De traditie van goed leiderschap

4073493794_60309c7626_b
13.01.2011 |

De Tweede Kamer verkiezingen liggen al weer een tijdje achter ons, en het is voor de stabiliteit van dit land gewenst dat dit nog even zo blijft. Door middel van het verkiezingsrapport na de nederlaag van de ChristenUnie lijkt het huiswerk van de partij dan ook op orde, en is er een periode van relatieve politieke rust aangebroken. Juist daarom lijkt het me zinvol om in deze tijd de leiderschapskwestie binnen de partij aan te snijden. Laat de ChristenUnie haar huiswerk kennen omtrent deze belangrijke vraag: ‘bestaat er een ChristenUnie zonder André Rouvoet?’

De importantie van de partijleider lijkt me evident. Allereerst speelt de partijleider een cruciale functie binnen de partij zelf.  De politieke lijn van de partij is daarbij die taak die er op voorhand het meest uitspringt. In de omgang met thema’s als de functie en grenzen van de overheid, de botsende grondrechten en godsdienstvrijheid kan de Christelijk Sociale Politiek van de ChristenUnie tot volle bloei komen, mits de partijleider deze dossiers van buiten kent en genoeg politiek gevoel ontwikkeld heeft om de droge theorie te vertalen naar de dagelijkse politieke praxis. Daarnaast dient de leider zijn medewerkers in de Tweede Kamer en verder binnen de partij te motiveren en aan te kunnen sturen, en is het opbouwen van een band met hen een belangrijk deel van zijn takenpakket. En niet onbelangrijk, vervult de partijleider een spilfunctie in het contact met de achterban.

Daarnaast kent de partijleider een belangrijke externe functie. Een krachtige partijleider beperkt zich niet alleen tot de achterban maar kan ook de rest van de samenleving met het boeiende Christelijk Sociale alternatief bereiken. Vooral in de verkiezingscampagnes komt deze functie van de partijleider illustratief en nadrukkelijk naar voren. De uitspraken van de partijleider worden direct gekoppeld aan haar of hem als persoon, en pas daarna aan de partij welke zij of hij vertegenwoordigd. Een krachtig of juist een matig optreden in het publieke debat kan maar zo enkele zetels winst of verlies betekenen. Hoewel de inhoud misschien precies dezelfde bleef. Ook kent de ChristenUnie helaas nog steeds enige imago problemen, zoals Niels Rijke gisteren betoogde. Een krachtig partijleider kan sterke stappen zetten om ook hier de ChristenUnie in volle bloei neer te zetten.

Juist deze opsomming baart mij als meelevend ChristenUnie-lid zorgen. Hopelijk blijft André Rouvoet, die zijn taak uitstekend uitvoert, de partij nog jaren trouw maar er is altijd een ChristenUnie na André Rouvoet. En die tijd vindt misschien sneller plaats dan verwacht. Is de ChristenUnie dan, als jonge partij, professioneel genoeg om deze overgang op een goede manier te laten verlopen?  In haar jonge bestaan heeft ze slechts een wisseling van partijleider meegemaakt, en deze verliep zacht uitgedrukt  niet op een ideale manier. Heeft de ChristenUnie haar lessen geleerd? Ik hoop dat ze de wijsheid vindt om haar nieuwe leider (wanneer deze dan ook aantreed) op het juiste moment te pluggen, om hem de tijd te gunnen in de ontwikkeling van  dossierkennis en haar of hem op de meest vruchtbare manier laat rijpen. Ik geloof dat er talent rondloopt binnen de partij, maar dat betekent nog geen garantie voor succes op de zojuist geschetste gebieden. Daarom pleit ik voor een professionele en actieve houding van de ChristenUnie rondom dit onderwerp. Dit lijkt me niet slechts gewenst maar hoogst noodzakelijk.

P.S. Het is zeker niet de bedoeling dat u in uw opmerkingen of reacties publiekelijk mensen binnen de partij gaat (be)oordelen op potentie in het partijleiderschap. Daarmee zou u niet alleen ver op de zaken vooruit lopen en het onderwerp en het doel van deze column volledig misvatten, maar bovendien hoop en verwacht ik hierin een zuivere houding in uw commentaar.

Maarten van Ooijen
Bestuurslid bij PerspectieF, ChristenUnie-jongeren en student sociologie te Utrecht.

18 reacties

  1. Piet says:

    Ja, maar het mag van mij nog wel even duren!

  2. Rolf says:

    Rare column en ik begrijp het doel ervan ook niet zo. Dit is nu typisch een onderwerp dat je niet publiekelijk bespreekt omdat het over personen gaat, ookal doe je aan het einde een oproep om dat niet te vermijden. Juist je opmerking “er loopt genoeg talent rond binnen de partij” lijkt een voorschot te nemen op een discussie over personen. Het enige dat ik daarover zou willen zeggen is dat we misschien juist niet moeten kijken naar aanstormend talent binnen de partij maar naar mensen die iets verder weg staan van de partij-activiteiten.
    Doe je oproep aan het bestuur en laat het daarbij zou ik zeggen. En nadat het bestuur haar taak heeft gedaan is het tenslotte een zaak van de leden die de kandidatenlijst bepalen en vaststellen.

  3. Rolf says:

    @Rolf: sorry, foutje moet natuurlijk zijn “ookal doe je aan het einde een oproep om dat juist te vermijden”

  4. “Het enige dat ik daarover zou willen zeggen is dat we misschien juist niet moeten kijken naar aanstormend talent binnen de partij maar naar mensen die iets verder weg staan van de partij-activiteiten.”

    Kortom je vindt het niet juist dat de discussie hier gevoerd wordt, maar als dat dan toch gebeurt, doe je wel een duit in het zakje. Ik kan je geen ongelijk geven.
    In antwoord hierop: je ziet aan de LPF en ook aan de PVV wat voor onmetelijke ellende je over je kunt afroepen als je je lot in handen legt van mensen die zich niet al geruime tijd bínnen de partij hebben bewezen. Als je daarbuiten zoekt ben je al snel overgeleverd aan informatie die je van anderen krijgt. Als je de toekomst zoekt in de groep van mensen die zich voor je eigen ogen, in je eigen partij, al jarenlang manifesteren, dan kan je veel beter de geschiktheid inschatten.

  5. Rolf says:

    @Remco van Mulligen: Dat is een dun argument. Die interne spanningen komen vaak voort uit het feit dat er blijkbaar mensen zijn die buitenstaanders als indringers zien. Dat zou voor mij een reden zijn om het juist wel te doen. Opfrissen en opschudden. Maar misschien denk ik teveel vanuit de private sector, daar gaan die dingen vaak wat anders.
    Misschien kun je een ministerspost niet helemaal vergelijken met het kamerlidmaatschap, maar iemand als Jan-Kees de Jager is wat mij betreft een voorbeeld dat het wel kan. Eén van de beste bewindslieden van het vorige en huidige kabinet.

    En je hebt gelijk, de discussie is toch wel leuk :)

  6. Edward says:

    Juist het feit dat deze discussie telkens plaats vindt in achterkamertjes waarbij onderlinge loyaliteiten van groter belang zijn dan de loyaliteit aan een partij, aan partijstandpunten of zelfs aan het landsbelang, is deels een verklaring waarom het vertrouwen van de burger in de politiek niet afneemt maar verdampt. De oproep geen uitspraken te doen over de diverse personen laat zien dat ook de CU geen democratische samenleving voorstaat waar de burger de macht heeft maar een elitaire samenleving waarin politici voor burgers beslissen wat goed voor ze is.

    Laat ik eens bewijzen hoe recalcitrant ik kan zijn en juist wel een uitspraak doen over personen.

    #gedeelte weggehaald# Recalcitrantie wordt op deze website niet op prijs gesteld, zoals je weet ;-) Niet over personen spreken, maar over inhoud. We realiseren dat dat bij dit artikel wat lastiger is, maar probeer het toch zuiver te houden. Groet, de redactie

  7. Maarten van Ooijen Maarten van Ooijen says:

    Uit verscheidene bovenstaande reacties blijkt dat er alsnog de neiging in het commentaar is om te spreken over mensen in plaats van de kern van mijn betoog. Het feit dat de redactie meerdere keren snijdt in dit commentaar is daar illustratief voor. De kern van mijn betoog is echter dat hoelang het ook nog mag duren, de ChristenUnie altijd een keer zonder haar huidige partijleider door zal moeten gaan. Het lijkt me strikt noodzakelijk dat een politieke partij daarmee op een inventieve, innovatieve en professionele manier mee omgaat. Waarom is het zo nodig om in het commentaar dan alsnog te (willen) schrijven over personen in plaats van deze vraag onder de loep te leggen?

    Daarmee hoop ik dat jullie ook deze vraag op de inhoud en met heldere argumentatie tegemoet kunnen treden, zonder daarbij de noodzaak te voelen personen in je argumentatie te betrekken.

  8. @Maarten van Ooijen: Je riep op om mensen niet te “(be)oordelen op potentie in het partijleiderschap”. Ik haalde echter een voorbeeld aan van dertig jaar geleden, noemde wel de naam van een persoon, maar heb hem verder op geen enkele manier beoordeeld wat betreft zijn potentie in het partijleiderschap. Zeker voor de huidige situatie had dit voorbeeld (de persoon in kwestie is de zeventig gepasseerd) geen enkele relevantie.

    Maar goed, het is verwijderd, en de reactie erop van Rolf is wel blijven staan. Dat maakt het voor mij onmogelijk om nog verder met Rolf in discussie te gaan. Maar nu jij meent o.a. mij terecht te moeten wijzen (zonder namen te noemen, maar je hebt het over mensen bij wie passages zijn verwijderd en dat is alleen bij Edward en mij het geval) suggereer je dat ik wél bezig was met een bespreking van een persoon in zijn leiderschapscapaciteiten. Dat was absoluut niet het geval en ik ben dan ook zeer ongelukkig, zowel met het verwijderen van die passage uit mijn bericht, als met de suggestieve manier waarop jij hier reageert.

    Meer dan dit, heb ik niet aan deze discussie bij te dragen.

  9. Maarten van Ooijen Maarten van Ooijen says:

    @Remco

    Mijn reactie was niet zo zeer bedoeld om mensen terecht te wijzen als wel een oproep in discussie te gaan over de kern van mijn verhaal. Ik roep daarom in mijn conclusie ook op tot heldere argumentatie over de vraag die ik in mijn artikel aan de orde stel en probeer daarin niemand de loef af te steken als moresprediker. Daarmee verwijs ik jou dus ook niet terecht, maar hoop ik dat discussie een andere vorm aanneemt.

  10. Rolf says:

    Eens met Remco. Het plaatsen van dit artikel was naïef. De bijdrage van Remco wordt gecensureerd omdat de naam van … erin staat terwijl hij dat zorgvuldig deed en mijn bijdrage waarin Jan-Kees de Jager wordt genoemd blijft wel staan. In het artikel zelf wordt toch ook de naam van Rouvoet genoemd? Hoe kun je dit onderwerp dan bespreken zonder aan personen te refereren?
    Overigens heeft de redactie ook het artikel zelf aangepast, dus de auteur zou zichzelf ook mogen afvragen of dit nu allemaal zo slim was. Half transparant heet bij mij wazig.

  11. @Maarten van Ooijen: Het was niet je bedoeling, blijkbaar, maar door je verwijzing naar verwijderde stukken als “illustratie” van hoe het in jouw ogen niet moet, suggereerde je wel degelijk dat ik Iets Heel Fouts had geschreven. Mooi natuurlijk dat dit niet je bedoeling was, maar ik kon dit niet onweersproken laten. ;)

    We weten inmiddels heel goed welke discussie je niet wenst, maar kan je dan ook aangeven welke discussie je wél wenst? Er zijn namelijk ook zat reacties blijven staan (Piet, Rolf, Edward) waar je blijkbaar ook niks aan hebt. Ik heb je stuk nu nog eens gelezen en het is me volstrekt niet duidelijk waarover je het wilt hebben. (Zelf bespreek je in je stuk trouwens wél de leiderschapskwaliteiten van een persoon: je noemt Rouvoet iemand “die zijn taak uitstekend uitvoert”. Ik zei iets soortgelijks over de persoon wiens naam blijkbaar niet genoemd mocht worden.)

    Als je wilt weten hoe een wisseling van partijleider gedaan moet worden, is het op zich heel handig om eens wat historische voorbeelden van leiderschapswisselingen erbij te halen. Dat wordt echter heel moeilijk als alleen al het noemen van een naam je komt te staan op een verwijdering van een fors deel van je reactie. Professionaliteit bestaat niet uit het nooit noemen van namen: een professionele organisatie kan ook naar het verleden terugkijken en constateren wat er goed en wat er fout ging.

  12. Rinze Broekema Rinze Broekema says:

    Interessant, deze discussie over de discussie.
    De auteur heeft in ieder geval voor een interessant thema gekozen. De oorspronkelijke titel van het stuk was wel prikkelender. Het was iets in de geest van: Bestaat er een ChristenUnie na André Rouvoet? Dekte de lading uitstekend lijkt mij en is een uitstekend startpunt voor een discussie.

    Laten we niet overgevoelig omgaan met het gebruik van namen. Mits een ieder dit in alle zuiverheid doet is dit geen enkel probleem lijkt me.

  13. Simcha says:

    Na het lezen van het artikel heb ik sterk het gevoel dat ik overal ja en amen op kan zeggen, en dat ik er verder concreet toch niet veel mee kan. Een voorbeeld: Je hoopt dat de partij “de wijsheid vindt om haar nieuwe leider om het juiste moment te pluggen”. Dan hoopt natuurlijk iedereen, maar ja, wat dan? Verder ga ik toch een beetje kritisch reageren.

    Zo schrijf je dat nu de rust een beetje terugkeert in de partij dat het goed is om de leiderschapskwestie aan de orde te stellen. Hoezo? Zou het niet beter kunnen zijn om die tijd te steken in een degelijke oppositie, en niet te veel met onszelf bezig zijn.

    Op deze manier ontstaat – misschien ongewild – toch het beeld dat Rouvoet zijn langste tijd heeft gehad. Die discussie mag natuurlijk altijd gevoerd worden, maar een half jaar na de verkiezingen – waarbij hij nog een volledig mandaat heeft gekregen van de partij – is erg kort.

    Verder zou het natuurlijk fijn zijn wanneer er een partijleider klaar staat die in vaardigheden en kunde alleen overtroffen wordt door Jezus zelf, de realiteit is dat de partij – wanneer het moment daar is – het maar moet doen met de personen die beschikbaar zijn, of ze nu wel of niet over genoemde eigenschappen beschikken. En zelfs dan is maar afwachten of de nieuwe leider de verwachtingen waar kan maken (zie Job Cohen).

    Als het artikel op dit moment al geschreven had moeten worden was het misschien beter geweest om concreter te zijn in het artikel. Wat bedoel je met een “professionele en actieve houding?” Een paar andere voorbeelden waardoor het artikel concreter had kunnen zijn: hoe zou de overdracht moeten plaats vinden? Ben je bijvoorbeeld voor erfopvolging, zoals bij Groen Links (Halsema-Sap) en de PvdA (Bos-Cohen), of een echte verkiezingsstrijd, zoals bij de VVD (Rutte-Verdonk) een paar jaar geleden. Of iets daar tussenin. Kunnen we iets leren van de ontwikkelingen rond Kars Veling destijds? En zou er bijvoorbeeld actief gezocht moeten worden naar een kroonprins(es)? Hoe zou hij/zij moeten worden neergezet? (bv. Marijnissen-Kant) Of komt de nieuwe leider vanzelf boven drijven? En wanneer het zover is, vind je dan wel dat (de vaardigheden van) personen in het openbaar besproken moeten kunnen worden?

  14. Alex says:

    Hoop in elk geval dat deze discussie één leerpunt heeft opgeleverd als het gaat om het “professioneel en actief” omgaan met iets als het managen van het proces van opvolging. En dat is dat je nooit publieke speculatie moet oproepen met een half-duidelijke boodschap – en al helemaal niet als je van tevoren ook nog aangeeft welke vragen vervolgens niet gesteld mogen worden.

    Maar Maarten is in goed gezelschap. Job Cohen “plugde” vorige week zèlf de boodschap dat hij niet ging opstappen bij een slechte Statenverkiezing. En moest vervolgens vier dagen uitleggen dat die discussie ook niet speelde in de PvdA.

    Ergo: wanneer je een boodschap plugt, moet je je bewust zijn welke reacties dat oproept :-)

  15. Laat ik nog eens proberen een duit in het zakje te doen, als historicus. In de RPF zijn er enkele voorbeelden.

    In 1980 werd Meindert Leerling lijsttrekker. Gekozen vanwege zijn bekendheid als EO-journalist. Volledig van buitenaf dus. Als je het mij vraagt is hij altijd onderschat en door de geschiedenis tekort gedaan. Aan de andere kant was het voor mensen die in 1980 al vijf jaar bezig waren de RPF uit de grond te stampen, die hun ziel en zaligheid in die partij hadden gelegd, wellicht een bittere pil om iemand met een bekend hoofd en verder weinig politieke ervaring ineens leider te zien worden.
    Hoe dan ook: de RPF had in die tijd geen lijsttrekker meer, omdat Jan Rietkerk (lijsttrekker bij de mislukte verkiezingsdeelname in 1977) al had aangegeven niet nogmaals de kar te willen trekken. Vergelijkbaarheid met de positie van Rouvoet nu, is dus nihil.

    Veel interessanter is het derhalve om te kijken naar de opvolging van Meindert Leerling. Kan daar helaas nog niet heel diep op ingaan, maar ik denk dat als de CU Rouvoet wil opvolgen, ze dáár eens goed naar moeten kijken. Na de verkiezingen van 1989 was relatief snel duidelijk dat Leerling aan zijn laatste termijn was begonnen. Er is toen een commissie ingesteld die eens grondig ging spreken met allerlei mensen (daarin zat o.a. Egbert Schuurman, als ik me niet vergis). Die commissie droeg al in 1992 oid Leen van Dijke voor. Die was relatief onbekend, wel al jaren lid van de Provinciale Staten van Zeeland, maar had vervolgens twee jaar (tot de verkiezingen van 1994) de tijd om zichzelf te profileren. Met een frisse nieuwe lijst (André Rouvoet op 2, Dick Stellingwerf op 3) boekte hij vervolgens een fantastisch verkiezingsresultaat.

    Ik wil dit niet over personen laten gaan, maar wel aangeven aan de hand van een concrete casus uit het verleden, hoe je dit soort dingen kunt laten verlopen. Je kunt ook kijken naar hoe het nu bij GroenLinks gaat: ruim op tijd komt Jolande Sap naar voren. Zij kan zich politiek profileren. De SP heeft hetzelfde gedaan met Agnes Kant, en dat was prima, behalve dat Kant ongeschikt was.
    Maar een naderend vertrek moet wel door Rouvoet worden aangegeven en door de partij worden begeleid. En niet op Opunie worden besproken in de vorm zoals dat nu gebeurt. Opvolging door zowel een zittend Kamerlid als iemand van buiten de Kamer is een reële optie, denk ik, zonder personen te willen noemen. Beide heeft zo zijn voor- en nadelen. Een zittend Kamerlid kan zich meteen politiek profileren; een persoon van buiten de Kamer, kan makkelijker een frisse wind doen waaien en dat spreekt kiezers aan. Maar hoe dan ook, lijkt het me essentieel om niet tot vlak voor de verkiezingen te wachten: een leiderswissel moet ruim van tevoren bekend zijn. En ook door de partij goedgekeurd en gedragen worden.

  16. Alex says:

    Eens met Remco. De timing van de leiderswissel bij GroenLinks + het voortraject (Sap als relatieve nieuwkomer hoog op de lijst + secondant bij de onderhandelingen Paars-plus, plus haar natuurlijk gezag als enige echte kerel in de fractie :-) ) is een voorbeeld van hoe het wèl moet.

  17. Rolf says:

    @Alex: Dan zou je dus kunnen concluderen dat de CU te laat is voor zo’n aanpak, tenzij Rouvoet hierna nog een periode blijft? Daarnaast is het nog maar de vraag of Sap het gaat redden. Ze lijkt ietwat geforceerd in haar mediaoptreden en ze heeft direct te maken met twee hoofdstromingen in de partij die zich flink roeren. De traditionele linkse achterban tegenover de ‘nieuwe’ neo-libertijnen. Tja, ook dat scenario zou ons ook zomaar kunnen overkomen. Vooral als ‘we’ nu blijven ontkennen dat die tweedeling bestaat. Afgezien van de processen waar we het hierover hebben, zal een nieuwe leider ook op dat punt alle leden moeten kunnen binden en overtuigen.

  18. Het is begin jaren negentig bij de RPF ook prima gegaan, en toen werd volgens mij niet al een half jaar na de verkiezingen bekend gemaakt dat Leerling ermee zou stoppen. Als je maar ruim voor de volgende verkiezingen bent is het wel prima, lijkt me. In deze tijden, kan je dan wel beter geen twee jaar wachten. ;)
    Mijn gok is dat Rouvoet nog wel even blijft trouwens. Je kunt wel vrolijk gaan speculeren aan de hand van (1) dat hij al bijna 17 jaar in de landelijke politiek zit en (2) dat hij al 3x lijsttrekker is geweest, maar nuchter bezien is er niet echt een teken dat hij ermee gaat stoppen binnenkort.

gerelateerd
    asfgsdg
BESTGELEZEN