De afgelopen dagen hoor ik van steeds meer kanten dat de campagne teveel gaat over de CPB cijfers. Er moet meer ruimte komen voor ‘het grote verhaal’, de principes. Ik heb een tegenovergestelde mening. Doordat we te weinig weten over de cijfermatige effecten ontstaat er onnodige mist en geharrewar. Sorry meneer Cohen, maar we hebben nog meer cijfers nodig!
Het zat allemaal nogal kort op elkaar: de val van het kabinet, de presentatie van de ambtelijke werkgroepen, de verkiezingscampagne met bijbehorende programma’s en de dag van de waarheid, 9 juni. Het CPB moest daarom kiezen, wat wel en niet uit te rekenen. De focus lag daarom op de ‘houdbaarheid van de overheidsfinanciën’ op lange termijn, oftewel het veelgehoorde gat van EUR 29 miljard in de overheidshand. De vraag bij de doorrekening was of de partijen dat dichtgerekend kregen.
Voor effecten op korte termijn en in individuele gevallen was minder tijd. En dat is jammer, want daardoor ontstaat er mist. De VVD als partij van de ondernemers en overheidsfinanciën is het aan haar stand verplicht om de grootste bezuiniging te realiseren. Die prestatie werd de afgelopen weken dan ook succesvol uitgevent. Kritiek van linkse partijen kreeg geen vat op Rutte.
Pas door een reportage van Netwerk werd iets duidelijk van de inkomenseffecten bij verschillende groepen. Uit de heup, tendentieus, slordig en inaccuraat. Allemaal waar, het verdient geen schoonheidsprijs. Maar nu weten we tenminste dat wat de VVD betreft een bijstandsmoeder er ruim EUR 500,- per jaar op achteruit gaat en andere kant iemand met een topinkomen EUR 1.800,- op vooruit. Dat maakt het debat toch inzichtelijker. De PvdA past haar zorgplannen aan naar aanleiding van de CPB cijfers, de ChristenUnie kan gaan uitleggen waarom ze dat juist niet doet. De VVD is de banenkampioen, maar mag ons dan uitleggen wat we met 400.000 banen in 2040 moeten (op het toppunt van de vergrijzing) terwijl de werkloosheid tot 2015 eerder toe dan af zal nemen door haar plannen.
Of steeds meer mensen moe worden van de CPB cijfers weet ik niet, steeds meer journalisten in ieder geval wel. En steeds vaker horen we dan een meewarige, vermoeide of neerbuigende reactie op discussies over inkomenseffecten, werkgelegenheidsprojecties en koopkrachtplaatjes. Misschien komt het omdat ze niet zo van cijfertjes houden, maar het dedain is ten onrechte. Want door de nog bestaande onduidelijkheid is er teveel ruimte voor spinnen en beeldvorming. De cijfers scheppen de nodige duidelijkheid, om op basis van die wetenschap de principiële discussie te kunnen voeren. En ik heb heel wat meer vertrouwen in het rekenwerk van het CPB dan in dat van Netwerk!


