Gods soevereiniteit is per definitie politiek relevant

Gods soevereiniteit is per definitie politiek relevant
29.11.2010 |

De ChristenUnie spreekt in haar kernprogramma uit dat de overheid de dienares van God is. George Harinck vraagt zich zaterdag af of de partij voldoende politieke relevantie weet te geven aan die uitspraak. Het antwoord daarop is ondubbelzinnig: ja.

Prof. Harinck heeft ongetwijfeld meer van Kuyper en Groen van Prinsterer gelezen dan ik. Maar één ding heb ik wel van beide heren begrepen. Ideeën en begrippen doen ertoe. Sterker nog, ze zijn alles bepalend voor het handelen van mensen.

Met de uitspraak dat de overheid God dient, is de politieke belijdenis van de ChristenUnie in het geding. En die belijdenis krijgt politiek relevantie in het héle verkiezingsprogramma van de partij! Dat is immers de vertaling van je visie op het leven naar daarop aansluitende politieke standpunten. En één van de meest fundamentele uitspraken over het leven (het zijn) is die over de plek van God daarin. Als christenen accepteren we de soevereiniteit van God over ons hele leven, zowel in ons private als ons publieke bestaan. In de uitspraak dat de overheid God ‘dient’ ligt die erkenning van Gods absolute soevereiniteit besloten.

De moderne samenleving heeft – sinds de Franse Revolutie definitief – een andere afslag genomen. De soevereiniteit van volk en individu staan voorop in het staatkundige denken. Nederland is daarmee al een tijdje geen christelijke natie meer. De ChristenUnie kan daar weinig aan veranderen en dat is ook geen politieke verantwoordelijkheid. Het is aan de kerk om het land te bekeren, in de geest van de leer van onderscheiden verantwoordelijkheden. De ChristenUnie kan zich echter binnen de grenzen van wat de overheid vermag wél inzetten voor het behoud van delen van de christelijke cultuur, normen en waarden, publieke gerechtigheid en het scheppen van randvoorwaarden voor het functioneren van de kerk (bijv. godsdienstvrijheid). Voor het uitoefenen van die taak is het belangrijk om als partij Gods soevereiniteit te benoemen. Dat uitgangspunt is namelijk het fundament onder de claim dat de bijbel iets te zeggen heeft dat relevant is voor het politieke bedrijf. Met andere woorden: het wezen van de christelijke politiek is in het geding als je morrelt aan uitspraken over de soevereiniteit van God.

Een heel andere vraag is of de overheid die soevereiniteit ook zal moeten erkennen in de grondwet en in wetten. Ik zou dat graag zien, maar tegelijkertijd mag je je afvragen wat zo’n uitspraak waard is in een post-christelijke samenleving en of het nodig is. Ik denk daarbij aan Romeinen 13, waar Paulus Gods soevereiniteit over het statelijk leven benadrukt in een tijd dat Keizers daar geen enkele boodschap aan hadden. Dat laat zien dat God niet afhankelijk is van erkenning, zoals volk en individu in moderne soevereiniteitstheorieën.

Het is goed dat Harinck oproept om van begrippen geen lege huls te maken. Een les die de ChristenUnie kent, maar nooit genoeg kan horen. Des te meer verbaast het echter dat de auteur zelf een andere politiek filosofische oriëntatie heeft. Eén die meer in de lijn is met het CDA. Voor die partij is het inderdaad problematisch om de soevereiniteit van God, ook over het staatkundige leven vol te houden, nu deze geen deel uitmaakt van haar politieke uitgangspunten. Ze ontbreekt volledig in recente publicaties en is écht een lege huls geworden. Logisch, de partij wijst immers directe aanspreekbaarheid van zijn politieke vertegenwoordigers op de bijbel en het geloof in God van de hand. Het Woord van God is geen direct kompas meer in vraagstukken van goed en kwaad. Wat dan rest zijn beginselen zonder ziel en politiek op basis van cultuur-christendom.  En voor de vraag of dat politiek relevant is, hoeft men maar naar de huidige koers van het CDA te kijken…

Harmjan Vedder
Student Rechten

5 reacties

  1. Alex says:

    @Harmjan,

    Zie ook de discussie onder het artikel van Harinck: volgens mij betwist niemand, inclusief Harinck, dat de leer van Gods soevereiniteit één van de fundamentele uitgangspunten van christelijke politieke meningsvorming is, mag zijn of moet zijn.

    Wat Harinck betwist, is de politieke relevantie van dat uitgangspunt, met andere woorden, hij stelt de vraag die je zelf ook stelt:

    “Een heel andere vraag is of de overheid die soevereiniteit ook zal moeten erkennen in de grondwet en in wetten. Ik zou dat graag zien, maar tegelijkertijd mag je je afvragen wat zo’n uitspraak waard is in een post-christelijke samenleving en of het nodig is. ”

    Ik heb nog steeds nergens -noch in Romeinen 13 noch in jouw artikel- , een Bijbelse of politiek-filosofische reden gevonden waarom het antwoord op die vraag “Ja” zou moeten zijn. Dat antwoord is er m.i. ook niet: de belijdenis van de overheid als ‘dienaar Gods’ is een belijdenis van de christelijke gemeenschap (en in het verlengde daarvan van christelijke politieke partijen); of de overheid zelf dat ook beseft of belijdt is verder politiek irrelevant.
    Blijkbaar zijn er in de CU mensen die daar anders over denken (er staat ieg van alles over in het beginselprogramma), maar daar heb ik nog geen argumenten voor gehoord.

  2. Edward says:

    Een prachtig betoog maar in feite wordt de stelling in de titel bevestigd noch ontkend.
    Volgens de Van Dale is de betekenis van “relevant”: “van belang / betekenis zijn”. Politiek relevant kun je dan vertalen met “politiek van belang zijn”.

    Dat de CU de soevereiniteit van God in het kernprogramma heeft staan, maakt het niet politiek relevant. Want laten we eerlijk zijn, in het bestaan van de CU is de partij zelf 2,5 jaar politiek relevant geweest waarvan de eerste 100 dagen er alleen geld van de burger is uitgegeven en de laatste 100-120 dagen men een demissionair kabinet op de voet heeft gehouden. En in de tijd die overbleef, heeft de partij de soevereiniteit van God geen prominente plaats kunnen geven omdat de andere regeringspartijen hier niet aan mee wensten te werken (al heeft de CU meer van zich laten horen dan ik persoonlijk prettig vond).

    Als een partij als de CU zichzelf niet weet te handhaven als een partij van belang, kunnen elementen van het kernprogramma van die partij, zeker als het niet gedeeld wordt door andere partijen danwel een meerderheid van de kiezers, ook nooit gehandhaaft worden als van belang. Dus de CU-achterban mag de soereiniteit van God en de dienaarsrol van de overheid rustig relevant vinden maar voor zowel Nederland als voor de EU is dat allang niet meer het geval.

  3. Kelele Nyingi says:

    Politiek gaat over aardse macht. Zeker een christen zou, in navolging van Christus, niet moeten streven naar aardse macht. Het streven naar politiek en, in het verlengde daarvan, naar wet- en regelgeving en beleid gebaseerd op een geloof, elk geloof, is streven naar een theocratie. Politiek relevant, voor sommige christenen, wellicht, maar dus per definitie niet in een democratie. De CU is dus geen democratische partij en dient dan ook verboden te worden.

  4. Ronald says:

    Misschien gekke vraag: maar het gaat hier dus niet zozeer over de daadwerkelijke souvereiniteit van God maar over de belijdenis daarvan. Blijft onverlet dat het getuigenis van die souvereiniteit van God niet onbelangrijk is. Hoort bij het christelijk getuigenis, op alle gebieden van het leven, en heeft wel degelijk zijn nut. Door achterhouden van Gods souvereniteit in heel het leven doe je tekort aan het christelijk getuigenis. We kunnen van een seculier overheid geen belijdenis daarvan afdwingen, maar er wel toe oproepen zoals onze voorgeslachten dat hebben gedaan.

  5. Ronald says:

    Kelele, je schrijft politiek gaat over aardse macht. Wat versta je onder aardse macht. Ook de macht van ouders in een gezin, de macht van besturen in organisaties en bedrijven, de macht van een leraar in een klas, de macht van gezaghebbers in een gemeente? Als al deze gezaghebbers het verlangen hebben dat het er in het leven naar Gods geboden toegaat, is dat een verlangen naar theocratie?
    Ergens verantwoordelijkheid voor dragen ook vanuit je christelijk geloof gelijk aan wereldse macht?Wat versta je trouwens onder theocratie?
    En je hebt het over sommige christenen? Zijn er ook christenen die tevreden zijn met het feit dat binnen de samenleving Gods geboden met voeten worden getreden?
    Misschien dat ik me wat sterk uitdruk, maar mij is jouw boodschap niet helemaal duidelijk….

gerelateerd

   Geen gerelateerde artikelen gevonden

BESTGELEZEN