Er zijn landen waar men het liefst zo min mogelijk aandacht aan schenkt om een gerust gemoed te behouden. Eén van die landen is de ‘Democratische’ Republiek Congo, één van de meest ellendige landen ter wereld, een schoolvoorbeeld van conflict en uitbuiting. Iedere poging om daar een stukje sociale gerechtigheid te bewerkstelligen lijkt direct de grond in geboord te worden.
Dit jaar viert Congo 50 jaar onafhankelijkheid van België maar het valt te betwijfelen of er wel iets te vieren valt. Kort na de onafhankelijkheid, onder leiding van Premier Patrice Lumumba, die er niet voor terugdeinsde de gruwelen onder het kolonialisme te benoemen, leken de Congolezen het heft in eigen handen te willen nemen. Zijn eerlijkheid en ondernomen acties om van Congo één volk te maken werden niet op prijs gesteld, President Kasavubu zag hem het liefst verdwijnen. Na slechts vier maanden premierschap werd hij door zijn ‘bondgenoot’ en persoonlijk benoemde personeelschef van het leger bedrogen en met steun van de Belgen, die hun invloed zeker niet zonder slag of stoot overdroegen, om zeep geholpen. Die legerleider, Joseph Mobutu, greep daarna de macht en liet die tot 1997 niet meer uit zijn handen glippen.
Nu kun je verwachten dat een land met de gigantische omvang van Congo niet zomaar een eigen identiteit terugvindt na tijdenlange overheersing door een koloniale macht. In Congo lijkt die nationale identiteit echter in de verste verte nog niet gevonden te zijn en ook het recht op zelfbeschikking is van weinig betekenis voor de gemiddelde Congolees. Net als andere ontwikkelingslanden is Congo ten prooi gevallen aan zijn eigen rijkdom. Die rijkdom, bestaande uit zeer gewilde en kostbare mineralen wordt iedere dag bevochten, met name in de Oost Congolese provincie Kivu waar moord en verkrachting het leven voor velen ondraaglijk maakt.
Je zult wellicht denken: “Dat is allemaal heel triest maar wat heb ik hier mee te maken?” Het trieste is dat we hier allemaal mee te maken hebben omdat we allemaal afhankelijk zijn van de rijkdom die Congo ons biedt. Het gebruik van onze mobiele telefoon en PC wordt mede mogelijk gemaakt door de mineralen tin, tantalium en wolfraam. Deze mineralen worden in grote getale uit de Oost Congolese provincie Kivu geïmporteerd door hoofdzakelijk westerse landen. Diezelfde mineralen zijn hoofdbron van het voortdurende conflict in Congo. Dit is iets waar we op zijn minst bij stil mogen staan en bij voorkeur veel aandacht aan moeten schenken.


