trouwens zinloos.

De Kamer blijft dus altijd zitten. Dit is een stapje in een proces dat vandaag wordt aangeduid als de ‘politisering’ van de Eerste Kamer. Ook al gaat de Tweede Kamer voorop, de Eerste Kamer wordt geleidelijk aan politieker. Die ontwikkeling  is al veel langer gaande. Niet duidelijk is waar dit zal eindigen. De grondwet kent een Staten-Generaal met twee Kamers. Zij hebben ieder eigen bevoegdheden, de Tweede meer dan de Eerste. Maar beide zijn voluit politiek. Dat de Tweede Kamer het politieke primaat heeft, is een kwestie van politieke cultuur, niet van bevoegdheid. Een tweekamerstelsel als het onze is des te krachtiger als de Kamers beschikken over een sterk politiek bewustzijn. Het is helemaal niet verkeerd als dat politieke zelfbewustzijn sterker wordt in de Eerste Kamer. Het is ook weleens te zwak geweest. We gaan nu uitvechten of een kabinet dat niet beschikt over een meerderheid in de Eerste Kamer wel kan blijven zitten.

Er is een tijd geweest waarin de Kamer geacht werd te luisteren naar de Kroon. De Kroon had, zo heette het, een laatste ‘bolwerk’ in de Eerste Kamer. Het beeld van de Eerste Kamer als hofhouding van de Koning heeft diepe wortels. Aanvankelijk werden de leden direct door de Koning benoemd. Tot 1848 was het sowieso een adellijke bedoening. Ook toen de verkiezingen via de Provinciale Staten werden geregeld bleven de hogere standen de senaat domineren. Zij trokken immers ook in provinciale besturen nog lang aan de touwtjes. De hogere standen konden via de Eerste Kamer dus blokkeren wat via de rechtstreeks gekozen Tweede Kamer was besloten. Daarom hadden de linkse partijen een hekel aan de Eerste Kamer en waren ze voor de afschaffing ervan. De hedendaagse discussie over het ‘nut’ van de Eerste Kamer is een echo uit dat verleden die helaas nog al te vaak gerepeteerd wordt.

Zij die nu nog over de afschaffing van de Eerste Kamer beginnen, hebben de polsslag van de tijd niet te pakken. De situatie die men bestreed is al lang verleden tijd. De senaat heeft zich ontwikkeld tot een stabiliserende factor in ons staatsbestel. Spreken Amerikanen over de afschaffing van hun senaat? Dat het in ons opkomt, heeft met verouderde beelden te maken. De Eerste Kamer voorziet ons politieke stelsel van extra ‘checks and balances’. Dat ze haar rol wil spelen in een tijd van dichtgetimmerde regeerakkoorden is alleen maar winst voor de democratie. Over de verkiezing ervan – die nog een oude situatie weerspiegelt – moeten we nog eens grondig nadenken. Maar een politiek actieve Eerste Kamer in instabiele tijden is geen overbodige luxe. De ontbinding van de Eerste Kamer in 1904 was de pervertering van een verkeerde gedachte  over de rol van de Eerste Kamer. Als het een afscheid van die verkeerde gedachte was kan ik er zelfs mee leven. Want op een of andere manier plaveide die ontbinding voor mij de weg naar mijn loopbaan als senator.

Dit artikel is een voorpublicatie van het vijfde hoofdstuk uit het boek ‘ Mijn Land. Politieke verkenningen’ van Roel Kuiper. ‘ Mijn Land’  is een bundel met persoonlijke reflecties op de politiek en verschijnt op zaterdag 22 januari

Roel Kuiper
Senator voor de ChristenUnie en bijzonder hoogleraar reformatorische wijsbegeerte

6 reacties

  1. Edward says:

    Persoonlijk denk ik dat politici als Geert Wilders, die toch het hardste loopt te roepen dat de Eerste Kamer moet wijken, de geschiedenis van onze parlementaire democratie niet eens kent. Zo leer ik nu dat de leden van de Eerste Kamer van oorsprong door de Kroon werden benoemd. Dat wist ik niet.

    Als politici niet weten hoe de geschiedenis van de Eerste Kamer in elkaar steekt, zal dat dus ook geen rol spelen bij de wens tot ontmanteling ervan. Ik denk dan ook dat de oorzaak van deze roep elders ligt.

    Hoewel de fractieleden van de Tweede Kamerfracties juridisch niet gebonden zijn aan het regeerakkoord is het voor de carrière van de diverse Kamerleden niet best om tegen het regeerakkoord in te gaan. De Tweede Kamer bevat vrij veel jonge leden (zeker in vergelijk met de Eerste Kamer) die toch hopen op ooit een positie als staatssecretaris, minister of misschien zelfs minister-president. Er wordt bij de stemmingen dus redelijk rekening gehouden met de wens van de partijtop.

    In de Eerste Kamer ligt dit anders. Dit zijn vaak mensen die hun sporen in de politiek al hebben verdiend (zoals een Hans Wiegel of Ed van Thijn) en die eigenlijk hun publieke leven aan het afbouwen zijn. Ze spelen nog wel mee maar treden niet zoveel meer op de voorgrond. Tegelijk kunnen ze putten uit veel ervaring.
    Als gevolg hiervan voelen de leden van de Eerste Kamerfracties zich minder gebonden aan het regeerakkoord. Dit hebben we recent gezien in de discussie over de BTW-verhoging van de podiumkunsten. Als het kabinet niet had ingebonden, had de Eerste Kamer het hele belastingplan dreigen op te blazen. Er werd iedere keer wel gezegd dat het zo’n vaart niet zou lopen maar blijkbaar was het kabinet er toch niet gerust op. In deze discussie liet niet alleen de oppositie zijn tanden zien maar bleken voor de fractieleden van CDA en VVD niet zomaar met het kabinet mee te stemmen. Dus zelfs als een coalitie de meerderheid van de zetels in de Eerste Kamer heeft, wil dat nog niet zeggen dat de plannen van het kabinet zonder problemen doorgevoerd worden. De discussie over het belastingplan liet dat zien, evenals de Nacht van Wiegel en de problemen rond de gekozen burgemeester.

    Persoonlijk denk ik dat daar de oorzaak van de discussie over de Eerste Kamer ligt. Politici als Geert Wilders, die wel degelijk weten dat hun plannen op de grens van de wet liggen, zijn allang blij dat ze (een deel van) hun eisen in het regeerakkoord vast hebben liggen. Die zitten dus niet te wachten op een tweede toetsing door een groep mensen waar ze veel minder vat op hebben. De Eerste Kamerfracties hebben al laten zien dat ze niet zonder meer op een lijn liggen met het kabinet en met afschaffing van de Eerste Kamer zou je die hindernis wegnemen. Dat ons land als geheel er de dupe van zou worden, nemen populisten graag op de koop toe.

  2. dkngcnpz says:

    Wq3k3v zaqcwxukepwm, [url=http://uvhlgdroffok.com/]uvhlgdroffok[/url], [link=http://cleznzxtvoqm.com/]cleznzxtvoqm[/link], http://vfufyyenqynn.com/

gerelateerd

   Geen gerelateerde artikelen gevonden

BESTGELEZEN