Duurzaamheid is het einde van het kapitalisme

Harvest time
1.06.2011 |

Enkele dagen geleden verscheen op Opunie een blog van Philip Post waarin hij beweert dat duurzaamheid alleen grond kan vatten als het aansluit bij uitgangspunten van het kapitalisme. Duurzaamheid zou pas succesvol kunnen worden als het verbonden wordt met hebzucht en aftakeling. Een standpunt waarin weinig logica te vinden is. Hebzucht is een van de oorzaken van de problemen waar deze wereld aan ten onder dreigt te gaan. Delen van de wereld hebben te weinig voedsel, te weinig water en worden sociaal uitgebuit. Hoe kan dit nu opgelost worden door een ideologie, het kapitalisme, waarin hebzucht de drijvende kracht is?

Begrijp het niet verkeerd. Ik denk dat het kapitalistische systeem ons veel goeds gebracht heeft. Ons deel van de wereld heeft de afgelopen eeuw een enorme economische ontwikkeling doorgemaakt. Dat is, in ieder geval gedeeltelijk, te danken aan het kapitalisme. De grenzen van de groei zijn nu echter bereikt. Onze aarde trekt simpelweg de economische ontwikkeling en de voortdurende stijging van de vraag naar grondstoffen niet meer. Lange tijd leefden we van de rente die de aarde ons bood, en kon wat meer hebzucht dus niet zoveel kwaad. Er was immers voldoende (al was dat niet eerlijk verdeeld). Nu teren we echter in op het vermogen van deze aardbol. Het wordt steeds duidelijker dat we zo niet langer kunnen doorgaan.

Daarnaast wordt het in deze globaliserende samenleving steeds meer duidelijk dat het huidige economische systeem slechts gunstig is voor bepaalde delen van de wereld. Derde wereldlanden hebben nauwelijks geprofiteerd van de ontwikkeling die het westen heeft doorgemaakt. Onze ‘self-interest’ heeft er voor gezorgd dat de verschillen tussen arm en rijk de afgelopen decennia alleen maar groter zijn geworden. Niets wijst erop dat doorgaan op de huidige kapitalistische weg dit proces zal veranderen. Hebzucht leidt niet tot rechtvaardigheid.

Om tot een duurzame samenleving te komen is een verandering in mentaliteit nodig. Het is nodig dat we niet meer uitgaan van ons eigenbelang en zoveel mogelijk kwantitatieve groei. Gemeenschappelijkheid ia nodig om te voorkomen dat onze aarde uitgeput raakt. Herman Wijffels drong er tijdens het duurzaamheidssymposium van het Wi van de ChristenUnie niet voor niks op aan dat de ‘gulden regel’ weer centraal moet komen te staan. De gulden regel die vanuit het Christendom gedefinieerd kan worden als: “heb je naaste lief als jezelf”.

De route naar een duurzame samenleving vergt dus een duidelijke omslag in het denken. Volgens opnieuw Wijffels zijn we toe aan een nieuwe fase in de culturele ontwikkeling van de mensheid. Het huidige systeem (met zijn kapitalistische invloeden) is uitgewerkt en een nieuwe fase waarin relaties centraal staan is nodig. Om dit te bereiken is leiderschap nodig. Geen leiderschap die het huidige systeem voortzetten, maar leiders met een visie, die nieuwe wegen durven in te slaan. Bijbelse uitgangspunten zijn hier een prima basis voor. Niet meer “Greed is good” maar “heb uw naaste lief als uzelf”!

 

Voorzitter PerspectieF werkgroep Ruimte & Mobiliteit student planologie/bestuurskunde

2 reacties

  1. Henk den Uijl says:

    Je schrijft een mooi stuk. Zelf denk ik dat dergelijke kapitalisme-kritiek geen voeten in de aarde zet en misschien zelfs onterecht is.

    Eigenlijk stel je een soort paradigma-switch voor, waarin we van hebzucht naar naastenliefde gaan. Het is problematisch om deze twee zo sterk tegen over elkaar te zetten.Let bijvoorbeeld op de zinsnede “heb uw naaste lief als uzelf”. Wat betekent uzelf liefhebben? Toch op zijn minst een bepaalde self-interest. Daarom denk ik dat self-interest en naastenliefde niet tegen over elkaar staan, maar twee kanten van dezelfde medaille zijn.
    Ik heb de neiging om de wereld om mij heen mezelf eigen te maken, te be-grijpen. In al dit totalitair geweld is een andere mens voor mij ook niet meer dan een object in mijn horizon, klaar voor gebruik. Deze andere mens echter reageert daar anders op dan een stoel of een bank, hij doet een appèl op mijn geweten: “Dood mij niet in jouw totalitair geweld!” Hij stelt mijn totalitaire neigingen aan de kaak, stelt ze onder kritiek. Dit is een moment waarop ik de mogelijkheid heb mijn naaste aan te zien en verantwoordelijk voor hem te zijn. Deze, van Levinas afkomstige filosofie, heeft als bijzonder uitgangspunt dat naastenliefde voortkomt uit egoïsme. Immers, zonder mijn totalitaire neigingen is er ook geen ander die dit onder kritiek kan stellen. Hij creëert dus een immanent systeem van egoïsme en naastenliefde, dit klinkt ook door in het gebod van Jezus.

    Ik denk dat als we willen dat mensen elkaar meer liefhebben (wat dit ook moge betekenen) dat we dan niet aan moeten komen met verhalen waarin de wereld vergaat en we alleen nog maar wolven voor elkaar zijn, dat als we de juiste mentaliteit krijgen alle honger vanzelf verdwijnt. Egoïsme is niet iets van het kapitalisme, het is een menselijke neiging. Dezelfde neiging biedt echter een opening tot naastenliefde. Deze naastenliefde is echter oneindig; ik kan altijd meer doen dan dat ik doe; honger zal nooit verdwijnen.

    De vraag wie mijn naaste is, is daarbij relevant. Je zegt te willen naar een mentaliteit die gericht is op relaties. Maar kan ik in relatie staan met mijn ‘verre naaste’? Dat er iemand is die niet kan eten, maar die ik niet zie, doet hij een appèl op mijn geweten? Morele afstand is een serieus probleem in deze kosmopolitische samenleving.

    Ik denk dat we niet het kapitalisme af moeten doen als een inferieur denken, we moeten er op wijzen dat er immanent aan dit denken een mogelijkheid is om op de naaste gericht te zijn.

  2. p valk says:

    Een ‘kapitalistisch systeem’ in al zijn verscheidenheid is vooral symptoom voortkomend uit eigenschappen die de soort mens lange tijd ontwikkeling heeft gebracht. Stijgende cultureel evolutionaire mogelijkheden als gevolg van bewustzijn,taal, schrift en o.a. wetenschap, industrialisatie, informatica etc. zijn inmiddels leidend in de veranderingssnelheid van onze verschijningsvorm. Terugkeer naar biologische evolutie in zekere harmonie met deze aarde is volgens mij moeilijk realiseerbaar. Puinruimen en vermindering van menselijk leed blijft nastrevenswaardig. Of zoals S.J Gould het treffend beschreef: het ontstaan én het uitsterven van de mensheid is een oogwenk in de geschiedenis van de aarde.