De toekomst van de Euro

4079339367_05eec8fccc_z
29.10.2010 |

Na twee dagen schaven aan de debattechnieken, is het nu tijd voor een echt gevecht voor Mark Rutte. Bestrijding van Brusselse obesitas, maar vooral werken aan een goede procedure voor EU landen in financiële problemen. En dat gevecht moet worden gewonnen, voor de toekomst van Europa.

Natuurlijk waren het mooie debatten, afgelopen week in de Tweede Kamer. Rutte presenteerde zich met verve als stijlvol sprekende premier. Als het spannendste onderdeel van het debat een absoluut non-issue als een dubbel paspoort is, is dat een beschamende vertoning in internationaal opzicht, maar verder vooral lekker om er een beetje in te komen.

De afsluiter van Rutte (‘en nu aan de slag, er is veel te doen’) is wel terecht. Daar begint hij vandaag mee, in Brussel. Daar wordt gesproken over een aanpassing op het Verdrag van Lissabon en wordt tevens het EU budget voor komend jaar besproken. Om met het laatste te beginnen, dat is nog het makkelijkste. Nederland wijst de 6% verhogingsvraag af en is daarbij in goed gezelschap van de grootste lidstaten van Europa. Dat zal geen probleem opleveren.

Een stuk ingewikkelder is de problematiek van het EU noodfonds, bedoeld om EU lidstaten in problemen (Griekenland en consorten) te kunnen helpen. Kort gezegd is dit noodfonds in strijd met het Verdrag van Lissabon dat een EU vangnet feitelijk verbiedt. Deze clausule is niet houdbaar. Het faillissement van Eurolanden is in de afgelopen periode een reëel scenario geworden en in zo’n geval kunnen de overige lidstaten simpelweg niet de handen op de rug houden. Het is ook namelijk ook hun munt die daardoor aangetast wordt. Afgelopen jaar is het IMF bijgesprongen, maar dat mag Europa zelf niet van haar verantwoordelijkheid ontslaan.

In alle eerlijkheid, het wel of niet aanpassen van het Verdrag van Lissabon lijkt me vooral de o zo belangrijke uitwerking van een onderliggend principe. Die principiële keuze wordt vooral duidelijk in het andere vraagstuk: moeten landen die gebruik maken van het noodfonds onder curatele worden gesteld en moet hen het stemrecht worden afgenomen? Duitsland wil dit, gek genoeg gesteund door Frankrijk. Andere landen zijn fel tegen.

Deze discussie, samen met de moeizaam tot stand gekomen hulp aan Griekenland vorig jaar, toont nog eens aan dat Europa nog teveel hinkt op twee gedachten. Er is een monetaire eenheid tot stand gebracht, met één munt. Maar politiek, economisch, fiscaal zijn de lidstaten zo autonoom dat het vanzelf gaat knellen. De noordelijke Eurolanden staan er financieel-economisch zo fundamenteel anders voor dan de zuidelijke landen, dat ook een ander monetair beleid passend zou zijn, en dat gaat niet.

Het alternatief is om dan wel toezicht en invloed te kunnen uitoefenen op noodzakelijke hervormingen, dus dat moet dan ook goed geregeld worden. Daarmee geven lidstaten autonomie op aan Europa, de enige weg is vooruit, richting een verdere integratie. Iedereen die beweert dat bijvoorbeeld Griekenland of Nederland makkelijk uit de Euro zou kunnen stappen, heeft er of niet goed over nagedacht, of ziet er geen been in om mensen voor de gek te houden. Maar er moet wel wat veranderen om de Euro toekomst te geven. Onder andere onafhankelijk en streng toezicht, met de instrumenten om in te grijpen. Succes Mark.

Peter de Kluijver
redacteur & lid van het curatorium van het WI van de ChristenUnie

1 reactie

  1. Edward says:

    Peter de Kluijver legt precies de vinger op de zere plek. Er is een kunstmatige eenheid gecreëerd (waar slechts weinigen op zaten te wachten) en nu komt men erachter dat het niet werkt. Nu pas, 8 jaar na de invoering van de euro (of 18 jaar na de oprichting van de EU en daarmee de gewraakte eenheid) gaat men pas nadenken over oplossingen. En dat wordt nog een klus.

    Een ieder staat nog goed voor de geest hoe de onderhandelingen verliepen die de Europese Grondwet opleverden. Iedereen weet ook nog goed hoe de Fransen en de Nederlanders reageerden op dit voorstel. Ik denk ook dat er weinig geheugens hoeven te worden opgefrist over hoe we uiteindelijk met het Verdrag van Lissabon opgescheept werden en vooral hoeveel druk er vanuit Brussel is uitgeoefend op landen als Ierland en Tsjechië. In Ierland werd zelfs een tweede referendum gehouden op last van de EU nadat de Ieren het verdrag van oorsprong hadden afgewezen. De Nederlandse ratificatie door het kabinet Balkenende IV is veel Nederlanders nog steeds een doorn in het oog.

    En nu? Europa zit met een verdrag wat op dit moment zijn eigen bestaan bedreigt en een impasse. De steun voor de EU is op een record dieptepunt, niet alleen in Nederland en andere netto betalers aan de EU maar ook in conservatieve landen als Polen waar men van mening is dat de EU de rekening moet betalen van het moderniseren van de infrastructuur van het land en zich verder nergens mee moet bemoeien.
    Het gevolg hiervan is dat de EC en het EP op eieren moeten lopen. Te zwak ingrijpen en je kunt het beter laten; te sterk ingrijpen en de Unie blaast zichzelf op, met alle gevolgen vandien.

    De roep om afschaffing van de EU en terugkeer naar het oorspronkelijke plan, de EEG, neemt binnen de hele Unie toe. Zelfs de Italianen willen liever hun miljarden lires terug dan meer macht geven aan de EU en ook Nederland kan beter goed nadenken voordat het kabinet instemt met verdere overdracht van bevoegdheden aan Brussel. De huidige situatie, zoals in het Verdrag van Lissabon staat beschreven, is voor veel Nederlanders al een brug te ver. Verdere autonomie afstaan aan de EU zou Mark Rutte wel eens de eerste premier kunnen maken die door het volk wordt afgezet.