Lezing Gert-Jan Segers (directeur WI ChristenUnie) uitgesproken op het Bestuurderscongres.
Hendrik Pierson. Dominee Hendrik Pierson was een man van het Reveil. Of hij links was of rechts, dat weet ik niet. Maar wat ik wel weet is dat hij in de 19e eeuw een onvermoeibare strijder was tegen het kwaad van de prostitutie. Hij was de voorzitter van de zogenaamde Middernachtzending. De mensen van deze vereniging probeerden de vrouwen uit de prostitutie te halen en spraken mannen op hun gedrag aan. Het was een missie waarvoor ze soms in elkaar geslagen werden.
Maar het weerhield hen niet om kaartjes uit te delen onder prostituees, met als tekst:
“Wij willen u redden uit den treurigen toestand van zonde en ongeregtigheid waarin gij verkeert. Wij zouden u zoo gaarne een toevluchtsoord bezorgd hebben, waar gij kunt hooren van den Heer Jezus.”
Dat was de bewogenheid van Hendrik Pierson en zijn geestverwanten. Ze waren geraakt door de liefde van Jezus, hadden grote compassie met vrouwen in de donkerste uithoeken van hun samenleving en deden wat ze konden om hen te helpen.
En ze deden meer dan alleen maar evangeliseren. Want die missionaire bewogenheid ging namelijk hand in hand met praktische opvang van vrouwen die de bordelen hadden ontvlucht, en het ging hand in hand met politieke actie. Lokale stadsbesturen kregen petities aangeboden en scherpten soms hun wetgeving aan. In die strijd stonden de broeders en zusters van de Middernachtzending schouder aan schouder met feministen als Aletta Jacobs. Ook zij weigerde te prostitutie normaal te vinden.
De strijd heeft meer dan 50 jaar geduurd. Pas na een halve eeuw van christelijke hulpverlening, maatschappelijke en politieke actie werd de strijd beslecht. In maart 1911, precies 100 jaar geleden, kwam een algemeen bordeelverbod tot stand kwam, en die kwam tot stand door een politieke gelegenheidscoalitie van het christelijke kabinet-Heemskerk en de socialistische oppositie.
Het is een schoolvoorbeeld van hoe christenen daadwerkelijk het verschil kunnen maken. Niet alleen maar christelijke bewogenheid, niet alleen maar gelovig activisme, niet alleen maar politieke strijd en het was niet alleen maar een kwestie van politieke behendigheid. Maar het was de combinatie van dit alles wat dit zo succesvol maakt. Het is een schoolvoorbeeld voor de ChristenUnie.
Hulpverlening zonder een wettelijk bordeelverbod bleef dweilen met de kraan open. Een voorstel voor een bordeelverbod, zonder dat de vrouwen daadwerkelijk geholpen werden, zou kil en koud zijn geweest. En als christenen als Hendrik Pierson het alleen hadden moeten doen, was het ze waarschijnlijk niet gelukt. Dankzij de hulp van feministen en socialisten ging er 100 jaar geleden werkelijk een wissel om in Nederland.
Als we nadenken over de positie van de ChristenUnie dan moeten we dit voor ogen houden. Christelijke betrokkenheid bij de samenleving begint niet bij de politiek. Politieke actie en wetgeving zijn in het ideale geval slechts het sluitstuk.
De beweging van de eerste christelijke gemeente is een beweging waar we altijd naar terug moeten. De eerste christenen werden aangeraakt door het evangelie, leefden in een gemeenschap van onderlinge zorg en bemoediging, voelden zich geroepen tot navolging van Christus. En middenin de samenleving staken ze de handen uit de mouwen, werden scholen gesticht en zieken verzorgd, vondelingen opgevangen, aan armen eten gegeven. En ja, waar het mogelijk was, waren ze ook dienstbaar aan het bestuur van het land. Dat is de geschiedenis van de kerk en dat is ook ons verhaal.
Te vaak hebben christenen naar christelijke politici gekeken als degenen die het kwaad uit de samenleving moeten bannen. Bij het aantreden van de ChristenUnie als regeringspartner waren de verwachtingen soms hoog gespannen. Te hoog soms. En des te groter de teleurstelling als blijkt dat de ChristenUnie Nederland niet christelijker kan maken, als wij de publieke opinie over medische ethiek niet eigenhandig kunnen veranderen, niet iedereen weten te overtuigen van het nut van zondagsrust. Het is deze misvatting die ons parten speelt. En het is op dit punt dat we de rol van de ChristenUnie opnieuw moeten herijken.
De ChistenUnie stelt niet veel voor als de woorden die we spreken niet gedekt worden door de daden die we doen. We kunnen pas met recht pleiten voor een striktere abortuswet als de mensen van Siriz (voorheen VBOK) klaar staan om vrouwen in nood te helpen.
We kunnen pas met recht de huidige euthanasiewet bekritiseren, als er huizen zijn als dat van Kuria in Amsterdam waar mensen in de laatste fase van hun leven omringd worden door liefde, aandacht en goede zorg.
De ChristenUnie is pas echt geloofwaardig in haar kritiek op gebrekkig sociaal beleid als christenen in de praktijk mensen de helpende hand bieden. Hoe sterker stichtingen als Present en Hip groeien, hoe meer vrijwilligers er mee doen bij de voedselbank, met des te meer kracht kunnen wij een kabinet en lokale bestuurders aanmoedigen om een fatsoenlijk sociaal beleid te voeren.
En ja, ook nu moeten wij de barricades op tegen de mensonterende toestanden van vrouwenhandel en prostitutie op de Amsterdamse Wallen. Maar dat kan de ChristenUnie alleen als we hand in hand optrekken met de mensen van het Scharlaken Koord en als we behendig genoeg zijn om gelegenheidscoalities te sluiten met socialisten en feministen. Als die er vandaag ten minste nog zijn…
Dit is geloofwaardige christelijke politiek. Die begint bij het hart, het centrum van het geloof, die begint bij Christus. En dat is dan politiek die voortkomt uit christelijke bewogenheid met de naaste en die samen optrekt met christelijke maatschappelijke organisaties als De Hoop, Het Scharlaken Koord, Youth for Christ, EO, christelijke zorg, het christelijk onderwijs.
Zo is de ChristenUnie een verbindingsschakel tussen een dienstbare samenleving en de dienstbare overheid die we nastreven.
En in die positie maken we ons sterk voor de samenleving zodat die werkelijk dienstbaar kan zijn. Vrijheid is daarom ook een cruciale waarde van christelijke politiek. De vrijheid om onbelemmerd het goede te kunnen doen, niet gehinderd door een overheid die aan alle touwtjes trekt, en je alles uit handen neemt, en niet gehinderd door een markt die alles voor het zeggen heeft.
Dit is de christelijk-sociale traditie waarin we staan. Tegenover de maakbare samenleving van sociaaldemocraten, tegenover hun staatsdirigisme dat de burgers alle verantwoordelijkheid uit handen wil nemen, maar ook tegenover een dominantie van de markt die zelfs de zorg en onderwijs zijn wil dreigt op te leggen.
Wij zijn de partij van soevereiniteit in eigen kring, wij zijn de partij van de samenleving. Ik geloof dat mevrouw Peetoom, kandidaat-voorzitter van het CDA het ook weleens over die partij heeft, maar als je surft naar www.partijvandesamenleving.nl dan kom je toch echt bij de ChristenUnie uit.
Maar dan moeten we wel steeds waarmaken. Steeds moeten we kritisch naar ons programma en onze voorstellen kijken en nagaan of we geen last hebben van een overheidsreflex. Bezint eer u begint aan weer een subsidie, weer een verbod, weer een taskforce en weer een actieplan. Bij veel problemen in de samenleving, ligt de oplossing ook in de samenleving. Als we ons dat steeds realiseren, mogen we ons inderdaad de partij van de samenleving noemen.
Maar we zouden ons ook Partij van de vrijheid kunnen noemen. Vrijheid voor verantwoord ondernemen, vrijheid voor MKB’ers die van dubbeltjes kwartjes kunnen maken, vrijheid van onderwijs, vrijheid om je talenten te ontplooien, vrijheid om geloof en maatschappelijke betrokkenheid te combineren, vrijheid om je hart te laten spreken in het publieke domein, de vrijheid van godsdienst (niet alleen hier, maar ook in islamitische, autoritaire, communistische landen), vrijheid voor gezinnen.
Door de samenleving te beschermen en de vrijheid van verantwoordelijke burgers te garanderen, weten we ook beter waar de overheid een duidelijke taak heeft en waar de markt frank en vrij zijn werk kan doen. Dan weten we bijvoorbeeld dat het op een daadkrachtige overheid aankomt om criminaliteit te bestrijden, drugs te bestrijden en om prostitutie en mensenhandel tegen te gaan. En dan weten we ook dat onze huizenmarkt wel wat meer marktwerking kan gebruiken. De onbeperkte hypotheekrenteaftrek is een onliberale maatregel die marktverstorend werkt. Maar ik geloof niet dat liberalen in dit opzicht heel erg liberaal zijn. Soms moeten we de samenleving ook terugveroveren op de markt. Denk aan de woningbouwcorporaties die hun oorsprong in de samenleving hebben en via overheidsinterventie uiteindelijk ‘vermarkt’ zijn. Het zou de moeite waard zijn om te onderzoeken hoe de buurten en de verantwoordelijkheid voor de woningen opnieuw in handen van de bewoners kunnen worden gelegd.
Ik zei het al. Onze politiek moet er op gericht zijn dat burgers verantwoordelijkheid kunnen dragen voor hun gezin, voor de school van hun kinderen, de zorg voor hun familie, hun buren, hun kerkelijke gemeente, de voetbalclub en de eetclub. En onze politiek zou erop gericht moeten zijn dat bedrijven de ruimte krijgen om goed met mensen en met Gods schepping om te gaan. Wij zijn een partij van vrijheid.
En voor die vrijheid moeten we pal staan. Juist nu de vrijheid onder druk staat. En daarbij zijn er drie groepen die het op vrijheid hebben gemunt.
Het zijn secularisten die religie achter de voordeur willen houden. Waar zij vrijuit mogen spreken over hun diepste overtuiging, daar moeten christenen en andere gelovigen zwijgen en op geen enkele manier laten merken dat ze gelovig zijn. Vrijheid van onderwijs, vrijheid van levensbeschouwelijke organisaties om hun eigen personeelsbeleid te voeren staan onder druk. En daarin staat de ChristenUnie tegenover secularisten.
Het zijn populisten die de vrijheid van godsdienst willen inperken. Volgens hen hebben Henk en Ingrid altijd gelijk, ook als dat betekent dat de vrijheid van godsdienst en de vrijheid van onderwijs niet voor moslims en wel voor de rest van Nederland gelden. Daarin staat de ChristenUnie tegenover populisten.
Het zijn islamisten die vrijheid willen gebruiken om de vrijheid van anderen in te perken. Maar vrijheid van godsdienst is geen vrijbrief voor antisemitisme, voor haatpreken, voor verheerlijking van geweld en bedreiging van ex-moslims die bijvoorbeeld christen zijn geworden. Daarin staat de ChristenUnie tegenover islamisten.
Als vrijheid gegarandeerd is, kunnen we maatschappelijk en politiek ons hart laten spreken. Voor mensen die in de knel raken, mensen die gevangen zitten in een verslaving. Voor een verantwoorde omgang met Gods schepping, waarin boeren niet gestraft worden voor goede zorg voor land en dier, maar daar juist voor beloond worden. En dan zullen we de advocaten zijn van dat leven wat voor anderen waardeloos lijkt. Als er dan een nog betere downtest op de markt wordt gebracht, om nog eerder en nog zekerder bij ongeboren kinderen het down-syndroom vast te stellen, dan zijn wij de advocaten van die mensen en mensjes die zelf niet kunnen spreken, maar die net als wij zijn geschapen door God. Dan zijn wij de partij van het leven.
Ik sluit af.
Onze overtuiging is allereerst een zaak van geloof, van navolging van Christus. En onze politiek begint bij de gemeenschap van verantwoordelijke burgers, bij gezin, school, kerk, buurt, een LinkedIn-community, creatieve ondernemers en twitter-vrienden. Bij de dienstbare samenleving, daar klopt ons politieke hart. Daar hoort een overheid bij die zich dienstbaar weet en een markt die moreel begrensd is. Daarmee heeft christelijke politiek een eigen positie, en overstijgt ze de ouderwetse links-rechts tegenstelling. En vanuit die eigen positie zet de ChristenUnie zich in voor de verdediging van de door God gegeven vrijheden en voor bescherming van alles wat leeft.
De ChristenUnie is de partij van de samenleving, de partij van de vrijheid en de partij van het leven.
Zo zijn we niet links en niet rechts, maar zijn we onszelf. Een Unie van christenen. Een partij van mensen die Christus willen volgen en met God, middenin de wereld willen staan.
Ik dank u wel.




Een uitstekend artikel. Van zoveel mooie woorden krijg ik het warm van voldoening. Het is mooi verwoord: ‘Een Unie van christenen. Een partij van mensen die Christus willen volgen en met God, middenin de wereld willen staan.’
Maar: was het maar waar.
De ‘Unie van christenen’ is voorbehouden aan bepaalde christenen. Christelijke homoseksuelen die in een duurzame relatie leven, hebben geen plaats binnen deze unie van christenen. En ook (rooms) katholieken worden hier niet genoemd. De genoemde maatschappelijke organisaties komen allen uit de (orthodox, evangelische) protestante hoek. De CU manifesteert zich daarom als partij voor een selecte groep christenen, en is er zeker geen sprake van een unie waar alle christenen zich bij thuis kunnen / mogen voelen.
“Het zijn islamisten die vrijheid willen gebruiken om de vrijheid van anderen in te perken. ”
Met labels te gebruiken als “islamisten” kun je wel het idee geven dat je het probleem hebt ingekaderd, maar Gert-Jan, je weet toch ook wel, dat het niet alleen de hardline moslims zijn die het probleem vormen. maar dat intolerantie in de ideologie is ingebakken. Nu, vertel je kiezersvolk dat dan ook eens eerlijk, daar hebben ze recht op.
@Bart De CU staat of valt met een door de leden gedeeld christelijk geloof en trouw aan de Schrift. Maar we hebben geen lijst van gedragingen of denominaties op grond waarvan we selecteren. Ook katholieke christenen zijn lid van de CU.
@Andre van M. Iedereen die in naam van de islam vrijheid wil misbruiken om de vrijheid van anderen te beperken noem ik islamist. Ook al rekent iemand zichzelf tot de mainstream.
Veel opinies blijven steken bij meningen, en de reacties blijven dus steken bij “eens” of “oneens”. Dit artikel van Segers doet me iets op een dieper niveau – het is een visie op de rol van christenen in de samenleving waar ik warm van word. Niet alleen als stemmer, maar ook als gemeentemens – één van de voornaamste ‘kringen’ waar we dit “zout en licht”-verhaal uiteindelijk moeten waarmaken. Je kunt het over standpunten oneens zijn, maar zo’n bredere visie laat zien welke kant je op denkt, en de visie zoals hier geformuleerd voel ik van harte mee.
Toch een inhoudelijk dingetje: Segers bepleit opnieuw een middenpositie tussen een allesbepalende overheid en “een dominantie van de markt die zelfs de zorg en onderwijs zijn wil dreigt op te leggen.”
Hoewel een middenpositie mooi en goed is, begrijp ik toch niet echt hoe je hier “de markt” zo massief kunt neerzetten als een tegenpool van “de overheid”.
Zie ook mijn reactie onder het stuk van Leen van Dijke over de hypotheekmarkt: “de markt” is geen zelfstandige grootheid die regels verzint zoals de overheid dat doet. “De markt” (in de zin van “de profitsector”) is geen entiteit, maar is een ‘manier van doen’ – het aansturen op efficiency, effectiviteit en output. Dat is in zichzelf neutraal en heeft ook geen ‘wil’. Of marktwerking goed of slecht is, of goed of slecht uitpakt, heeft te maken met overheidsbeleid: voor welk doel zet je marktwerking in, en welke incentives geef je dmv je belastingstelsel. Als je bezit (woning) belast en schuld (rente) subsidieert, moet je niet “de markt” de schuld geven dat iemand het verschijnsel aflossingsvrije hypotheken verzint. Dan moet de overheid in de spiegel kijken en concluderen dat ons belastingstelsel perverse prikkels in zich heeft. Als je ‘topkosten’ creëert (overdrachtsbelasting), moet je niet “de markt” de schuld geven van het ontstaan van tophypotheken…
Het is de overheid die kaders stelt, stuurt en een ‘wil’ oplegt. De markt ‘wil’ niets met zorg en onderwijs als daar geen geld te verdienen is. Het is dus de overheid die marktwerking moet toestaan waar het zin heeft en waarde toevoegt, en moet weghouden waar dat geen zin heeft of contraproductief is. Ik ben het helemaal met Segers eens dat woningcorporaties een voorbeeld van dat laatste kunnen zijn.
Ik blijf toch het gevoel houden dat kunstmatig het midden wordt gezocht in een tegenstelling overheid-markt die niet als zodanig bestaat. De “markt” probeert altijd winstgevend te opereren binnen de gestelde kaders. Zij is dus altijd ondergeschikt aan wat de overheid oplegt. Politici moeten “de markt” dus niet wegzetten als een perverse vijand die bestreden of beteugeld moet worden, maar moeten begrijpen hoe zij functioneert. Dan kom je er snel genoeg achter dat 90% van wat er fout gaat in “de markt”, rechtstreeks te herleiden is naar verkeerde prikkels in ons belastingstelsel. En daar gaan politici over…
Vandaar mijn stelling: om een duurzame agenda te promoten en schuldproblematiek te voorkomen moet je niet “de markt” gaan betuttelen, maar gezonde financiële kaders scheppen die ertoe leiden dat duurzaam marktgedrag meer loont dan ‘woekergedrag’ gebaseerd op geleend geld. Het idee van “Belasting Onttrokken Waarde” (Eckart Wintzen) -maw een transitie naar een op consumptie gebaseerd belastingstelsel- is een voorbeeld van zo’n kader.
Ook het cultiveren en exploiteren van “de tuin”, dus ondernemerschap, hoort namelijk bij een christelijke levensvisie – christenpolitici moeten niet bang zijn voor “de markt” maar erkennen hoe zij functioneert en haar via het belastingstelsel de juiste kaders stellen.
Ook het bedrijfsleven is namelijk één van de ‘soevereine kringen’ waarmee wij samen de samenleving vorm geven, en niet een boos monster tegen wie de samenleving moet worden beschermd. Dát is waar de CU zich nog beter kan onderscheiden van ‘links’. Niet door persé ‘rechtser’ beleid te gaan voeren (het gaat om ándere fiscale incentives, niet persé ‘rechtsere’). Wèl door de markt niet meer te positioneren als de ‘rechtse’ tegenpool van de ‘linkse’ overheid, maar als gewoon één van de ‘kringen’ die optimaal moet kunnen samenwerken met de overheid, binnen gezonde kaders. Dat is een erg belangrijk nuanceverschil. Maar ik breng het naar voren omdat ik het de onderliggende visie op de samenleving die uit het artikel van Segers spreekt van harte deel, en omdat ik oprecht geloof dat christelijke politiek en ‘markt’ minder onderlinge spanning zouden hebben als ze elkaar beter zouden begrijpen.
@ Alex en Gert-Jan
Het is inderdaad jammer om te zien hoe de tegenstelling markt – overheid ook hier weer naar voren komt; terecht dat Alex hier de vinger bij legt. Ik twijfel er niet aan dat het goed bedoeld is, maar het komt niet goed over. Binnen het WI is er op dit terrein ook niet zoveel kennis en ervaring beschikbaar, dus ik begrijp ook wel dat het lastig is.
Met Alex waardeer en onderschrijf ik de onderliggende visie van Segers. Ik waardeer ook dat kritische signalen uit de achterban blijkbaar worden opgevangen en dat er duidelijk nagedacht wordt over positie van de ChristenUnie. Maar misschien is het beter om eerst een goede en onderscheidende economische visie uit te werken en te zorgen voor een oprecht positieve sfeer over ondernemerschap in de partij, zonder dat gelijk tegenover de overheid te plaatsen of als ‘rechts’neer te zetten.
Ik kan het niet vaak genoeg zeggen; terug naar het kernprogramma, ook op dit punt. En mensen in het kader van de partij halen die een duidelijke bijdrage kunnen leveren. Type Jan-Kees de Jager zeg maar.
@Gert-Jan: De ChristenUnie heeft misschien geen lijst met gedragingen, maar wel een gedragscode voor vertegenwoordigers van de ChristenUnie die met overgrote meerderheid (na een motie van de KV Nunspeet) door het congres is aangenomen. Dat had met name betrekking op het onderwerp dat Bart noemt. Ik begrijp ook niet goed waarom er in de externe communicatie niet gewoon naar die gedragscode wordt verwezen?
“Ook katholieke christenen zijn lid van de CU.”
Maar geen homoseksuele christenen, of wel soms?
@Ewout: Natuurlijk wel. Maar in de ledenregistratie wordt de sexuele geaardheid niet vastgelegd. Of is dat bij jouw partij D66 wel het geval?
Zo, da’s even een verhaal die de volle breedte probeert te bestrijken. Respect, Gert-Jan.
@alex
Begrijp ik dat je zegt dat ‘de markt’ neutraal is? De markt is geenszins neutraal. De markt is gericht op, zoals je zelf zegt het “aansturen op efficiency, effectiviteit en output”. Dat zijn geen neutrale termen, al lijkt dat tegenwoordig wel zo. Dat zijn termen die aangeven dat geld en monetaire waarde de hoogst mogelijke (en vaak enige) meetlat van de activiteiten zijn. Terwijl in de woorden van Albert Einstein ‘de meeste belangrijke dingen géén dingen zijn.
Dat vind ik het mooie aan het idee van Belasting Onttrokken Waarde i.p.v. BTW. Dat probeert om een hogere waarde te geven aan niet geldelijke zaken. Ben er ook een voorstander van.
Maar om in deze discussie te zeggen dat de markt neutraal opereert vind ik op zijn zachtst gezegd naïef. De markt opereert t.b.v. het geld en hen die geld hebben. Per definitie komt de markt de zwaksten en kleinsten niet in eerste plaats ten goede. Soms kan het ‘trickle down’ effect nog wel de kleineren positief bereiken, maar zelfs dan zal dit niet in verhouding staan tot de hoeveelheid extra voordeel het de rijken meegeeft.
“De Markt” heeft – en dat geef je terecht aan – wel veel te veel ruimte gekregen van onze samenleving, zowel van de overheid als van de rest van de maatschappij. Helaas ontbreekt het op veel punten in onze (internationale) wereld nog aan internationale marktmeesters die puur als scheidsrechter de basisregels kunnen bewaken van hoe we met elkaar omgaan. Op het voetbalveld is het zeer duidelijk dat je niet met twee gestrekte benen van achteren een tackle op de enkels mag geven. In internationale handelsketens – om een voorbeeld te geven – is er echter niemand die het spel kan stilleggen als een soortgelijke overtreding plaatsvindt.
De markt is een belangrijke peiler van onze samenleving, en moet zeker niet buitenspel gezet worden. Maar er moet wel een marktmeester zijn die een level playing field van basisregels kan bewaken. En de eerste stap daarin is te beseffen dat de markt in ieder geval niet neutraal is.
Zo, da’s even een verhaal die de volle breedte probeert te bestrijken. Respect, Gert-Jan.
@alex
Begrijp ik dat je zegt dat ‘de markt’ neutraal is? De markt is geenszins neutraal. De markt is gericht op, zoals je zelf zegt het “aansturen op efficiency, effectiviteit en output”. Dat zijn geen neutrale termen, al lijkt dat tegenwoordig wel zo. Dat zijn termen die aangeven dat geld en monetaire waarde de hoogst mogelijke (en vaak enige) meetlat van de activiteiten zijn. Terwijl in de woorden van Albert Einstein ‘de meeste belangrijke dingen géén dingen zijn.
Dat vind ik het mooie aan het idee van Belasting Onttrokken Waarde i.p.v. BTW. Dat probeert om een hogere waarde te geven aan niet geldelijke zaken. Ben er ook een voorstander van.
Maar om in deze discussie te zeggen dat de markt neutraal opereert vind ik op zijn zachtst gezegd naïef. De markt opereert t.b.v. het geld en hen die geld hebben. Per definitie komt de markt de zwaksten en kleinsten niet in eerste plaats ten goede. Soms kan het ‘trickle down’ effect nog wel de kleineren positief bereiken, maar zelfs dan zal dit niet in verhouding staan tot de hoeveelheid extra voordeel het de rijken meegeeft.
“De Markt” heeft – en dat geef je terecht aan – wel veel te veel ruimte gekregen van onze samenleving, zowel van de overheid als van de rest van de maatschappij. Helaas ontbreekt het op veel punten in onze (internationale) wereld nog aan internationale marktmeesters die puur als scheidsrechter de basisregels kunnen bewaken van hoe we met elkaar omgaan. Op het voetbalveld is het zeer duidelijk dat je niet met twee gestrekte benen van achteren een tackle op de enkels mag geven. In internationale handelsketens – om een voorbeeld te geven – is er echter niemand die het spel kan stilleggen als een soortgelijke overtreding plaatsvindt.
De markt is een belangrijke peiler van onze samenleving, en moet zeker niet buitenspel gezet worden. Maar er moet wel een marktmeester zijn die een level playing field van basisregels kan bewaken. En de eerste stap daarin is te beseffen dat de markt in ieder geval niet neutraal is.
@Rolf Goed dat je idd de gedragscode expliciet noemt.
@Antonie @Alex Een WI expertmeeting is aanstaande en dit is een belangrijk gesprek dat we daar gaan voortzetten. Ik meld me binnenkort bij jullie.
@Antonie,
Belangrijke punten die je aansnijdt. Ik reageer even punt voor punt:
“Begrijp ik dat je zegt dat ‘de markt’ neutraal is? De markt is geenszins neutraal. De markt is gericht op, zoals je zelf zegt het “aansturen op efficiency, effectiviteit en output”. Dat zijn geen neutrale termen, al lijkt dat tegenwoordig wel zo. Dat zijn termen die aangeven dat geld en monetaire waarde de hoogst mogelijke (en vaak enige) meetlat van de activiteiten zijn.”
Ik bedoel niet ‘neutraal’ in de zin van ‘waardenvrij’. Wat is bedoel is dat marktwerking is wat het is: een activiteit gericht op winst maken. En dat kán neutraal zijn (als die winst binnen eerlijke en duurzame kaders tot stand komt), het kan ook pervers zijn (als toezicht ontbreekt en de winst over de ruggen van de zwaksten tot stand komt).
Het allerbelangrijkste is dus dat je een goede marktmeester hebt, je geeft het zelf al aan.
“De markt is een belangrijke peiler van onze samenleving, en moet zeker niet buitenspel gezet worden. Maar er moet wel een marktmeester zijn die een level playing field van basisregels kan bewaken. En de eerste stap daarin is te beseffen dat de markt in ieder geval niet neutraal is.”
Gedeeltelijk eens. Een goede marktmeester oefent zijn invloed niet uit door de markt een moraal op te leggen (morele overwegingen staan niet op de balans dus zijn in de huidige economische structuur letterlijk waarde-loos), maar door kaders te produceren die ervoor zorgen dat de natuurlijke neiging van de markt (dwz winstgerichtheid) niet ten koste gaat van wat kwetsbaar is.
“Dat vind ik het mooie aan het idee van Belasting Onttrokken Waarde i.p.v. BTW. Dat probeert om een hogere waarde te geven aan niet geldelijke zaken.”
Dat is niet helemaal wat BOW doet. BOW maakt juist niet-geldelijke zaken wèl geldelijk, met andere woorden BOW vertaalt duurzame doelstellingen in taal die de markt begrijpt (geld). En daarmee schept het de mogelijkheid dat marktwerking wèl tot de juiste resultaten leidt.
Neem brandstof als voorbeeld. De transitie van fossiel naar duurzaam gaat lang niet snel genoeg. Maar wat nu als we geen BTW of accijnzen meer zouden heffen, en ook geen kilometers gaan belasten, maar de hele prijsvorming baseren op uitstoot? Dan lopen alle leasemaatschappijen binnen een week de deuren plat bij de autofabrikanten om versneld elektrische auto’s te gaan uitleveren.
Dus ik bedoelde niet dat de markt ‘waardenvrij’ is, maar dat zij functioneert zoals zij functioneert, en dat dit gewoon een gegeven is. Een slimme marktmeester probeert de markt dus geen moraal op te leggen, maar stelt de juiste kaders.
Daarnaast: ondernemerschap, streven naar winst, is in zichzelf wel iets goeds. De bevolking dijt uit, dus de economie móet wel groeien om welvaart voor iedereen te kunnen garanderen. En dat kan ook, maar niet in ons huidige stelsel dat creativiteit en toegevoegde waarde belast (inkomstenbelasting, BTW) en dat doet alsof verbranden van natuurlijke resources gratis is.
Dus de overheid moet sturen op output, niet op het proces. Belast uitstoot, en laat de markt creatief worden om uit te zoeken welke producten het meest geschikt zijn om fossiele brandstoffen te vervangen. Stel doelstellingen vast als het gaat om beschikbaarheid van breedband in onrendabele gebieden en laat de markt uitzoeken of je dat het beste kunt realiseren via nieuwe fysieke netwerken, nieuwe datadoorgifte-technieken of nieuwe datacompressietechnieken, in plaats van te doen alsof je er zelf verstand van hebt en de markt te verstoren met gesubsidieerd glasvezel. Enzovoort enzovoort.
Kortom volgens mij zijn we het aardig eens, Antonie – zie uit naar het vervolg (ook @Gert-Jan).
Dank voor je reactie Alex. Volgens mij zijn we het inderdaad sterk met elkaar eens op de meeste punten. En een goeie nuancering van mijn opmerking over BOW vs. BTW.
Wel vraag ik me af of – zoals jij stelt – groei een noodzakelijk iets is. Ik denk dat groei in welvaart voor de onderste pak ‘m beet 50% van de wereldbevolking (en misschien wel een groter percentage dan dat) zeker nodig is. Maar of dat moet door te groeien is de vraag. De mens verbruikt op dit moment al veel meer dan de andere kan opleveren én kan verwerken. Ik denk eerder dat we naar een meer rechtvaardige verdeling van de welvaart moeten. Niet dat er een plafond moet komen op ondernemerschap – zeker niet, ondernemerschap moet blijvend gestimuleerd worden – maar wel dat de verdeling minder pervers scheef moet komen te liggen. Dan komen we al een heel eind.
Gr.
De lezing zojuist gelezen. Veel herkenning.
Een vraag die bij me op kwam: je schrijft op dat de eerste christenen o.a. scholen stichten en waar mogelijk dienstbaar waren aan het bestuur van het land. Aan welke eerste christenen moet ik dan denken? Hoe ruim is je begrip van eerste christenen?
Met ‘we zijn niet links, niet rechts, we zijn onszelf’ probeer je de CU boven de ‘klassieke’ politieke verdeling te verheffen. Dat kunnen we wel willen, maar gaat dit ook echt lukken? Is toch niet een beetje een zwakte bod door geen bewuste keuze te maken op het politieke palet?
@Antonie: Waar ik toch nog moeite mee heb Antonie is je uitgangspunt dat de markt alleen maar op geld en winst gericht is. Als ondernemer doet dat pijn zal ik je eerlijk zeggen. Dat is nu precies het verkeerde imago waar ik binnen de CU tegen ‘vecht’. Alsof ondernemen alleen maar gericht is op geld. Ik weet niet wat voor werk jij doet, maar als ik zou zeggen dat je alleen maar voor het geld werkt dan kan ik me voorstellen dat je dat niet met me eens bent. En dat geldt ook voor ondernemers. Die hebben ook gewoon plezier in hun werk. Ze vinden het heerlijk om bijvoorbeeld jonge mensen aan te nemen en die te helpen in hun ontwikkeling als persoon en als professional. Ze helpen daarbij met opleidingen, coaching, etc. Allemaal dingen die geld kosten, maar we doen het graag! En dat geldt ook voor duurzaamheid. Bij beursgenoteerde ondernemingen beoordelen aandeelhouders de bedrijven ook steeds meer op andere zaken dan alleen winst. Kijk bijvoorbeeld naar Tridodos.
@ Alex: Je voorbeeld over brandstof is ongelukkig. Stel dat de overheid dat zou doen en het zou werken. Hoe gaan we al die electriciteit voor die auto’s dan opwekken? Met kerncentrales? En wat denk je van de gigantische mileuproblemen die ontstaan bij de productie van electrische auto’s? En ook de grondstoffen voor accu’s komen uit moeder aarde, en zijn zeker niet onuitputtelijk. Electrische auto’s dragen per saldo, dus als je het productieproces en de afvalverwerking meetelt, helemaal niets bij aan duurzaamheid, dat is een farce. Daarom ben ik tegen dergelijke prikkels. Ik zou er heel misschien voor zijn als de overheid en politici altijd de meest verstandige beslissingen zouden nemen, ook voor de langere termijn, maar dat is absoluut niet zo. Politici zijn vaak gericht op de korte termijn en op electoraal gewin.
Schaarste is een veel beter instrument. Fossiele brandstoffen zijn eindig en dus zal de markt echt wel naar goede oplossingen gaan zoeken voordat ze op zijn. Een klein beetje prikkelen vanuit de overheid is prima, maar niet zo rigoreus. Ik houd vaak mijn hart vast als ik zie hoe carrierepolitici praten en beslissingen nemen over dit soort complexe onderwerpen. De centrale bank is precies vanwege die reden geen politieke instelling en onafhankelijk. Als je de overheid teveel economische instrumenten en prikkels geeft kun je net zo goed ook de centrale bank weer onder de invloed van de overheid brengen. Maar dat willen we toch niet echt hoop ik?
@Antonie,
“Wel vraag ik me af of – zoals jij stelt – groei een noodzakelijk iets is [...] Ik denk eerder dat we naar een meer rechtvaardige verdeling van de welvaart moeten. Niet dat er een plafond moet komen op ondernemerschap – zeker niet, ondernemerschap moet blijvend gestimuleerd worden – maar wel dat de verdeling minder pervers scheef moet komen te liggen. Dan komen we al een heel eind.”
Als je kijkt naar de ontwikkeling van de Nederlandse demografische piramide, in combinatie met ons economische stelsel (waarin we vooral belasting heffen op arbeid en nauwelijks op kapitaal), dan kunnen we alleen op het huidige netto welvaartsniveau blijven door steeds meer bruto te gaan omzetten. De verhouding werkenden-niet werkenden wordt namelijk steeds schever, en de niet-werkenden worden onderhouden uit wat de werkenden binnenbrengen. Dus zelfs om gelijk te blijven, is groei noodzakelijk.
Om het nog maar niet te hebben over de misschien wel 80% van de wereldbevolking die sowieso een veel te lage kwaliteit van leven heeft, en die -terecht- graag wil wat wij ook hebben.
De consequentie van ons economische stelsel, waarin vooral arbeid wordt belast, is dat je hoe langer hoe meer kapitaal (o.a. schaarse natuurlijke resources) moet verbranden om ervoor te zorgen dat je arbeid de gewenste output genereert. Dat is op geen enkele manier vol te houden als je èn de gevolgen van de demografische ontwikkeling in het Westen wilt opvangen èn recht wilt doen aan de ontwikkelingswensen van de two-thirds world. Daarom moet je toe naar een systeem waar je de druk weghaalt van creativiteit en arbeid en verplaatst naar het daadwerkelijk “geldelijk maken” van het verbrande kapitaal. Zie ook mijn eerdere artikel hierover: http://opunie.nl/opinie/groen-en-sociaal-schaf-de-inkomstenbelasting-af-2/, + http://www.fairtax.org voor meer achtergrond.
@Johan van der S,
Vlgs mij ligt in deze economische ‘paradigm shift’ ook het antwoord op de vraag naar positionering links-rechts. In mijn beleving is het links-rechts schema een consequentie van ons op inkomen gebaseerde stelsel. Als je naar een op consumptie gebaseerd stelsel gaat -en dat is het mooie van Fair Tax en BOW- leiden methoden die we nu ‘rechts’ noemen onherroepelijk tot meer ‘linkse’ resultaten. M.i. moet de CU dus niet links of rechts positie kiezen, maar ons huidige, onhoudbare paradigma as such ter discussie stellen.
@Rolf,
“Hoe gaan we al die electriciteit voor die auto’s dan opwekken? Met kerncentrales? En wat denk je van de gigantische mileuproblemen die ontstaan bij de productie van electrische auto’s? En ook de grondstoffen voor accu’s komen uit moeder aarde, en zijn zeker niet onuitputtelijk. Electrische auto’s dragen per saldo, dus als je het productieproces en de afvalverwerking meetelt, helemaal niets bij aan duurzaamheid, dat is een farce.”
Wat ik bedoelde te zeggen, is dat je de totale ‘resource-consumptie’ van de hele productieketen moet belasten, niet alleen het eindproduct. Dan gaat de markt vanzelf een vorm uitvinden die èn duurzaam geproduceerd kan worden, èn duurzaam functioneert, èn duurzaam afgebroken kan worden. En misschien zijn elektrische auto’s dan niet het juiste product, dat zou kunnen. Zoals kernenergie ook niet de juiste vorm van energie is als je niet alleen kijkt naar CO2-uitstoot maar ook naar de verwerkingskosten van het nucleaire afval en naar het bedrag dat je moet verzekeren in geval van ongelukken.
Dat is mijn punt -waar ‘de markt’ van nature goed in is, is het uitvinden van de meest efficiënte manier (kosten) om effectief te zijn (winst). Als je die kwaliteit optimaal wilt benutten, moet je als overheid dus zorgen dat de hele waardeketen financieel wordt gemaakt – dus dat duurzaamheid winstgevender wordt dan cowboygedrag.
@Alex: “Als je die kwaliteit optimaal wilt benutten, moet je als overheid dus zorgen dat de hele waardeketen financieel wordt gemaakt – dus dat duurzaamheid winstgevender wordt dan cowboygedrag. ”
Het alternatief van duurzaamheid is niet cowboygedrag; met deze extreme tegenstelling schets je een verkeerd beeld van de markt.
Je gaat niet in op mijn fundamentele bezwaar tegen je redenering, namelijk dat je ervan uitgaat dat de overheid en de politiek het inzicht en de wijsheid hebben om dergelijke zware economische instrumenten te beheren. Dus in jouw voorbeeld: weet de overheid wat écht duurzaam is? Of creeëren ze in hun ‘enthousiasme’ het milieuprobleem van de toekomst?
De overheid moet inderdaad een goede marktmeester zijn, maar dat betekent voor mij vooral de grenzen bepalen waarbinnen gewerkt wordt. Dat is wat anders dan de overheid instrumenten in handen geven waar je ook veel mee kapot kunt maken.
Nivellering is ook zo’n voorbeeld. Op zich een zinnig instument dat bedoeld is om de zwakken te beschermen en een eerlijke inkomensverdeling te bereiken. Niks mis mee. Helaas is het gevolg nu echter wel dat er een grote groep mensen is die totaal geen ambitie meer heeft omdat het niet loont om wat meer te gaan verdienen. Een uitgesproken linkse regering zou dit probleem alleen maar nog groter maken. Net zo goed als uitgesproken rechts weer andere problemen veroorzaakt. Ik vertrouw een overheid die zware instrumenten hanteert gewon niet. Waarschijnlijk ligt daar het/mijn probleem
@Rolf,
Ik zie het principiële verschil niet tussen een overheid die aan burgers en bedrijven erg gedetailleerde kaders stelt op het gebied van arbeid (inkomstenbelasting, vennootschapsbelasting, toeslagen, BTW, enz enz) en een overheid die daarmee ophoudt en in plaats daarvan hetzelfde gaat doen op de andere helft van de waardeketen (dus een gedetailleerde boekhouding vragen mbt gebruik en cost-to-recycle van grondstoffen en daarop afrekenen).
De overheid moet daarbij sturen op het resultaat, en niet op de weg er naartoe. Daardoor maak je het systeem minder afhankelijk van expertise binnen de overheid.
Bovendien: de overheid hanteert nu óók ‘zware economische instrumenten’ en kan daar nu óók de gevolgen niet van overzien. Klein voorbeeldje van gisteren: minister De Jager die vol trots aankondigt dat banken voortaan nieuwe hypotheken gaan maximeren op 110% vd woningwaarde.
Klinkt nobel, en zal ook tophypotheken voor starters voorkomen, maar betekent tevens dat de 30% van de woningbezitters die nu vastzit aan een aflossingsvrije tophypotheek van 125% niet meer via een tussenstap naar een volgende woning die gefinancierd is op 115% úit hun situatie kunnen komen. De maatregel heeft dus een averechts effect. Daarom moet de overheid dus zo weinig mogelijk maatregelen nemen, en zoveel mogelijk doelen stellen, bijvoorbeeld “De waarde-schuld-ratio van hypotheken mag voor nieuwe gevallen maximaal 110% bedragen en moet voor bestaande gevallen minimaal 5% lager liggen dan de huidige hypotheek.”
Nu maakt de overheid het veel te concreet, hebben ze voor de bühne gescoord en tegelijk de bestaande gevallen die ze als problematisch beschouwen het zicht op een oplossing ontnomen. Dus: niet bemoeien met het proces, maar output/richting voorschrijven.
Daarnaast denk ik dat jij met name redeneert vanuit MKB, en ik meer vanuit grote bedrijven/multinationals. En dan geldt m.i.: hoe onpersoonlijker de aandeelhoudersstructuur, hoe meer geld wel degelijk het enige criterium is. Dus een aantal stellingen uit mijn discussie met Antonie gaan denk ik inderdaad niet op voor het MKB.
@Gert-Jan Segers: In de gedragscode wordt weer verder verwezen naar het kernprogramma, en daarin staat (notabene) in een voetnoot het volgende: ‘Op 14 juni 2008 heeft het Uniecongres per motie het standpunt bevestigd dat door GPV en RPF als voorgangers van de ChristenUnie door de jaren heen consequent in het publieke debat als hun politieke overtuiging is ingebracht, namelijk dat het huwelijk door God bij de schepping is ingesteld als een in beginsel onverbreekbare relatie van één man en één vrouw en als zodanig een grondpijler van de samenleving is en dat daarbij de seksuele omgang onlosmakelijk verbonden is met het huwelijk.’.
Met andere woorden: seksuele omgang buiten het huwelijk (zoals de CU het huwelijk interpreteert) is niet mogelijk / toegestaan. Dus levend binnen een duurzame relatie, inclusief seksualiteit, buiten het huwelijk om, kan je de CU niet vertegenwoordigen. Nog duidelijker: voor christelijke homoseksuelen die een keuze hebben gemaakt voor een duurzame relatie, is geen plek binnen de CU. Het zou beter zijn als de CU daar volstrekt open en helder over is, in plaats van de halfslachtige houding die alleen voor partij-ingewijden duidelijk is.
Daarmee: de CU is alleen bedoeld als Unie voor een geselecteerde groep christenen die voldoen aan de eisen die de (leden) partij heeft opgesteld op basis van hun interpretatie van de Schrift.
@Alex: Ik heb nogal wat in multinationals rondgelopen en gewerkt; mijn visie op de markt wordt dus niet bepaald door het feit dat ik nu zelf MKB-er ben. Uiteraard zijn er uitzonderingen, maar dat geldt overal voor.
De gisteren genomen hypotheekmaatregel is zoals altijd een beetje een slap compromis. Het is overigens een maatregel de de banken zichzelf opleggen, geen directe overheidsmaatregel en ze bemoeien zich in die zin niet direct met het proces. Maar dat er iets moest gebeuren is duidelijk, en dat er een groep de dupe is lijkt me onontkoombaar. Het zal ergens pijn moeten doen. En je kunt ook niet alleen de banken en de overheid de schuld geven. Consumenten die 5 tot 6 keer hun bruto salaris leenden voor een huis + inboedel + nieuwe keuken = 125% zijn op zijn minst onvoorzichtig geweest en misschien in veel gevallen zelfs een beetje hebzuchtig. Zelf blijven nadenken mag toch ook van de mensen gevraagd worden?
@Bart: Mee eens, dat zou inderdaad helderheid geven. Alleen als ik zo om me heen luister in de CU, denkt lang niet iedereen daar tegenwoordig nog zo rechtlijnig over. Dat zou kunnen verklaren waarom de CU zo veel moeite heeft om tot een helder standpunt te komen.
@Remco van Mulligen: Oké, als je dat zo stelt zou dat ook kunnen verklaren waarom er van Gert-Jan Segers (nog?) geen reactie is gekomen.
Jammer blijft het wel, althans voor mij. Als overtuigd christen, actief binnen de kerk, maatschappelijk actief én als getrouwde homoseksueel, lukt het me daardoor niet de CU als ‘unie van christenen’ te zien waar binnen ik vrijmoedig zou kunnen bewegen.
@Bart: Dat geldt natuurlijk voor meer onderwerpen. De één is het niet eens met het homostandpunt, de ander wil graag een duidelijker Israël standpunt (kritischer of juist niet), dan hebben we ook nog de economie, het milieu, de landbouw, defensie, etc., etc. Ik denk dat we gewoon nuchter moeten zijn; de ChristenUnie kan er niet zijn voor alle christenen. Ik vind het geen schande om vast te houden aan je uitgangspunten zoals die nog niet eens zo lang geleden vastgelegd zijn in het kernprogramma en daar een partij op te bouwen. De christenen die de partij hebben opgericht hebben er destijds bewust voor gekozen om niet op te gaan in het CDA omdat de ‘C’ van het CDA steeds minder inhoud kreeg, maar ook om niet samen te gaan met de SGP omdat die partij de theocratie als uitgangspunt neemt en zowel religieus als politiek gewoon een andere achtergrond heeft. Die positie ten opzichte van SGP en CDA is voor veel christenen nog steeds zeer actueel. Zelfs als de ChristenUnie politieke keuzes maakt waar deze christenen het misschien niet altijd mee eens zijn, stemmen ze toch ChristenUnie vanwege het christelijke gehalte van die partij. Dat is volgens mij wat Gert-Jan Segers bedoelt in dit artikel. Dat zou ook de kracht kunnen zijn van onze partij. Als de ChristenUnie de afstand tot die trouwe groep kiezers groter maakt dan wordt voor hen de stap naar een andere partij steeds gemakkelijker en dat is wat er al gebeurd is de afgelopen drie verkiezingen. In zekere zin heeft het CDA die route al gevolgd, waarom zou de ChristenUnie dezelfde weg moeten gaan? Ter linkerzijde hadden we EVP en PPR die ook verdwenen zijn. Zolang het meerpartijenstelsel bestaat dat wij nu hebben, verdient de groep christenen, die je van mij confessioneel mag noemen, een eigen politieke partij als de ChristenUnie.
De CU is een orthodoxe partij. Als het dan gaat over het huwelijk, dan is dat een verbintenis tussen man en vrouw die niet door mensen ontbonden kan worden. Dat kan je zien als de visie van een exclusief groepje mensen. Klopt ook. Maar als je consequent doorredeneert is dan elke visie er een van een select groepje. De CU wil in de orthodox-christelijke traditie staan. Zowel katholiek als protestants kom je daar dezelfde visie op het huwelijk tegen. Dat is het heteroseksuele, monogame huwelijk. Wie het anders ziet mag vinden wat hij vindt, maar heeft dan op dit punt een visie die je als “vrijzinnig” kunt typeren. Dan is het niet gek dat dit niet past bij een orthodox-christelijke partij. Zelfde verhaal als wanneer ik met míjn visie op het huwelijk bij De Linker Wang (religieuze groep binnen GroenLinks) zou aankomen. Dat zou niet goed te verenigen zijn. Ik keur het homohuwelijk principieel af en zou daarmee nooit een functie kunnen vervullen bij D66. Op zich geen drama, denk ik. Het punt bij de CU is echter wel, en daarin ben ik het met Bart eens, dat het standpunt zo vaag is, eigenlijk was het voor zowat iedereen een onbevredigende uitkomst.
@ Remco,
Hoezo keur je het huwelijk tussen twee mensen van hetzelfde geslacht af? Er is in Nederland geen homohuwelijk, er is gewoon een burgerlijk huwelijk dat is opgesteld voor twee mensen.
Dat de kerk nog niet door de bocht is, prima! Maar je kunt de staat die van iedereen is niet verbieden of op laten leggen dat twee mannen of twee vrouwen kunnen trouwen.
Het burgerlijk huwelijk is een juridische aangelegenheid. Dat wat mensen samen afspreken kan ook weer ongedaan worden gemaakt. Prima als jullie in de kerk er nog een andere ceremonie tonen. Je moet wel dat onderscheid maken.
@bird: Dat is slechts jouw mening, beladen met jouw opvattingen vanuit jouw levensbeschouwing. Dat mag, maar ik “moet” verder helemaal niks.
@Remco van Mulligen: Het standpunt van de ChristenUnie zoals verwoord in het kernprogramma en het verkiezingsprogramma is zeker niet onduidelijk en komt overeen met jouw visie op het huwelijk. Ook de gedragscode verwijst naar het kernprogramma. De leden van de partij hebben zich op het congres in overgrote meerderheid achter dat standpunt geschaard. Het probleem is dat de vertegenwoordigers van onze partij in de media dat officiële standpunt niet meer durven/willen verwoorden. Dát veroorzaakt onduidelijkheid, niet het standpunt van de partij.
@Remco van Mulligen: Volgens Henk van Rhee is het de schuld van de vrijzinnige vrijgemaakten inderdaad, maar ik denk dat de ChristenUnie dubbelzinnig is over het lidmaatschap van homoseksuelen, omdat de partij bang is voor negatieve publiciteit.
@Ewout: Dat is niet logisch want juist die dubbelzinnigheid levert negatieve publiciteit op.
Waar zei Van Rhee trouwens iets over vrijzinnige vrijgemaakten? Denk niet dat je die mensen zomaar over één kam kunt scheren. Maar er is daar onmiskenbaar een groep die ervan houdt om lekker overal tegenaan te schoppen.